Velociraptors in Den Haag; Sterren uit Jurassic Park op expositie in Museon

Museon, Stadhouderslaan 41, Den Haag. 30 april t/m 31 juli. Ma t/m vr 10-17u, za en zo 12-17u. Kinderen tot 5 jaar gratis, tot 12 jaar ƒ 7,50, volwassenen ƒ 12,50. Tussen Centraal Station en Museon rijdt een speciale Dinobus. Ook is op elk station een NS-Jurassic dagtocht te koop.

Mocht je niet naar de enge dinosaurus-film Jurassic Park? Geen nood! Nu kun je naar Jurassic Park - de tentoonstelling, die morgen om 12 uur in het Haagse museum Museon open gaat. Daar kun je op je gemak het leukste uit de film bekijken: de dino's. De levensechte modellen van de prehistorische monsters die ze voor de film gebruikten, zijn daar te zien, met daarbij stukjes film waarin diezelfde dieren voorkomen.

Dat de gehoornde plantenetende dino's, de Triceratops en haar jong, niet bewegen, is dus niet zo erg, je ziet ze op film bewegen. Hetzelfde geldt voor de gigantische en vriendelijke langnek, de Brachiosaurus, die boombladeren eet. En voor de gemene ster uit de film, de schurk zeg maar, de gevaarlijke, snelle vleeseter, de Velociraptor, die in de film uit het als veilig bedoelde pretpark breekt en mensen op wil eten. De kinderen weten gelukkig aan zijn verscheurende klauwen en vlijmscherpe tanden te ontkomen.

Aan die Velociraptors in de film zit een speciaal verhaal vast, dat op de tentoonstelling uit de doeken wordt gedaan. Om Jurassic Park enger te maken besloot filmer Steven Spielberg dat de film-Velociraptor groter moest worden dan de vrij kleine echte raptor, waarvan ze de botten in China hadden gevonden. Spielberg heeft de film-Velociraptor dus wat overdreven. Maar wat gebeurde er? Terwijl ze de film maakten, werden in Amerika, in de staat Utah, de resten van een groter broertje van de Chinese raptor gevonden. Dus Spielberg kreeg achteraf toch gelijk. Op de tentoonstelling in Den Haag is een echte scherpe klauw van die grote Utahraptor te zien.

Er zijn meer echte, miljoenen jaren oude overblijfselen van echte dino's te zien in het Museon, en kopieën van dino-skeletten. Zoals die van een Albertosaurus en Allosaurus (grote vleeseters) en Maiasaurus, de zogenaamde 'goede-moederhagedis'. Uit vondsten blijkt dat Maiasaurussen bij hun nesten bleven en hun jongen bemoederden. Verder is er een ei van een Allosaurus te zien, waarin echt nog een klein Allosaurusje zit. Dat kun je zien op een röntgenfoto. En het grootste dino-nest dat ooit gevonden is, met 21 versteende dino-eiëren van 120 miljoen jaar oud, is ook te zien in Den Haag.

Speciaal voor jonge dino-fans zijn er het openingsweekeinde, morgen en overmorgen, activiteiten. Je kunt je eigen dino-speelgoed, fossiele voorwerpen of wat voor dino-ding-dan-ook meenemen naar het Museon. Je kunt het laten zien aan een echte dino-deskundige, een paleontoloog, de Amerikaan Don Lessem, beter bekend als Dino Don. Aan hem kun je dingen vragen die je altijd al aan een dino-geleerde wilde vragen. Er zijn vertalers bij van het museum die de vragen en de antwoorden vertalen.

Ook kun je meedoen aan de speciale dino-ontwerpwedstrijd: je moet daarvoor iets, een gebruiksvoorwerp, ontwerpen met een dino er op of in de vorm van een dino. De inzender van het mooiste ontwerp wint een reis naar Londen. Morgen en overmorgen is er een speciale knutselhoek voor de dino-ontwerpwedstrijd.

    • Paul Steenhuis