Buiten het Binnenhof dreigt het water; Debuut over de deformerende werking van de politiek

Guikje Roethof: Drenkelingen. Uitg. Prometheus, 199 blz. Prijs ƒ 29,90.

Ook politici kunnen gek worden, of eerbiediger gezegd in de war raken. In De engel van Amsterdam heeft journalist Geert Mak een ontroerend portret opgenomen van een Amsterdamse politicus die na een betrekkelijk succesvolle carrière psychisch in het ongerede raakte. Maks Volkskrant-collega Jan Tromp maakte een onvergetelijk interview met een ex-staatssecretaris die bij vlagen denkt dat hij God is.

Twee voorbeelden van journalistiek die zich wegens de dramatische thematiek laten lezen als literatuur. Maar is er ook een roman over te schrijven? Guikje Roethof, tot voor kort parlementair journaliste van HP-De Tijd en nu parlementskandidaat voor D66 beschrijft in haar debuut Drenkelingen hoe een minister van milieuzaken tot waanzin wordt gedreven en in een psychiatrische inrichting belandt.

Het boek is opgezet als een journalistieke reconstructie van een politiek en persoonlijk drama, die zich laat lezen als een roman. Het is een fictief verhaal, geschreven in de vorm van de ideale reportage. Uiteraard is deze laatste kwalificatie niet helemaal eerlijk tegenover Roethofs voormalige collega's die niets mogen verzinnen en dus nooit aan zo'n ideaal verhaal komen. Maar Drenkelingen laat wel zien hoe journalistieke onderwerpen zich kunnen lenen voor literatuur. Roethofs stilistische en compositorische vermogens en haar gevoel voor drama zijn 'literair'.

Drenkelingen is geen sleutelroman. Het verhaal speelt zich af in de periode 1995-1996 ten tijde van het rooms-rode kabinet Borghart-Veeger. Hoe fictief ook, het geeft een realistisch beeld van een in zichzelf besloten Haags wereldje waar monomane politici, voorlichters en journalisten vergeten dat er buiten het Binnenhof ook leven bestaat. De ik-figuur, tevens verteller, is van plan een biografische studie te schrijven over de CDA-minister voor milieuzaken Harskamp, die in zijn gekte een watersnoodramp veroorzaakt in de Alblasserwaard en Drenthe. De uitgever van de journaliste voelt niets voor een gedegen archief-onderzoek. Hij wil een snel en vlot geschreven boek met 'human interest'. Er worden dus veel vrienden en kennissen van de minister geïnterviewd, de ervaren oud-hoofdredacteur van een progressief weekblad helpt haar op weg, collega-politici van de minister alsmede zijn voorlichter komen aan het woord en ook een gesprek met Harskamps geflipte dochter en haar vrienden uit de Amsterdamse kraakbeweging ontbreekt niet.

Het resultaat is een geloofwaardig portret geworden van een omhoog gevallen middelmatige CDA-politicus, die niet berekend is op zijn taak. Naarmate hij als milieu-minister meer in zichzelf en in zijn politieke missie gaat geloven, raakt hij minder opgewassen tegen de intriges van politieke tegenstanders, partijgenoten en journalisten die zijn beleid doorkruisen en hem publieke vernederingen bezorgen. Als ten slotte de verwoesting van het milieu in zijn visie gelijk opgaat met zijn eigen ondergang als politicus en hij het gevoel krijgt machteloos te staan tegen een dreigende natuurramp, wordt hij waanzinnig en zet (mooie metafoor) de sluizen open.

Roethof heeft het niet gelaten bij een pseudo-reportage over de ondergang van een minister. Haar roman gaat ook over de deformerende werking die pers en publiciteit op politieke gezagsdragers hebben, en vooral het instituut 'voorlichter' wordt daarbij niet gespaard. De schrijfster zet een vernietigend portret neer van voorlichter Wasserman, een volkomen inhoudsloze pr-figuur die alleen denkt in termen van 'beeldvorming' en geen enkele affiniteit heeft met welk politiek beleid dan ook.

Ook Roethofs eigen voormalige metier, de journalistiek, blijft niet buiten schot. Het weekblad Het Vizier, dat naar de ondergang van Harskamp toeschrijft, is overgenomen door een stel modieuze nep-journalisten dat meer in trends dan in cultuur geïnteresseerd is en van politiek al helemaal niets moet hebben.

Als een kenmerk van goede fictie is dat deze, vroeger of later, door de werkelijkheid wordt ingehaald, dan staat ons nog wat te wachten. Menige lezer van Drenkelingen zal trouwens in de verkiezingscampagne van de afgelopen weken al enkele overeenkomsten herkennen, zij het in het klein, met het drama dat Roethof beschrijft.

    • Elsbeth Etty