Na bosgeit nu ook nieuw hert in Vietnam ontdekt

Opnieuw is een nieuw groot zoogdier ontdekt in het ontoegankelijke regenwoud van Noord-Vietnam. Het gebied is glibberig en onbegaanbaar. 'Vreselijk, vreselijk', zegt ontdekker John McKinnon.

Nog geen twee jaar na de ontdekking van de wilde Vietnamese bosgeit, de Vu Quang Os, hebben biologen in het zelfde afgelegen natuurreservaat in Noord-Vietnam opnieuw een spectaculair zoogdier ontdekt, ditmaal een hert. Het is een Muntjak, door de trotse vinders de Reuzenmuntjak gedoopt _ het dier is zeker anderhalf maal zo groot als de grootste tot nog toe bekende muntjak (Muntiacus muntjak).

Zijn harige vacht is dieprood van kleur, de onderkant van de staart is wit. Hij draagt een vrij lang, iets naar voren gekromd gewei en weegt vermoedelijk zo'n 40 tot 50 kilo. Deze unieke vondst heeft wereldwijd veel opzien gebaard, want het gebeurt nog maar zelden dat onderzoekers een compleet nieuwe zoogdiersoort ontdekken. In de twintigste eeuw kwam dat, afgezien van de Vu Quang Os, maar vijf keer voor, laat staan tweemaal in hetzelfde bos.

Het Vu Quang natuurreservaat, tien uur rijden vanaf Hanoi over hobbelige wegen, wordt nu uitgekamd door medewerkers van het Vietnamese ministerie van bosbouw in samenwerking met het Wereld Natuur Fonds. Men hoopt er nog meer nieuwe diersoorten te ontdekken.

“Onze eerste ontdekking, twee jaar geleden, was puur toeval. Deze tweede keer was eigenlijk nog veel spannender, want nu waren we er echt naar op zoek”, vertelt expeditielid John McKinnon enthousiast. In het dagelijks leven is hij directeur van het Aziatisch Bureau voor Natuurbescherming. “Uit huiden en botten die we eerder in de dorpen in het reservaat hadden aangetroffen hadden we aanwijzingen gekregen dat er in dit gebied misschien nog een nieuw soort sambahert zou voorkomen, een langzaam sambahert. Daar waren we naar op zoek en dat hopen we ook nog steeds te ontdekken. Alhoewel _ misschien is het al uitgestorven, want alles wat langzaam is, is in de moderne tijd ten dode opgeschreven.”

Jachttrofeeen

“We trokken dus door de dorpen en bekeken er allerlei jachttrofeeen”, vervolgt hij. “In maart hadden de Vietnamezen overal strikken gezet voor de viering van het Chinese Nieuwjaar, waarbij veel vlees wordt gegeten. Na een maand, op de allerlaatste dag van onze expeditie, kregen we ineens door dat al die muntjakvellen die we hadden zien drogen, toch eigenlijk wel heel erg groot waren. Pas achteraf realiseerden we ons dat dit een nieuwe soort moest zijn,” aldus Mc Kinnon.

Met het wereldkundig maken van de vondst, vorige week op het hoofdkantoor van het Wereld Natuur Fonds in Geneve, werd gewacht totdat een genetische analyse van meegebrachte stukjes huid dit vermoeden had bevestigd. Dit DNA-onderzoek is uitgevoerd bij het Instituut voor Zoologie van de Universiteit van Kopenhagen. Hoe nauw het dier aan andere hertensoorten verwant is, moet nog nader worden uitgezocht. Zijn gewei is in elk geval duidelijk anders. Het meet zo'n 20 centimeter, dus een flink stukje langer dan dat van andere muntjaks, gekromd in plaats van teruggebogen, met veel langere bruine geweitakken en korte steeltjes. Anders dan bij andere herten ontbreken de plukjes haar aan de basis van het gewei.

Opvallend zijn ook de indrukwekkende hoektanden. Volgens Mc Kinnon zouden die hoektanden erop kunnen duiden dat het om een, evolutionair gezien, zeer oude diersoort gaat. Vermoedelijk zijn geweidragende herten vrij 'modern'. Oudere soorten _ nog steeds in termen van evolutie _ bezaten geen gewei, maar wel enorme hoektanden. De Reuzenmuntjak bezit beide.

Op de geologische tijdschaal bezien is de Himalaya een vrij jong gebergte. Over deze hellingen hebben allerlei nieuwe soorten zich verspreid. De flora en fauna van Noord-Vietnam zijn, net zoals bijvoorbeeld die van Noord-India, opvallend rijk omdat men hier zowel de 'nieuwkomers' van over de Himalaya als de meer antieke soorten van voor het ontstaan van deze bergketen aantreft. De Reuzenmuntjak behoort vermoedelijk tot die laatste groep. Vast staat wel dat ongeveer een half miljoen jaar geleden twee meer generalistisch ingestelde soorten muntjaks zich zeer sterk over de aardbol hebben uitgebreid. Verwante meer gespecialiseerde soorten zijn toen teruggedrongen naar uithoeken van de aarde.

Karpersoort

Tegelijk met de Reuzenmuntjak trof de expeditie ook een nieuwe karpersoort aan. Het Vu Quang reservaat bezit een ontzaglijke rijkdom aan zoogdieren, vogels, vissen, bomen en planten. Hier lopen nog olifanten en tijgers rond, verschillende soorten beren en de gaur, het wilde Aziatische rund. Er leven zo'n 300 soorten vogels en 70 soorten vlinders. Vu Quang is een wereld apart, afgesneden van de rest van Indochina en in de jarenlange oorlog min of meer gespaard gebleven. Een stukje paradijs op aarde? “Het was afschuwelijk, echt afschuwelijk” kreunt Mc Kinnon. “Een maand lang regen en nog eens regen, het hield maar niet op. Dat is het geheim van dit gebied, daarom leven hier zulke bijzondere, speciaal aangepaste diersoorten. Het terrein is bergachtig en ontzaglijk nat, met zeer steile hellingen die door de regen zo glad en glibberig worden dat je er nauwelijks kunt lopen. Daar zaten we dan in ons primitieve veldkamp onder een lekkend palmendak. Volgende keer wil ik een houten hutje!”

In zulk onherbergzaam terrein houden alleen specialistisch ingestelde diersoorten het uit. Over de Reuzenmuntjak is nog niet veel meer bekend dan dat het een herkauwer is, maar van de Vu Quang Os, die hier twee jaar geleden werd ontdekt, weet men dat hij over hele vreemde voeten beschikt waarmee hij gemakkelijk over deze glibberige hellingen kan lopen. Hij eet een scherpe, stekelige aloe _ bij ons wel bekend als kantoorplant _ die geen enkel ander dier kennelijk lust. De Vu Quang Os (Pseudoryx nghetinhensis, plaatselijk beter bekend als sao la,) is een nachtdier en buitengewoon schuw en zeldzaam. Voor zijn voortbestaan wordt gevreesd. De Reuzenmuntjak lijkt minder schuw en ook minder schaars. Twee expeditieleden vingen een glimp van hem op. “Zelf heb ik hem vermoedelijk in een flits gezien op onze vorige expeditie, maar toen stond ik er nog niet zo bij stil”, aldus Mc Kinnon. Inmiddels zijn enkele automatisch werkende camera's in het gebied geplaatst.

De expeditie trof negentien huiden van de Reuzenmuntjak aan _ tegen drie van de Vu Quang Os. Ze hingen te drogen in de dorpen. Het dier wordt bejaagd om zijn vlees en volgens de dorpelingen hoort hij, na het wilde zwijn, tot de meest gangbare jachtbuit. De bevolking van het gebied is arm en leeft vooral van de opbrengst van het bos en van de visvangst. Recent staat het gebied bloot aan ongebreidelde strooptochten en illegale houtkap.

“Wij zijn buitengewoon trots dat onze gezamenlijke expeditie deze nieuwe zoogdiersoort heeft ontdekt,” zei de Vietnamese minister van bosbouw Nguyen Quang Ha op een persconferentie bij het bekend maken van de nieuwe vondst. “De Vietnamese regering doet zijn uiterste best om het Vu Quang Natuurreservaat te beschermen. Het lijdt geen twijfel dat dit gebied voor endemische soorten (soorten die nergens anders voorkomen _ red.) van groot belang is.”

Sinds de ontdekking van de Vu Quang Os, heeft de Vietnamese overheid het reservaat uitgebreid van 16.000 naar bijna 60.000 hectare. Aan houtkap en jacht zijn beperkingen opgelegd. Het Wereld Natuur Fonds draagt bij aan de bescherming van het reservaat door wachtposten in te richten, bewakers te trainen en met de lokale bevolking te overleggen. Van het park geniet 38.000 hectare stricte bescherming, daarnaast is 18.000 hectare bestemd voor natuurherstelprojecten. Een bufferzone van 15.000 hectare is ingesteld om te zorgen dat de locale bevolking de kern van het reservaat ontziet.

Vietnam is een overbevolkt land, pas sinds een jaar of veertig is de bevolking dit onherbergzame gebied ingetrokken. Een deel van het land is al uitgeboerd en verlaten. Mc Kinnon: “Vooral het oostelijk deel van het park is de afgelopen jaren vrijwel geheel kaalgekapt. Daar groeit nu haast alleen nog bamboe. Wellicht zal dit gebied vooral gebruikt gaan worden om de lokale bevolking alternatieve bronnen van inkomsten op te leveren als er niet meer gejaagd mag worden.”

“Wij hebben ons bij de Vietnamese overheid beklaagd over de jachtdruk in het reservaat”, vervolgt hij. “De dorpelingen zijn straatarm, je kunt het ze niet kwalijk nemen. Zij hadden ook nog geen idee dat er een jachtverbod was ingesteld, dat was nog niet tot hen doorgedrongen. Ik kreeg wel de indruk dat ze nu minder openhartig en spraakzaam over hun jachtpraktijken waren dan tijdens eerdere expedities. Kennelijk voelen ze zich bedreigd.”

Voor het gebied is een natuurbeschermings- en ontwikkelingsprogramma opgesteld waarvoor de Nederlandse overheid financiele steun heeft toegezegd. Te denken valt aan agroforestry, een combinatie van bosbouw en landbouw, of aan kleinschalige rotanindustrie.

Verder wil men een verbindingszone aanleggen tussen dit reservaat en het binnenkort aan te wijzen 100.000 hectare grote Phu Mat Reservaat, dat zo'n 125 kilometer verder naar het noordwesten ligt, langs de grens met Laos, waar de Reuzenmuntjak wellicht ook leeft. Volgens niet bevestigde berichten heeft een expeditie van onderzoekers van de World Conservation Union (IUCN) in Laos hem daar in maart 1994 gesignaleerd. Het wachten is nu op een nieuw Sambahert.