Lobby Northwest leidde tot mislukking Alcazar

Delft Instruments ontdekte pas laat dat lobbyen bij ministeries in Washington hard nodig is om een einde te maken aan een Amerikaans embargo. De KLM kreeg steun van de Amerikaanse partner Northwest voor een luchtvaartverdrag tussen Nederland en Amerika. Wegens hetzelfde Northwest ontstond in het Congres grote oppositie tegen KLM's fusieplannen in het Europese Alcazar. Twee voorbeelden van het belang van de Washingtonse lobby voor Nederlandse bedrijven. Het tweede en laatste deel van een miniserie.

Het mislukken van de voorgenomen Alcazarfusie tussen KLM en drie andere Europese luchtvaartmaatschappijen vorig jaar is mede toe te schrijven aan grote politieke oppositie in het Amerikaanse Congres. Een week voor het afspringen van de onderhandelingen op 21 november vorig jaar verzocht afgevaardigde John Dingell, een van de machtigste Congresleden, aan de Amerikaanse minister van Transport, Frederico Pena, om het jonge verdrag over vrije luchtvaart tussen Amerika en Nederland te schrappen, als Alcazar doorgang zou vinden. Ook andere belangrijke Congresleden maakten zich zorgen over de Europese gigant in wording.

Terwijl de KLM vorig jaar met haar concurrenten Swissair, SAS en Austrian Airlines onderhandelde over de megafusie Alcazar, verzamelde zich in Washington de oppositie. Dingell en twee andere Congresleden zagen in dat hun troetelkind Northwest, sinds 1989 partner van de KLM, buiten de boot dreigde te vallen, als de nieuwe combinatie een andere Amerikaanse luchtvaartpartner, het aan Swissair gelieerde Delta, zou kiezen. Als dat zou gebeuren zou de KLM haar belang van 20 procent in Northwest verkopen. Daarmee zou de Nederlandse maatschappij de toekomst van de vierde grootste luchtvaartmaatschappij van de VS in groot gevaar brengen. Andere financieel sterkere luchtvaartmaatschappijen vreesden bovendien oneerlijke concurrentie van de nieuwe Europese gigant.

Het financieel noodlijdende Northwest bevond zich bij het begin van de Alcazaronderhandelingen net in een kritieke fase van haar voortbestaan. De directie had nieuwe concesssies gekregen van de vakbeweging in de verwachting dat de kostenverlaging de kredietwaardigheid bij de banken en obligatiehouders zou verhogen. Desertie van de voornaamste aandeelhouder zou de toekomst van de tiende grootste luchtvaartmaatschappij ter wereld erg onzeker maken.

De alom gevreesde en machtige Afgevaardigde John Dingell was de meest formidabele tegenstander van Alcazar. Zijn district ligt ten Westen van Detroit, in de buurt van het vliegveld, een van de drie grote vliegknooppunten van Northwest. Hij is het geheime politieke wapen van Northwest. Veel van zijn kiezers werken voor Northwest, als grondpersoneel of in de vliegtuigen. Dingell is voorzitter van de Commissie voor Energie en Handel, door zijn toedoen een van de sterkste commissies in het Huis.

Toen Dingell er (waarschijnlijk via de lobbyisten van Northwest) lucht van kreeg dat de onderhandelingen over Alcazar een climax bereikten, schreef hij een boze brief naar de minister van Transport, Frederico Pena. “Alcazar is een grove poging van de Europeanen om een handels- en mededingingsmilieu te creëren dat vijandig staat tegenover luchtvaartmaatschappijen die het hoofd boven water moeten houden”, aldus Dingell. “Het bedreigt de competitieve beginselen van het Amerikaans-Nederlandse verdrag voor vrije luchtvaart. Het geeft aanleiding tot belangrijke antikartelvraagstukken. We willen duidelijk maken dat we niet tolereren dat een verdrag wordt omgesmeed in een wapen dat tegen onze eigen binnenlandse luchtvaartmaatschappijen wordt gebruikt. Wie ook de Noordamerikaanse partner wordt, de Verenigde Staten zullen onmiddellijk de Amerikaans-Nederlandse overeenkomst moeten opzeggen. Verder dring ik er bij u op aan alle maatregelen te nemen die ons ter beschikking staan. Het Alcazarconsortium verdient erkenning noch consideratie van de Amerikaanse regering.”

Die brief zat. Een week later haakte de directie van de KLM af in de onderhandelingen met de Alcazarpartners. De voorzitter van de Senaatscommissie voor luchtvaart, in rang de op één na belangrijkste Democraat, Senator Wendell Ford, was gealarmeerd. De voorzitter van de commissie voor luchtvaart in het Huis van Afgevaardigden, James Oberstar, hield eveneens een scherp oog op de buitenlandse concurrentie. Bovendien ligt de hoofdzetel van Northwest in zijn deelstaat Minnesota. Oberstar heeft Northwest geholpen met 840 miljoen dollar deelstaatfinanciering voor nog te bouwen onderhoudsfaciliteiten voor Northwest in Minnesota. Een terugtrekking van de KLM zou dat allemaal op losse schroeven zetten.

Voor Nederland en de KLM stond veel meer op het spel dan voor de andere drie deelnemende luchtvaartmaatschappijen. Opzegging van het luchtvaartverdrag ('open skies')zou het speciale voordeel van Schiphol aantasten. Als de ingewikkelde fusie halverwege zou mislukken, had Nederland niet alleen het luchtvaartverdrag verloren maar was er voor de KLM ook geen weg terug naar Northwest. Swissair zou daarentegen rustig met Delta kunnen voortgaan en zou en passant een belangrijke concurrent hebben uitgeschakeld.

Northwest had Nederland en de KLM bijgestaan bij de onderhandelingen over de voor Nederland belangrijke 'Open Skies Agreement' met de Verenigde Staten, dat in de zomer van 1992 tot stand kwam.

Het was een ongelijke ruil in het voordeel van Nederland. Amerikaanse luchtvaartmaatschappijen kregen de beschikking over de Nederlandse luchthavens, van Eelde, Amsterdam tot Maastricht, terwijl voor de Nederlandse luchtvaartmaatschappijen heel Amerika, van New York tot Los Angeles en Anchorage open kwam te liggen. De steun van Northwest was van groot politiek belang voor het tot stand komen van dit verdrag. Als een nieuw Europees Alcazar zich met Delta zou inlaten, zou Northwest deze hulp voor niets hebben geboden.

Inmiddels heeft KLM in Washington krachtige politieke steun van Northwest gekregen. Northwest is financieel niet gezond maar maakt winst en levert veel nieuw werk op voor de KLM. “Als de KLM had gekozen om Northwest te verlaten voor Alcazar dan was dat niet goed geweest voor Northwest. Maar het was ook geen goede zaak voor de KLM”, zegt Northwest-lobbyist Elliot Seiden.

De samenwerking tussen de KLM en Northwest gaat zo ver dat de Raad van Commissarissen van Northwest haar volgende vergadering in Amsterdam houdt. Drie van de vijftien commissarissen komen van de KLM. Inmiddels heeft de KLM het recht gekregen om in 100 Amerikaanse steden te mogen landen, rechtstreeks of via één ticket voor Northwest en KLM. “Voor de Atlantische routes is ons commerciële belang nu het zelfde als ons politieke belang”, besluit Seiden.