Grote politieke partijen: 'Meer kunstengeld'

ROTTERDAM, 28 APRIL. De vijf grootste politieke partijen willen in het nieuw te vormen regeerakkoord meer geld beschikbaar stellen aan de kunstsector. Ook zijn ze voor invoering van een 'basisfonds' voor bijstandskunstenaars. Dit blijkt uit reacties van de cultuurwoordvoerders van CDA, PvdA, VVD, D66 en GroenLinks op de open brief die de Raad voor de Kunst begin deze week aan de toekomstige formateur stuurde. Daarin vroeg de raad om 65 miljoen gulden toe te voegen aan het bestaande kunstbudget van 400 miljoen.

CDA-woordvoerder M. Beinema is het meest voorzichtig over een verruiming van het budget voor kunst. “Tijdens de besprekingen voor het regeerakkoord moet blijken of er extra geld beschikbaar is. Maar de argumenten van de Raad voor extra geld zijn valide.” J. van Nieuwenhoven (PvdA) wil ook geen concrete bedragen noemen, maar verwacht het verzoek van de Raad voor een deel te kunnen honoreren. De VVD denkt 40 tot 50 miljoen extra te kunnen besteden aan de scheppende kunsten en de monumentenzorg samen. D66 wil aan beide sectoren ongeveer 100 miljoen extra te kunnen spenderen. GroenLinks wenst in een nieuw regeerakkoord een verhoging van het kunstbudget met minimaal 40 miljoen gulden.

KUNST IN DE PARTIJPROGRAMMA 'S

CDA

Geestelijke vrijheid en ontplooiing en het cultureel erfgoed vragen, in een tijd van toenemende commercialisering, om bijzondere zorg. Het economisch belang mag in de kunst en cultuur, bij uitstek een terrein waarbij pluriformiteit tot zijn recht moet kunnen komen, niet overheersend zijn. Het belangrijkste criterium voor de ondersteuning van kunst zijn kwaliteit, verscheidenheid en sociale en geografische speiding. Omdat de overheid zich geen oordeel aanmatigt over kunst, wordt beoordeling overgelaten aan de Raad voor de Kunst en de besturen van fondsen. Publieksparticipatie moet gestimuleerd worden. Aan de kunstopleidingen moeten hogere eisen worden gesteld.

PvdA

Kunst moet deel uitmaken van de bloei van de burgerlijke beschaving. De cultuurpolitiek staat in het teken van voortgaande emancipatie en ontvoogding van het individu. Uniformerende en nivellerende tendensen vragen om een scheppend tegenwicht, waarbij 'moeilijke' opvattingen en afwijkende meningen een institutionele bescherming nodig. Uitgangspunten voor het kunstbeleid zijn behoud van bestaande kunst en vernieuwing. Ook moet er aandacht zijn voor amateuristische uitoefening van kunst. Jongeren moeten zonder een noemenswaardige financiële drempel toegang krijgen tot uiteenlopende kunstvoorzieningen. Van volwassen burgers kan een behoorlijke bijdrage aan de kosten van cultuur worden gevraagd, maar de toegankelijkheid moet voor iedereen gewaarborgd blijven.

VVD

Kunst en cultuur verdienen een voorwaardenscheppend en activerend beleid. Velen vinden hun ontplooiing in uitingen van kunst en cultuur en daarin moet geïnvesteerd worden. Op de scheppende kunsten moet niet worden bezuinigd. De culturele erfenis, die deel uitmaken van onze nationale identiteit, moet worden beheerd en behouden. Het ontwikkelen van cultuurbesef en het bevorderen van actieve en passieve deelname aan de cultuur is van het grootste belang voor ontplooiing van de burger en de samenleving. Cultuurpolitiek blijft, binnen de Europese Unie, het primaat van de lidstaten. In het onderwijs moet daarom meer aandacht komen voor Nederlandse taal en cultuur

D66

Kunst is geen randverschijnsel, maar hoort thuis in het hart van de samenleving. In een maatschappij die haar samenhang dreigt te verliezen, is kunst een machtig middel voor het vinden van nieuwe vormen van verstandhouding tussen mensen. Uitgangspunt van het kunstbeleid is te komen tot een grote en bloeiende verscheidenheid. Een wezenlijke taak voor de overheid is het scheppen van ruimte waarin de kunst zich kan ontplooien. Vooral de positie van jonge kunstenaars en nieuwe gezelschappen verdient aandacht. Op rijksniveau is een extra impuls nodig voor monumentenzorg. Stadsbesturen moeten meer ruimte krijgen voor een actief cultuurbeleid. Van kunstenaars en kunstinstellingen mag een extra inspanning worden gevraagd op het gebied van publieks- en inkomstenwerving. Dit mag echter niet leiden tot te hoge toegangsdrempels of verlaging van de artistieke standaard.

GroenLinks

Kunst en cultuur dragen bij aan de ontplooiing van emancipatie van individuen en groepen. De uiteindelijke waarde van kunst en cultuur ligt in de verrijking van het leven en daarom moet iedereen eraan mee kunnen doen. Uitgangspunten van het kunstbeleid zijn toegankelijkheid, spreiding en pluriformiteit. Prioriteiten bij een ruimer kunstbudget zijn projecten in de podiumkunsten en vergroting van de mogelijkheden voor scheppende kunst. Concentratie van geld en voorzieningen in de Randstad wordt voorkomen.