Geldmarktrente-ecart smelt weg

AMSTERDAM, 27 APRIL. De zojuist afgesloten contingentsperiode heeft een rustig einde gekend.

Donderdag, op de laatste dag van de contingentsperiode, bleken de gezamenlijke banken nog 2,8 punt ruimte te hebben op het totaal toelaatbare beroep. Door de tijdelijk ruime geldmarktverhoudingen daalde de daggeldrente woensdag en donderdag tot 4,75 procent. Inmiddels ligt de 'call' weer op 5,4 procent. De nieuwe contingentsperiode kent zoals gebruikelijk een looptijd van 3 maanden (22 april - 22 juli). Gedurende deze periode mogen de banken gemiddeld 4,3 miljard gulden tegen de vigerende voorschotrente 'trekken' op het contingent. De geldmarktrentes met een langere looptijd bleven in de afgelopen week nagenoeg stabiel. Zo moest vanochtend voor driemaands interbancaire deposito's 5,35 procent worden betaald, tegen 5,38 procent vorige week woensdag. Omdat de termijnen in Duitsland wel een dalend verloop lieten zien, mede als gevolg van tweede achtereenvolgende relatief forse verlagingen van de Repo-rente met in totaal 0,23 procentpunt (tot 5,47 procent), liggen de Nederlandse tarieven nu nog maar een fractie onder de Duitse niveaus. Het Duitse driemaands interbancaire tarief noteerde vanochtend 5,45 procent. Dat de zogenaamde 'spread' in de laatste maanden fors is teruggelopen, is te wijten aan een aantal factoren. De onzekerheid rond de Nederlandse verkiezingen en de zwakte van de dollar hebben ertoe geleid dat de gulden iets zwakker is geworden ten opzichte van de mark (DM-koers vanochtend 1,1240 gulden). Dit beperkt de ruimte voor DNB om de beleningsrente in dezelfde mate neerwaarts aan te passen als de Duitse Repo-rente. Daarnaast eist de herberekening van het Nederlandse prijsindexcijfer zijn tol. Hierdoor is het inflatieverschil tussen Duitsland en Nederland fors gekrompen. Zojuist bekend geworden 'deelstaatcijfers' duiden erop dat de Duitse inflatie in april mogelijk is gedaald naar 3,1 procent (maart: 3,2 procent). Het laatstbekende Nederlandse inflatiecijfer bedroeg daarentegen 2,9 procent (maart). Overigens zal deze voortgaande vertraging van het Duitse inflatietempo waarschijnlijk onvoldoende aanleiding vormen voor de Bundesbank om morgen de officiële tarieven omlaag te brengen. Het jongste Duitse geldgroeicijfer van 15,2 procent (voorlopig cijfer over maart) lijkt een dergelijke stap in de weg te staan.

Getuige de bijgevoegde weekstaat van DNB is het saldo van 's Rijks schatkist in de verslagweek geslonken tot praktisch nul. Omdat in het kader van 'Maastricht' het Rijk niet meer kan terugvallen op DNB, moest zij een beroep doen op de banken. De komende dagen zal het saldo van 's Rijks schatkist weer kunnen oplopen. Ten eerste kan de staat de komende dagen de reguliere eindemaands belastinginkomsten tegemoet zien. Daarnaast zal de komende dagen totaal 755 miljoen gulden worden gestort in het kader van de vervolguitgifte van de 30-jarige staatslening respectievelijk in het kader van de storting op nieuwe NBC's. De geldmarktverkrappende werking hiervan wordt gecompenseerd door een verlaging van de kasreserve van 24,1 miljard gulden tot 18,0 miljard gulden.

Bron: Economisch Bureau ING Bank