Surplus is niks teveel

Surplus, mei/juni 1994. 33 blz.ƒ5,50

Het tweemaandelijkse tijdschrift over literatuur van vrouwen Surplus lijkt in financiële problemen te raken. Het mei/juninummer bevat een klemmende oproep om voor donaties of nieuwe abonnees te zorgen. Als Surplus echt in zijn bestaan bedreigd wordt moeten de subsidieverstrekkers zich misschien nog maar eens achter de oren krabben (en over het hart strijken), want er zou in Nederland toch plaats moeten zijn voor een blad dat oppakt wat Opzij voor een te groot deel laat liggen: de literatuur.

Surplus combineert een onmiskenbare mate van gestudeerdheid met een ontspannen, plezierige schrijfstijl - wat het blad in gunstige zin onderscheidt van het zo zwaar verteerbare 'tijdschrift over feminisme, cultuur en wetenschap' Lover. Met een twintigtal recensies per aflevering, een vaste poëzievertaalprijsvraag, korte essays, aandacht voor vrouwen in de media en de wetenschap, en een héél klein beetje oorspronkelijk werk, is Surplus een welkome aanvulling op de 'gewone' literaire pagina's in dag- en weekbladen.

'Ligt Bohemen weer aan zee?' - het lentenummer gaat speciaal over de nieuwe Tsjechische romanliteratuur. Kunderavertaalster en dichteres Jana Beranova: “In Midden-Europa wonen dramatische volkeren, volkeren die voortdurend het hoofd hebben moeten bieden aan rampen en oorlogen. Dat leidt tot een gezamenlijke achtergrond, een soort collectief geheugen. Wij hebben bijgevolg meer oog voor drama. Jullie schrijven beperkter, over hele kleine, alledaagse dingen. Jullie willen je klein opstellen. (-) Het kan ons Midden-Europeanen niet schelen als we overdrijven.”

    • Margot Engelen