Politiek is spoor bijster over ouderenzorg

Ouderen hebben de traditionele partijen bij de gemeenteraadsverkiezingen op grote schaal in de steek gelaten.

Onder aanvoering van de ouderenbonden (samen bijna een half miljoen leden) dreigen ze dat op 3 mei weer te doen. Veel ouderen zijn bang dat de AOW op de tocht staat. Maar de AOW blijft, daarover laten de politieke partijen geen misverstand bestaan. GroenLinks belooft de 65-plussers zelfs tien procent extra AOW. D66 maakt een voorbehoud: de AOW en het pensioen kunnen alleen blijven bestaan als nu meer banen worden gecreëerd. Meer premiebetalers zijn nodig om deze collectieve voorzieningen te kunnen betalen. Het CDA moest een tour de force uithalen om bij haar eigen 65-plus-achterban de onrust weg te nemen die het standpunt over de AOW in het verkiezingsprogramma veroorzaakte. Om in de volgende kabinetsperiode ongeveer negen miljard gulden te kunnen bezuinigen, wil het CDA de sociale uitkeringen, inclusief de AOW, de komende vier jaar bevriezen. Nadat de CDA-voorzitter was geofferd en beloofd was dat het koopkrachtverlies voor AOW'ers gecompenseerd zou worden, luwde het ouderenprotest enigszins.

Eenstemmigheid is er in de verkiezingsprogramma's over de wenselijkheid dat ouderen zoveel mogelijk zelfstandig moeten kunnen blijven wonen. Nieuw zijn de pleidooien over de gehele linie voor de mogelijkheid om eerder of later met pensioen te kunnen gaan (flexibele pensionering). De vervroegde uittredingsregeling (VUT) heeft volgens de meeste partijen zijn langste tijd wel gehad. Voor verhoging van de pensioengerechtigde leeftijd zijn de geesten nog niet rijp, hoewel de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid nog niet zo lang geleden adviseerde om een discussie daarover lange tijd voor de feitelijke verhoging politiek te voeren.

De toekomst van de ouderenzorg hangt voorlopig nog van onzekerheden aan elkaar. De politiek is het spoor bijster. Een mededeling daarover die de Stuurgroep Experimenten Volkshuisvesting (SEV) in februari deed, is tekenend voor de huidige situatie: “De SEV heeft sinds 1991 een aantal experimenten ondersteund met nieuwe combinaties van zelfstandig wonen en zorg voor ouderen, de zogenaamde woonzorgprojecten. Na overleg met de bewindslieden van VROM en WVC heeft de SEV de verdere ontwikkeling van dit experimententhema voorlopig gestaakt, gegeven de heersende politieke onduidelijkheid.”

De Commissie Modernisering Ouderenzorg onder voorzitterschap van de Eindhovense burgemeester Welschen zal over een maand, in opdracht van minister d'Ancona (WVC), de richting aangeven die politici op het gebied van ouderenzorg en -huisvesting het beste kunnen koersen. In afwachting daarvan beschrijven de politieke partijen de oplossingen voorlopig in algemene termen. Over één ding zijn ze het eens: er is meer geld nodig voor ouderenhuisvesting en ouderenzorg. De traditionele bejaardenoorden hebben hun langste tijd gehad. In de overgang naar nieuwe woonzorgvormen zal de komende jaren nog een groot aantal bejaardenhuizen worden gesloten. De krasse knarren van vaak 80, 90 jaar die als gevolg daarvan nòg eens moeten verhuizen, een noodgedwongen vertrek uit de 'vertrouwde, eigen omgeving', hebben ook wat dat betreft geen enkele boodschap meer aan de grote politieke partijen.

    • Ward op den Brouw