Kinkel en Hurd: samen voor uitbreiding EU

BRUSSEL, 26 APRIL. Duitsland en Groot-Brittannië hebben de rijen weer gesloten na het hoog opgelopen conflict over de stemverhouding in de ministerraden van de EU. Die conclusie kan worden getrokken uit een gezamenlijk artikel dat de Britse ministers van buitenlandse zaken, Douglas Hurd, en zijn Duitse ambtgenoot Klaus Kinkel, vandaag hebben gepubliceerd in The Times en de Süddeutsche Zeitung, waarin de noodzaak van uitbreiding van de EU en de NAVO richting Midden- en Oost-Europa wordt onderstreept.

Inhoudelijk melden de beide ministers niet zoveel nieuws - per slot van rekening heeft zowel de EU als de NAVO al de bereidheid uitgesproken om nieuwe lidstaten toe te laten - maar opvallend is wel de gezamenlijke ondertekening. Morgen zullen de Duitse bondskanselier Kohl en de Britse premier Major elkaar ontmoeten en ook beide regeringsleiders zullen ongetwijfeld niet nalaten de boodschap uit te dragen van eensgezindheid.

Binnen de Europese Unie hebben Duitsland en Groot-Brittannië ieder zo hun eigen belang bij uitbreiding van de EU. Duitsland vanwege zijn centrale positie in Europa en Londen om in een 'brede' en 'losse' Unie de individuele lidstaten een zo groot mogelijke vrijheid te laten behouden.

Toetredingsonderhandelingen met Noorwegen, Zweden, Finland en Oostenrijk liepen afgelopen maand evenwel uit op een bijna-crisis. Groot-Brittannië en Spanje weigerden akkoord te gaan met het voorstel om de drempel voor een blokkerende minderheid in de Europese ministerraden na de beoogde uitbreiding op 1 januari 1995 op te hogen van 23 naar 27 stemmen. Londen leek zelfs bereid daarvoor de uitbreiding op losse schroeven te zetten, maar uiteindelijk werd in het Griekse Ioannina een compromis gevonden.

Vooral de Duitse minister Kinkel heeft tijdens de uitbreidingsonderhandelingen alles op alles gezet om de vier kandidaat-lidstaten binnen boord te halen. Bonn was dan ook alles behalve 'amused' met de houding van de Britse regering, ingegeven door de vrees van Major voor de 'Euro-sceptics' in zijn partij.

Maar nu de onderhandelingen zijn afgerond, hechten Bonn en Londen er kennelijk aan om de buitenwereld te tonen dat beide landen dezelfde “visie” hebben op een uitgebreide EU en NAVO. “Wie kan ontkennen dat Warschau of Riga, Boedapest, Praag of Ljubljana Europese steden zijn? De opdracht in de jaren negentig, voor Groot-Brittannië en Duitsland, is om die culturele realiteit om te zetten in een politieke realiteit”. Tijdens het voorzitterschap van Duitsland van de EU in de tweede helft van dit jaar zullen kosten nog moeite gespaard worden om de oosterburen dichterbij te brengen. Daar zijn de bewindslieden het over eens.

    • Wim Brummelman