ILO-jaarverslag somber over werk

GENEVE, 26 APRIL. De Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) is somber over de wereldwijde ontwikkelingen op de arbeidsmarkt.

In het vandaag gepubliceerde jaarverslag zegt de ILO alleen in China en Zuid-Oost Azië lichtpuntjes te zien, elders in de wereld is er sprake van een teruglopende werkgelegenheid. Het meest somber is de ILO over de ontwikkelingen in de voormalige Sovjet-Uie en Oost-Europa. Hoewel hier de afgelopen jaren veel nieuwe banen zijn gecreëerd (vooral in de dienstensector) wordt deze positieve trend vrijwel volledig teniet gedaan door de sterk dalende produktiviteit en een negatieve economisch groei. De ILO signaleert in zijn jaarverslag een verschuiving van de “ouderwetse vaste baan” naar 'informele' arbeid. In sommige ontwikkelingslanden heeft nu al meer dan de helft van de beroepsbevolking geen vaste baan meer, maar werkt op eigen houtje en meestal zonder sociale bescherming. Eem opmerkelijk manco in het jaarverslag van de ILO is de situatie op het gebied van de vakbondsrechten in de wereld. “Daaraan hebben we vorig jaar al veel aandacht besteed”, aldus vanmorgen een woordvoerder van de organisatie. Veel aandacht is er daarentegen voor de ontwikkelingen van nationale en internationale organisaties van werkgevers, die vooral in de voormalige communistische landen van Oost-Europa sterk in opkomst zijn.