'We beslissen samen en Jan is onze leider'; Profiel van Jan Marijnissen

De Socialistische Partij (SP) komt op 3 mei waarschijnlijk voor het eerst in haar 25-jarig bestaan in het parlement. De partij wordt geleid door Jan Marijnissen, de leider van de pragmatische factie der 'Ossenaren' die in de jaren tachtig de macht in de partij overnamen. “Een moedige en aardige man met een grote verbale begaafdheid” zegt de een. “Marijnissen is keihard”, zegt een partijgenoot.

Jan is een natuurtalentje, zegt een oud-SP'er. “Hij kwam nog maar net kijken en was al meteen politiek commissaris voor Oss. We hebben hem toen vreselijk getreiterd. Onder meer dat zijn stad de meeste NSB'ers telde in de oorlog.”

Ruim vijftig jaar na de oorlog en vijfentwintig jaar na de eerste schreden van Jan Marijnissen in de partij, telt de Brabantse industriestad de meeste SP'ers in Nederland. De partij is de grootste in de raad, gegroeid van drie zetels in 1978 naar twaalf nu. De politieke tegenstanders van de Socialistische Partij in de Osse raad, waar Marijnissen 17 jaar fractievoorzitter was, aarzelen niet dit succes vrijwel geheel aan zijn persoon toe te schrijven. Bij de laatste gemeenteraadsverkiezingen waaraan hij als lijsttrekker meedeed, kruiste 72 procent van de SP-stemmers zijn naam aan.

Minder succesvol was Marijnissen als landelijk lijsttrekker van de SP bij de Kamerverkiezingen in 1989. De partij haalde toen onvoldoende stemmen voor een zetel. Een verband tussen een landelijke 'doorbraak' nu van de SP en het lijsttrekkerschap van Marijnissen, wil Remi Poppe, nummer twee op de lijst van de SP bij de komende Tweede-Kamerverkiezingen, dan ook niet niet leggen. “De overgang van Marijnissen naar de landelijke politiek was voor de partij een logische stap”, zegt hij. “We doen niet aan mannetjesmakerij bij de SP. We doen alles samen. We praten samen, we beslissen samen en Jan is gewoon onze leider. Beter kan ik het niet samenvatten.”

“Jan Marijnissen heeft uitgesproken leiderschapscapaciteiten”, zegt burgemeester E.P. van Veldhuizen van Oss. “In de raad was hij in bijna elk opzicht de eerste man. Hij stak, met alle respect voor de huidige fractievoorzitter van de SP, overal bovenuit. Hij is gedreven, heeft en grote kennis van zaken en is welbespraakt. Hij wist zijn mensen te enthousiasmeren en bracht met moed zijn politieke ideeën naar buiten. En hij is een echte Ossenaar. Hij kent deze kleine stad, die toch een van de meest industriële in Nederland is, op zijn duimpje.”

Van Marijnissen zijn maar weinig biografische gegevens publiek. Een handjevol publikaties maakt melding van zijn voorzitterschap van de SP vanaf 1988 en van een verkiezing in de Brabantse Provinciale Staten kort daarvoor. En het gemeentesecretariaat van Oss diepte uit de archieven een kranteknipsel op uit 1931, waaruit blijkt dat een grootvader van Marijnissen in dat jaar voor de RKSP in de Osse raad werd gekozen met 183 stemmen. De lijsttrekker zegt dat pas te weten te zijn gekomen toen hij zelf in de Osse raad kwam. Oudere ambtenaren hebben hem er volgens zijn zeggen op gewezen dat zijn andere grootvader zelfs enige tijd wethouder in Oss was geweest.

Marijnissen werd in Oss geboren in 1952, als zoon van een ambtenaar en lid van wat in Oss genoemd wordt “een hele nette familie”. Zijn vader, die niet zo politiek 'minded' was, overleed toen hij vijf jaar oud was. Hij werd op kostschool gedaan, eerst bij de Karmelitessen, later bij de Norbertijnen in Oldenzaal. Zijn 'engagement', zoals hij het zelf noemt, groeide aan het eind van de jaren zestig op het Titus Brandsma Lyceum in Oss, waar hij HBS-A deed. Hij deed mee aan een scholierenprotest, lette te weinig op bij boekhouden en werd van school gestuurd. Vlak voor zijn eindexamen kreeg hij genoeg van handelsrekenen en ging werken. Eerst in een ijsfabriek, later in een worstfabriek. Hij haalde het B-diploma in metaalconstructie en vanaf 1975 diverse diploma's metaallassen.

Hij was toen al toegetreden tot de SP, na enige jaren actief te zijn geweest bij een 'vredesburo' dat geld ophaalde voor de Derde Wereld. Volgens Marijnissen brak in het 'buro' een richtingenstrijd uit. Met een aantal andere jongeren vond hij dat de problemen niet met geld, maar met politieke actie de wereld uit moesten worden geholpen. Hij oriënteerde zich op politieke partijen en de SP bleek het meest aan zijn egalitaire en marxistische ideeën te beantwoorden.

“Ik herinner me Marijnissen als een jong en springerig partijlid uit Oss”, zegt de auteur Koos van Zomeren, vanaf 1970 vier jaar lang een zeer toegewijd lid van de SP. Hij keerde in 1975 de partij gedesillusioneerd de rug toe, moe van onder meer de 'sociale controle en druk'. “De macht in de partij lag toen in Nijmegen. De maoïstische opvattingen waren geworteld in intellectuele kringen. Er werd daar nogal dogmatisch gedacht. Marijnissen was de leider van de 'Ossenaren', de 'politiek commissaris' van die stad die deelnam aan de vergaderingen van het 'centraal comité'. Hij was weerbaar, niet makkelijk, maar hij had weinig onaangenaams. Hij behoorde zeker tot de leuke mensen. De 'Ossenaren' waren een tamelijk vrolijk stel. Ze waren veel pragmatischer, stonden veel dichter bij de gewone man op de straat. Ik denk dat dat ook de reden is dat de macht later naar hun is toegegaan.”

Duidelijk is dat waar de 'wereldrevolutie' in Nijmegen vaak bleef steken in holle retoriek, de Ossenaren hun betrokkenheid met het 'gewone volk' zoveel mogelijk trachtten om te zetten in daden. Nadat Marijnissen in 1975 in de raad van Oss werd gekozen, organiseerde de SP milieu- en huurdersacties en de partij stond pal achter stakingen. “Dat de revolutie niet doorging moeten zij ook hebben gezien”, zegt Van Zomeren. “Wat overblijft zijn acties die je lokaal kunt uitvoeren.”

Wethouder J. Cuppen (CDA), die zes jaar met Marijnissen in de Osse raad heeft gezeten, spreekt met waardering over de betrokkenheid van de partij. “De SP in Oss staat honderd procent achter de gewone man in de straat.” Maar het probleem van de innige band met de kiezers van de SP was dat de partij elke 'bestuursverantwoordelijkheid' uit de weg ging. “Wij hebben jarenlang geprobeerd de SP bij het bestuur de betrekken. Zij wilde het niet, want dan kon je natuurlijk niet meer die leuke dingen doen voor je kiezers. En ze waren altijd tegen. Als het tarief van de bibliotheek iets omhoog moest, waren zij tegen. Als de onroerend-goedbelasting iets omhoog moest, was de SP natuurlijk weer tegen.”

Volgens CDA-burgemeester Van Veldhuizen (“Als het CDA zich over zijn kiezers zou buigen als de SP dat doet, zouden wij veel minder problemen hebben”) was Marijnissen een belangrijke exponent van de SP-politiek in Oss. “Hij was een goede tacticus, gedreven, niet zonder humor. Zijn schaduwzijde was dat hij soms nogal zwart-wit dacht. Hij opereerde al zo lang vanuit de oppositie dat de alternatieven voor beleid die hij aandroeg een te eenvoudige voorstelling van zaken niet ontbeerde. Soms had ik echt de indruk dat de oppositie hem beklemde, dat hij toch de overstap wilde maken naar het bestuur. Maar vaak had ik dat gevoel ook helemaal niet.”

Dat Marijnissen de leider was van de SP in Oss stond buiten elke discussie. “De structuur van de partij is afgestemd op leiders”, zegt Van Veldhoven. “Er heerst een cultuur waarin leiders, als zij de gaven hebben, kunnen gedijen. Marijnissen beschikte over die gaven en daardoor heeft hij zich kunnen profileren.”

Enkele ex-SP'ers, die liever niet bij naam genoemd willen worden, verbazen zich er over dat Marijnissen “betrekkelijk laat” een carrière in de partij heeft gemaakt en pas in 1988 voorzitter is geworden. De ideologische overgang van Nijmegen naar Oss duurde kennelijk langer dan verwacht.

Een carrière in de partij vraagt opofferingsgezind en idealisme. Er moet persoonlijkheid worden getoond, maar tegelijkertijd eist de partij conformisme. “Je moet in de smaak vallen”, zoals een ex-SP'er het verwoordt. “En verder is een revolutie geen theekransje, zoals Mao eens heeft gezegd. Er wordt van een leider dus ook een zekere hardheid gevraagd.”

“De SP”, zegt Van Zomeren, “was in elk geval in het begin van de jaren zeventig een klassieke communistische organisatie met alle principes die daarbij horen, dus ook wat leiderschap betreft, dat bij één persoon rustte. Ik kan me heel goed voorstellen dat Marijnissen de tradities van dat leiderschap nog altijd met zich meedraagt.”

“Marijnissen is keihard”, zegt Remi Poppe. “ook voor zichzelf. Maar aan de andere kant is hij ook heel humaan. Hij houdt terdege rekening met anderen. Af en toe ziet hij de zwakheden van mensen niet meteen, maar dan zetten wij hem weer op het rechte pad.” Zijn verkiezing voor het voorzitterschap van de partij in 1988 was unaniem. “Er was niet zoals bij andere partijen veel gedoe met lobbyende kandidaten voor het voorzitterschap”, zegt Remi Poppe. “Wij praten dat altijd voor een partijverkiezing onderling uit. Marijnissen zat voordat hij voorzitter werd al in het landelijk bestuur. Hij stak met kop en schouders boven alle anderen uit.”

Er begon een andere wind te waaien in de partij. Lokaal was de partij succesvol geweest. De SP was van een 'gesloten kaderpartij' uitgegroeid tot een, zoals de SP'ers het zelf zeggen, “moderne en brede” partij en wat leden betreft de vierde van het land. Nu werd het tijd landelijk door te breken. In een portret van de lijsttrekker in het laatste nummer van het partijblad Tribune, wordt Jan Marijnissen daarbij een belangrijke rol toegedicht. “Oude etiketten werden op initiatief van Jan Marijnissen verwijderd”, schrijft het blad, “begrippen als menselijke waardigheid, gelijkwaardigheid en solidariteit kwamen centraal te staan in de politieke vocabulaire van de SP”.

“Marijnissen zag het belang van een landelijk karakter en benadrukte dat”, zegt Jan de Wit, advocaat in Heerlen en nummer drie op de lijst van SP voor de Kamerverkiezingen. “Met hem begon de partij standpunten in te nemen in zaken als de WAO, de Golfoorlog en andere grote kwesties en die uit te dragen via de gezaghebbende media, zoals de Volkskrant en NRC Handelsblad. Het is niet zo dat hij dat in zijn eentje heeft klaargespeeld, maar hij legde er wel de nadruk op. Zijn grote kracht bij dit alles was dat heel goed kan analyseren en ook heel snel een aardig standpunt kan formuleren. Hij heeft dan ook een grote bijdrage geleverd aan Handvest 2000, het nieuwe partijprogramma. Zijn belangrijkste drijfveer is zijn verwondering dat er zo veel in de maatschappij zonder verzet geslikt wordt. Een tweedeling in de samenleving is voor hem een dreigend spook.”

Voor Remi Poppe is Jan Marijnissen niet stuk te krijgen. “Jan is een hartstikke goeie gozer. De partij heeft een hoop aan hem te danken, maar dat is wederzijds. Wij werken elkaar samen omhoog. Zijn kracht is zijn analyse en zijn gedrevenheid.” “Dit werk doe je niet als niet gedreven bent”, zegt Van Zomeren. “Hij heeft aardig veel succes gehad in Oss. Dat helpt.”

Burgemeester Van Veldhuizen van Oss zegt Marijnissen met interesse in de Kamer te zullen volgen. “Hij zal zijn collega's van de andere partijen wel eens tegen zich in het harnas jagen, maar het is moedige en aardige man met een grote verbale begaafdheid, al neigde dat wel eens naar het demagogische. Wat ik jammer vond in Oss, is dat de SP nooit eens gevolg gaf aan de goede gewoonte in onze stad om na afloop van een raadsvergadering in het café een biertje te drinken met de collega's. Dat heb ik altijd een zwaktebod gevonden van een partij, die menselijkheid zo hoog in zijn vaandel draagt.”