Robuust modernisme in hart Berlage's heiligdom

Project: Woningbouw Victorieplein, Amsterdam. Architect; DKV, Rotterdam. Opdrachtgever: Woningbedrijf Amstel. Kosten: 3,9 miljoen. Ontwerp: prijsvraag 1990, definitief ontwerp 1992. Opgeleverd: 1994.

Zelfs voor Amsterdamse begrippen ging het woningbouwproject aan het Victorieplein in Amsterdam-Zuid met veel heisa gepaard. Het is een gevoelige locatie, aan één kant van de tweesprong bij J.F. Staals Wolkenkrabber en dus in het hart van Berlage's Plan-Zuid. Dit project is de eerste nieuwbouw die in dit sanctum sanctorum van de Amsterdamse stedebouw wordt ingevoegd. De architect die hier wil bouwen moet niet alleen beschikken over talent, maar ook over geduld en flink wat euvele moed. Dat heeft Paul de Vroom, architect bij het Rotterdamse bureau DKV en voor dit project verantwoordelijk, aan den lijve ondervonden.

Na het besluit een bouwvallig blok te slopen - de hele gordel uit de jaren 1920-1940 lijdt onder verzakking - schreef het Woningbedrijf Amstel in 1990 een prijsvraag uit met als motto 'Niet aangepast inpassen'. De jury, onder voorzitterschap van Pi de Bruijn, koos het plan van DKV als het beste. Maar de welstandscommissie weigerde het ontwerp goed te keuren. De commissie had bedenkingen over het materiaalgebruik, maar belangrijker nog waren de procedurele gronden. Als eerste nieuwbouwproject in Plan-Zuid zou dit een precedent scheppen, en het ging niet aan eerst een plan te kiezen en pas daarna de criteria op te stellen waaraan het kon worden getoetst.

Om uit de impasse te geraken is een commissie ingesteld van drie wijze mannen die veel weten van het werkstuk van Berlage: Maarten Kloos, Vincent van Rossem en Donald Lambert. Deze commissie ging akkoord met het ontwerp van DKV, eveneens op voorwaarde dat de materialen zouden worden aangepast.

Een van de uitgesproken critici van het plan was Sjoerd Soeters, die het 'macho-architectuur' noemde. Inderdaad is de robuuste gevel niet geënt op de decoratieve Amsterdamse-schoolstijl die in dit deel van de stad de boventoon voert, maar op het strakke, heldere modernisme van de Wolkenkrabber en van de Openluchtschool van Duiker - beide eveneens bij de bouw omstreden. Maar wie goed rondkijkt in deze buurt ontdekt dat de gebouwen waarmee Berlage's stedebouw werd ingevuld, een verrassende verscheidenheid vertonen: verschillen in rooilijn, in hoogte, in kleuren, in soorten balkons, in de vormen van de daken, in de ontsluiting van de woningen en in de hoekoplossingen. Paul de Vroom heeft een aantal van die elementen in één nieuw gebouw bij elkaar gebracht, maar dan met de rechtlijnige vormgeving van het modernisme. “Een uitzondering in de keten van uitzonderingen die Plan-Zuid is”, noemt hij het zelf.

Het project bevat 29 woningen (25 sociale woningbouw en 4 premie-huur) met maar liefst 17 verschillende plattegronden, waaronder een aantal split-levels. De woningen staan schuin ten opzichte van de gevel, wat niet alleen voor een interessanter gevel zorgt maar ook de knik in de overgang naar de Churchillaan versoepelt.

Het blok bestaat uit drie delen: een lange gevel van warm-rode kolengestookte baksteen, die bij de knik overgaat in een hoger blok, bekleed met bruin-paars baksteen. De twee gevelvlakken worden als het ware aan elkaar geniet door drie schuin uitstekende balkons van zwarte tegels. De bovenverdieping springt iets terug en ook de begane grond krijgt reliëf door de drie woningen die met een trapje vanaf de stoep zijn te bereiken. De ingangen vormen zo nissen in de gevel en zorgen voor een gevoel van contact tussen straat en gebouw. Mede daardoor is het gebouw ondanks de strakke vormgeving, geen massief, afwerend blok.

Ook op het niveau van de details is de afwerking zorgvuldig. In de hal en de drie begane grond-woningen zijn glazen bouwstenen in combinatie met helder glas gebruikt voor een combinatie van daglicht en privacy. In de hal loopt een helblauwe wand met een lichte bolling langs de houten trappen met repen gemoffeld metaal ertussen. Binnen de krappe budgetten van de sociale woningbouw is het gelukt een indruk van luxe te wekken. Een opvallend en vrolijk detail in de hal is de tegelmozaïek dat architect Paul de Vroom en Jet Christiaanse maakten met fragmenten die ze gedurende ruim een jaar hiertoe verzamelden. Herkenbaar zijn Kuifje en Bobbie, een pandabeertje en de letters DKV.

In de controverse over dit plan stak de eeuwige rivaliteit tussen Amsterdam en Rotterdam weer de kop op. De suggestie werd gewekt als zouden die lui van DKV ruige Rotterdammers zijn die je zo'n fijnzinnige plek niet kon toevertrouwen. Dat is natuurlijk absurd, het ontwerp moet met kracht van argument worden beoordeeld. Zoals de jury in zijn eindoordeel schreef, is het ontwerp inderdaad van een “bevrijdende eenvoud en rationaliteit”, maar het is daarmee niet van subtiliteit gespeend. Niet alle nieuwbouwprojecten die in het plan van Berlage in de toekomst worden ingevoegd, hoeven zich van dezelfde stijl te bedienen, maar ze kunnen wel een voorbeeld nemen aan deze intelligente zorgvuldheid.