Provinciale voorronden voor Nationaal Song Festival voor verstandelijk gehandicapten; 'Als je niets probeert in het leven, kom je nergens'

“Wat moet ik zonder jóuóuóu beginnen, hoor je het bonzen van mijn hart?” In de volle kantine van het Utrechtse Provinciehuis staat een meisje in een witte blouse voor het publiek en zingt enthousiast en met vaste stem het lied Ik krijg een heel apart gevoel van binnen van zangeres Corrie Konings. Op de maat van de muziek stapt ze van links naar rechts. Ter begeleiding draait een bandje mee, maar Jessica van Berkels stem schalt daar krachtig bovenuit, met een scherpe uithaal op jou. Het publiek scandeert klappend mee. “Dat doe ik effe, dat is een klein koud kunstje voor me”, zegt ze na afloop. “Zangles heb ik niet. Die stem heb ik van mezelf.”

Jessica was een van de deelnemers aan de voorronden voor het Nationale Muziek-Song Festival, een soort Eurovisie-songfestival voor verstandelijk gehandicapten, dat op 17 mei in Apeldoorn zal worden gehouden. RTL4 zal er in de 5 uur-show een reportage van uitzenden. Zaterdag waren per provincie voorronden voor jury's die bestonden uit provinciale gedeputeerden, betrokkenen bij het werk in de geestelijke gezondheidszorg, en artiesten. In de Utrechtse jury zat ook de actrice Anne Wil Blankers, zij is de moeder van een geestelijk gehandicapt kind.

De belangstelling voor het festival is groot. In het hele land hadden zich zo'n 200 groepen en individuele musicerenden aangemeld, die allemaal mee mochten doen. De provincies betaalden de kosten en zorgden voor ruimte, het nationale festijn wordt gefinancierd door particuliere sponsors. Alleen de eerste-prijswinnaars van de provinciale voorronden mogen straks moedoen aan de finale in Apeldoorn. “O God”, klonk het in Utrecht uit de zaal, toen juryvoorzitter mevrouw Poortenaar, gedeputeerde van de provincie, dat nog eens een paar keer heel duidelijk herhaalde.

Jessica van Berkel zal er straks in Apeldoorn dus niet bij zijn. Zij veroverde zaterdag een tweede plaats. Nummer een werden Petra (zang en piano) en Carlo (drums) Nieuwenoord, een duo dat de zaal in vervoering had gebracht met een hartstochtelijk Blowing in the wind. Vreugdekreten en tranen waren er bij de 33-jarige Petra, zoals dat hoort bij een echte winnares.

Carlo (36) nam zittend op de grond de eerste felicitaties in ontvangst, zijn pas verworven cadeautjes (een beker van de organisatie, een pen en een horloge van de provincie) tegen zich aan klemmend. Carlo werd door de jury omschreven als 'een wonder achter de drums'. “Je gebruikt zelfs verschillende stokken en hebt een groot muzikaal gevoel”, zo prees mevrouw Poortenaar. Lof was er ook voor Petra omdat ze alles uit haar hoofd speelde en voor de manier waarop de twee op elkaar waren ingespeeld.

Voor het zover was, hadden vele kandidaten hun kunnen vertoond. Om half tien 's ochtends al kwamen de eersten met ouders en begeleiders het provinciehuis binnendruppelen, voorzien van keyboards en trekharmonica's of alleen maar met een bandje ter begeleiding. Het niveau benadert uiteraard niet dat van Willeke Alberti, maar de spanning is even groot als op het gewone songfestival. In de huizen of instellingen waar zij wonen worden de deelnemers vaak als 'sterren' beschouwd en verlies kan hard aankomen. De kandidaten hoeven niet aan een bepaalde standaard te voldoen, wel moeten ze zelfstandig, zonder hulp van verzorgers kunnen zingen of een instrument bespelen. Er mag niet worden geplaybackt en de optredens mogen niet langer duren dan vijf minuten.

Het gebrek aan professionaliteit werd ruimschoots gecompenseerd door de vele leuke en ontroerende momenten (twee ouderen met een onbeholpen In 't groene dal in 't stille dal) en door de enorme overgave waarmee werd gemusiceerd. Derde-prijswinnaar Ronald Szende bijvoorbeeld liet een verrassende interpretatie horen van een aria uit Mozarts Così fan tutte, waarin hij vooral opviel door een groot natuurlijk acteertalent waarop menig operazanger jaloers kan zijn. Ronald was de enige die zich voor zijn optreden had verkleed: in een tulband en een glimmende pofbroek zag hij er authentiek uit. Bovendien leidde hij zijn bijdrage in met een amusante, zij het wat verwarde uiteenzetting. Die bevatte een kernachtige samenvatting van de Così: “Je hoeft je kont maar te keren, of je vrouw kijkt naar een andere man.”

De meeste deelnemers deden iets met zang. Een enkeling kwam met een eigen compositie, zoals de blinde Richard Fransen (zang en keyboard), die zelf een truckerslied had geschreven met het bekende, country-achtige ritme. (“Daar gaat de blinde trucker, zijn wielen staan nu recht, hij gaat op weg naar Utrecht”).

Drama was er ook. Eén van de deelnemers kwam te laat, omdat zijn bus vertraging had. Bovendien had hij zijn muziek vergeten. Toen hij later toch nog een liedje uit zijn hoofd zou zingen raakte hij al na de eerste noot zijn tekst kwijt. Hulp uit de zaal mocht niet meer baten. Maar zoals voor iedere deelnemer had de jury ook voor de pechvogel een lovend woord: “Goed, dat je toch naar voren bent gekomen. Als je niets probeert in je leven, kom je nooit ergens.”

Winnaars Petra en Carlo Nieuwenoord zullen op 17 mei in Orpheus in Apeldoorn worden beoordeeld door een 'zware' jury, waarin een stoet prominente Nederlanders zitting heeft. Enkele namen: Hans Wiegel, voorzitter van het KLOZ, Kamervoorzitter drs. W.J. Deetman, drs. Janneke Brinkman-Salentijn, de aquarellerende echtgenote van de CDA-lijsttrekker, zangeres Conny Vink, EO-voorzitter ds. A. van der Veer en mevrouw M.L. Kok-Roukema, de echtgenote van de minister van financiën en de moeder van een meervoudig gehandicapt kind.

De winnaar van de nationale finale mag meedoen aan een Europees Muziek-Songfestival voor verstandelijk gehandicapten, op 6 oktober en eveneens in Apeldoorn. Daaraan zullen kandidaten uit 18 landen meedoen. Dat festival zal de afronding vormen van een internationaal congres waarin organisaties van verschillende landen ideeën uitwisselen over de stand van zaken op het gebied van de geestelijke gezondheidszorg.

Het initiatief voor het festival is genomen door de Stichting J.J. Dondorp Fonds, die in 1991 voor het eerst een dergelijk festival organiseerde. Het fonds is een dochter van de Stichting Philadelphia Voorzieningen (SPV), een landelijke hulpverleningsorganisatie voor verstandelijk gehandicapten. Voor de voorronden zijn uitnodigingen verzonden aan allerlei instellingen, zoals gezinsvervangende tehuizen, dagverblijven, sociowoningen, bijzondere scholen en sociale werkplaatsen.

Doel van het festival is, zegt C. Hovenkamp, voorzitter van de raad van bestuur van de SPV, niet alleen om verstandelijk gehandicapten zelf een gelegenheid te bieden hun talenten te etaleren, maar ook om de buitenwereld te tonen dat zij op dit gebied mogelijkheden hebben. Dat past volgens hem in het huidige streven naar integratie van de verstandelijk gehandicapte in de 'normale' maatschappij.

“Als je mensen voortdurend bevestigt in hun beperkingen, dan worden ze inderdaad ook beperkt en dat leidt op den duur ook nog tot neurosen. Vroeger was de zorg vooral gericht op 'helpen' van gehandicapten. Tegenwoordig willen wij ze meer aanspreken op hun mogelijkheden. De muziek en de kunst in het algemeen zijn daartoe prachtige middelen.”