Omstreden veiling bezit spion Philby

LONDEN, 25 APRIL. De spion Kim Philby, de zogenaamde 'derde man' in het verraderstrio met Guy Burgess en Donald Maclean, slaagt er zelfs postuum in het Britse establishment in opwinding te doen geraken. Zijn instrument is zijn Russische weduwe Rufina. Zij heeft genoeg van de 25 pond per week waarmee ze in Moskou samen met haar moeder moet rondkomen. Nu de KGB niet meer voor haar zorgt, laat ze een aantal van Philby's bezittingen veilen bij Sotheby in Londen. De Philbyania moeten 100.000 pond opbrengen.

“Smakeloos”, zegt het Conservatieve Lagerhuislid Rupert Allason alias spionnenschrijver Nigel West. “Schandelijk”, meent de voormalige Britse ambassadeur in Moskou Sir Patrick Reilly. “Ik wou dat het hele zaakje niet doorging”, zucht de voorzitter van de Lagerhuiscommissie voor nationaal erfgoed, Toby Jessel.

De woede richt zich niet alleen op wijlen Philby en zijn weduwe, maar ook op het veilinghuis Sotheby. Dit bedrijf is 250 jaar oud en heeft een tot nu toe onbezoedelde reputatie van discretie en goede smaak, eigenschappen die hoog worden gewaardeerd bij diegenen die het als een vernedering zien hun erfgoed te moeten verkopen aan “hoi polloi” - om zoiets ordinairs als geld.

Wie er precies in de Philby-collectie geïnteresseerd is, zal in juli op de veiling blijken. Hoeveel is een verzamelaar bereid neer te tellen voor Philby's hoed - een homburg (taxatieprijs 2.000 à 3.000 pond) - of voor het hoofddeksel van Burgess - een trilby (zelfde taxatieprijs), die Philby koesterde als aandenken aan zijn lang geleden gestorven mede-spion?

Het overgrote deel van de verzameling, 128 stuks, bestaat uit boeken en documenten. Interessantste onderdelen zijn een briefwisseling met Graham Greene, ansichtkaarten van Sovjet-inlichtingenbazen en een globe die wordt omcirkeld door een spionnensatelliet. De laatste was een cadeautje van de KGB voor Philby's 75ste verjaardag.

Onder de boeken zijn exemplaren van de werken van Lenin, Marx en Engels en een geannoteerde Plato, daterend uit de gezamenlijke studietijd in Cambridge in de jaren dertig, de kweekvijver voor het grootste Britse spionageschandaal ooit. De collectie omvat ook een boek dat Philby cadeau deed aan de echtgenote van MacLean, Melinda, met wie hij in 1964 in Moskou een verhouding begon. De opdracht luidt: “Voor Melinda, liefs van Kim, november 1965. An orgasm a day keeps the doctor away.” Dit kleinood taxeert Sotheby op 600 tot 800 pond.

Philby liep in 1963 over naar Moskou waar hij herenigd werd met de eerder gevluchte Burgess en Maclean. Hij had toen ruim 25 jaar defensiegeheimen doorgespeeld aan de KGB. Het spionageschandaal verzuurde de Brits-Amerikaanse betrekkingen lange tijd en etterde door tot en met de Spycatcher-controverse eind jaren tachtig. Daarin beweerde een voormalige Britse spion, Peter Wright, dat de vijfde man in de spionnenring het toenmalige hoofd van de Britse inlichtingendienst zelf was geweest. De vierde man was Sir Anthony Hunt, conservator van de schilderijencollectie van de Britse koninklijke familie.

    • Hieke Jippes