UCI legt levenslange schorsing op bij derde overtreding; Dopinggebruik wielrenners zwaarder gestraft

HEERLEN, 23 APRIL. Met strengere straffen, controles buiten de wedstrijden en zelfs buiten het seizoen, met meer voorlichting over medicamenten en met meer onderzoek veronderstelt de internationale wielerfederatie (UCI) dopinggebruik in de wielersport te kunnen uitbannen. Met ingang van 1 juni van dit jaar zullen renners die voor de derde maal in overtreding zijn, voor het leven worden geschorst.

De UCI hoopt met deze rigoureuze aanpak het imago van de wielersport te verbeteren. Ondanks een vergeleken met andere sportorganisaties conscïentieuze dopingpolitiek slaagt de wielerfederatie er niet in de wielersport geloofwaardiger te maken. Wielrennen dreigt tot in lengten van dagen te worden omgeven door geruchten over het gebruik van nieuwe prestatiebevorderende middelen. Hoewel het aantal dopinggevallen de laatste jaren is gezakt tot één procent van het aantal uitgevoerde controles.

De ingevoerde straffen mogen dan opmerkelijk zwaar zijn, ze moeten dienen als het uiterste middel in de reddingsoperatie van de UCI. Met diepgaand onderzoek en preventieve voorlichtingsmethoden hoopt de federatie renners en hun medische begeleiders ervan te hebben doordrongen dat doping geen zin heeft. Wie niet wil luisteren, wacht een zware straf. Variërend van een half tot één jaar bij de eerste keer, één tot twee jaar bij een tweede vergrijp en levenslange schorsing bij een derde overtreding.

Als onderdeel van preventie presenteerde gisteren tijdens de persconferentie in Heerlen van de UCI, dopingonderzoeker en lid van de medische commissie prof. dr. M. Donike, de resultaten van een onderzoek naar de zelfregulering van de hormonenproduktie onder extreem hoge belasting. Hij concludeerde dat tijdens het onderzoek dat in 1992 tijdens de Tour de France en de Ronde van Zwitserland bij negen renners van de toenmalige Zwitserse Helvetia-ploeg plaatsvond, nauwelijks sprake was van een vermindering van de aanmaak van endogene steroïden.

De analytische uitslagen toonden aan dat er bij de onderzochte renners geen steroïden werden toegedoend. Verder vond Donike geen verband tussen het steroïdengehalte en zwaardere inspanningen, bijvoorbeeld tijdens een tijd- of een bergrit. Hij concludeert dat het geloof dat endogene hormonen, zoals corticosteroïden of testosteron, van belang zijn voor goede prestaties tijdens ritten wedstrijden, steunt “op volledige onwetendheid omtrent de functie van hormonen”.

Suppletie heeft geen nut, stelt Donike. De renners die hij onderzocht stelden zich met voorkennis van de ploegleiding ter beschikking. Geen van de renners van de Helvetia-ploeg behaalde overigens een topklassering in de eindrangschikking. De Fransman Delion won in de Tour de etappe naar Maastricht. Of toediening van hormonen als testosteron de krachten kunnen doen toenemen, kon hij niet zeggen. Daarover wordt nog door tal van wetenschappers onderzoek gedaan.

Jaren geleden liet de UCI onderzoek doen verrichten naar het effect van stimulantia en het hormoon ACTH. Dat werd gedaan om het denkpatroon bij de sportmensen te veranderen en het geloof in de noodzaak van chemische preparaten weg te nemen. Dergelijke onderzoeken vallen onder de pijler preventie. “De wielerfederatie is ervan overtuigd dat een dergelijke aanpak de juiste is. Het gebruik van doping zal wellicht nooit helemaal uitgeroeid kunnen worden, maar wel aanzienlijk teruggedrongen”, zei UCI-voorzitter Verbruggen. Controles en straffen moeten blijven bestaan als afschrikmiddel, vindt hij.

Alvorens tot straffen wordt overgegaan zal nauwkeuriger onderzoek worden gedaan na de toedracht bij doping. Al blijft het moeilijk, geeft Verbruggen toe, artsen ter verantwoording te roepen die niet in dienst van een ploeg of een federatie zijn. Soigneurs en artsen die wel in functie zijn, zullen geroyeerd worden. Gedragsregels voor artsen in de sport, zoals daar in Nederland aan wordt gewerkt, strekken daarbij tot aanbeveling.

Hoe streng de dopingreglementen ook zullen worden, de UCI zal telkens worden geconfronteerd met laboratoria, wetenschappers renners en artsen die de regels zullen omzeilen. In een vraagggesprek met het Franse dagblad l'Equipe stelde de ploegarts van het Italiaanse Gewiss (Furlan, Argentin en Berzin), Ferrari, dat zijn limiet de dopinglijst is. Hij zegt niet te schromen middelen te verstrekken zolang ze niet op de verboden lijst staam. Daarmee is niet gezegd dat hij zonder meer 'doping' toedient. Wel dat de lijst achter de realiteit aanloopt.

Hetzelfde is mogelijk het geval met bloeddoping of het gebruik van synthetische bloeddoping (EPO). Nog steeds kan het gebruik niet worden aangetoond. Er zijn methoden in ontwikkeling, wist Verbruggen. Maar voordat daartoe kan worden overgegaan dienen zo'n duizend proefmonsters afgenomen te worden om zekerheid te hebben dat er sprake zou kunnen zijn van bloeddoping. Bovendien zullen er ethische bezwaren kunnen optreden in bepaalde landen en bij bepaalde mensen.

Voor het zover is dienen alle betrokken zich te onthouden van beschuldigingen, meent Verbruggen. “Er wordt een sfeer geschapen die het imago van de wielersport schendt. Elke toppresaties wordt nu beschouwd als het gevolg van doping. Sponsors lopen weg, ouders uiten hun twijfels bij de wens van hun kinderen om aan met doping geassocieerde sporten te doen en renners krijgen het waanidee dat toppprestaties voortvloeien uit gebruik van medicamenten.”

    • Guus van Holland