Rusland verkoopt militaire tafelzilver

Een vliegtuig dat achterwaarts raketten afvuurt, een raket tegen AWACS-radarvliegtuigen, een reusachtige vliegboot - Rusland maakt niet langer een geheim van zijn modernste wapentuig. Russische wapenlaboratoria hebben sinds het uiteenvallen van de Sovjet-Unie hun deuren wagenwijd geopend. De allerlaatste aanwinsten van de Russische defensie-industrie, die vroeger angstvallig werden bewaakt tegen Westerse (en niet-Westerse) blikken, staan sinds het uiteenvallen van de voormalige Sovjet-Unie op internationale wapenbeurzen te pronken.

Het is te zien dat de Sovjet-wapenindustrie voorrang kreeg bij de verdeling van technisch talent en grondstoffen. Maar toch heeft de uitstalling van het militaire tafelzilver iets van een uitverkoop. De aankoopbudgetten van het voormalige Rode Leger zijn minder dan gehalveerd. En ook op de exportmarkt zijn de verkoopcijfers bedroevend. In de jaren tachtig verkochten de Russische wapensmeden nog voor twintig miljard dollar per jaar in de rest van de wereld. Vorig jaar was dat een krappe vier miljard dollar. Vroegere trouwe klanten van de Sovjet-Unie zoals Roemenië, Polen en Tsjechië kopen hun doorsnee wapentuig - vliegtuigen en tanks - tegenwoordig liever in het Westen. En nieuwe klanten staan bij wereldwijd slinkende defensiebudgetten niet in de rij.

De voorheen hermetisch gesloten defensie-industrie tracht daarom in de hele wereld nu ook klanten te werven voor de in het diepste geheim ontwikkelde systemen. Westerse waarnemers nemen met stijgende verbazing - en ook met ongerustheid - kennis van de gadgets die de voormalige tegenstander uit de Koude Oorlog achter de hand hield. “Ik heb genoeg gezien om mij zeer bezorgd te maken”, verklaarde een Amerikaanse regeringsvertegenwoordiger na een bezoek aan een Russisch wapenbureau onlangs tegenover het tijdschrift Defense News. De nu gepresenteerde snufjes worden in het Westen serieuzer genomen dan de Ellipton, een wonderwapen met een 'dodelijke straal', waarvan de ultra-nationalist Zjirinovski te pas en te onpas spreekt. Al was het alleen omdat ze hun weg lijken te vinden naar landen zoals Iran, Libië en Noord-Korea, die het Westen van dubieuze bedoelingen verdenkt.

Zo blijken de Russen een raket tegen schepen ontwikkeld te hebben - de Kh-31, NAVO-codenaam Krypton - die met driemaal de snelheid van het geluid naar zijn doel vliegt. In het Westen bestaat iets vergelijkbaars alleen in een pril ontwikkelingsstadium. Een andere versie van deze raket heeft inmiddels in de militaire pers de naam 'AWACS-killer' gekregen. De raket volgt vanaf grote afstand de radarstraling van de Westerse AWACS vliegende radarposten naar de bron terug. De AWACS is een onmisbare schakel in vrijwel alle soorten Westerse militaire operaties. Cuba kocht in 1992 enkele exemplaren van de raket.

Een ander technisch hoogstandje dat NAVO-functionarissen de wenkbrauwen doet fronsen is een raket tegen schepen die de makers 3M80 Moskit noemen en in NAVO-jargon SS-N-22 Sunburn heet. Deze heeft een bereik van 250 kilometer en scheert met tweemaal de snelheid van het geluid vlak boven de golven naar z'n doel. Iran kocht onlangs acht stuks en ook China heeft belangstelling getoond.

Proefnemingen met een andere raket veroorzaakten in Westerse militaire kringen de jongste commotie. Het in Moskou gevestigde Vympel ontwerpbureau experimenteert met een hittezoekende R-73 lucht-lucht-raket - NAVO-codenaam AA-11 Archer - die achterwaarts is af te vuren. Aangezien de infrarood-sensoren in de zoekkop van deze raketten maar een beperkt 'gezichtsveld' hebben, kan ook op achtervolgende gevechtsvliegtuigen worden geschoten. En dit terwijl de gewone AA-11 al genoeg zorgen baarde: noch in Europa, noch in de Verenigde Staten bestaat een tegenhanger met dezelfde technische capaciteiten. Libië en Noord-Korea beschikken over de (gewone) Archer.

Ook op andere gebieden blijkt de Russische technologische inventiviteit, in tegenstelling tot wat altijd werd aangenomen, niet onder te doen voor die van het Westen. Een supersonisch verticaal opstijgend vliegtuig heeft bijvoorbeeld geen Westerse evenknie. Hetzelfde geldt voor een Russisch systeem dat pantservoertuigen beschermt tegen anti-tank-raketten.

Op de Zwarte Zee vliegt iets dat in het Westen het 'Monster van de Kaspische Zee' heet. Het is een soort vliegboot, die 'drijft' op de 'dikke' luchtlaag die zich tussen het zeeoppervlak en de speciaal gevormde vleugels - het zogeheten wing-in-ground-effect. Het 'monster' kan honderden mariniers vervoeren.

Regelmatig duiken ook berichten op over nog exotischer miltaire technologie, zoals de 'neutronenbom ter grootte van een vulpen'. Deze zou zijn explosieve kracht ontlenen aan 'rood kwik', een alchemistisch klinkend element waarvan het bestaan door westerse deskundigen overigens ernstig wordt betwijfeld. En een Russisch onderzoeksinstituut maakte vorig jaar bekend dat de satelliet die het in beheer had, met gevoelige radarapparatuur ondergedoken onderzeeboten kon waarnemen.

De Russische legertop stelt intussen alles in het werk om het hoge technologische niveau ook in de toekomst te kunnen handhaven. Veel kans van slagen lijken ze daarbij niet te hebben. Veel programma's zijn al door geldgebrek in de ijskast beland. Hoge militaire delegaties proberen nu ook in het buitenland voor veelbelovende projekten fondsen te werven. Tot nu toe met gering succes. Van de zijde van de regering valt geen uitkomst te verwachten. De wapenproducenten hebben van het Kremlin nog astronomische bedragen aan achterstallige rekeningen te vorderen.

    • Menno Steketee