Opzienbarende niet-commerciële galerie Storefront in New York; Toverdoos voor kunst en architectuur

De Storefront for Art and Architecture is een van de weinige plaatsen in New York waar theoretisch of conceptueel ingestelde architecten hun werk kunnen tonen. Ook de opmerkelijke gevel van het gebouw draagt bij aan de interactie met de buitenwereld.

Storefront for Art and Architecture, 97 Kenmare Street, New York, NY 10012, di-za 12-18u, tel. (212)431.5795. Cafe Architettura, 25 Cleveland Place, tel. (212)219.9334.

Waar is nu de voordeur? Vertwijfeld loop ik nog maar een keer heen en weer langs Kenmare Straat. Hier moet toch de Storefront for Art and Architecture zijn, in een opzienbarend gebouw van de architect Steven Holl en de kunstenaar Vito Acconci, maar ik zie het niet. Er is alleen een gesloten grijze gevelwand met daarop een patroon van lijnen - de contouren, lijkt het wel, van hoekige stukken uit een legpuzzel. Dan zwaait een van die vlakken open en staat daar in de deuropening Shirin Neshat, Iraans kunstenares en samen met haar man, de Koreaanse architect Kyong Park, oprichter van deze galerie, die binnen de culturele rijkdom van New York een uitzonderlijke plaats inneemt.

Als eerste bezoeker vandaag maak ik mee dat de Storefront open gaat - letterlijk. De dertig meter lange gevel blijkt uit scharnierende panelen te bestaan. Sommige klappen horizontaal uit om als tafels of luifels haaks op de gevel te staan; andere zwaaien naar buiten en staan dan half op straat, half in de galerie. Ik heb weleens over de gevel van een gebouw horen spreken als een 'doordringbare membraan', maar nog nooit heb ik een gebouw gezien dat zich zo letterlijk naar de straat opent. Sterker nog, deze gevel bemoeit zich actief met de buitenwereld. Als de Storefront open is, kan dat geen passant op het trottoir ontgaan. Binnen is de ruimte net zo curieus van vorm: een ondiepe etalage, zoals de naam zegt, die als een wig van vijf meter breed toeloopt naar een punt van nog geen meter breed. Dwars door de uitgeklapte geveldelen heen werpt de voorjaarszon een dolle geometrie van romboïden en parallellogrammen op de blauwgrijze houten vloer.

In 1982 richtten Shirin Neshat en Kyong Park de Storefront op als alternatieve ruimte voor performance-kunstenaars en jonge architecten. Drie jaar later besloten ze het zelfingenomen Soho te verlaten voor deze locatie tussen Soho en Little Italy in, een toen al bouwvallig verkooppunt voor tweedehands koelkasten en autobanden. Na verloop van tijd waren de houten kozijnen zo verrot, dat het glas uit de ramen begon te vallen. Het was Neshat die op het idee kwam Vito Acconci en Steven Holl om een gezamenlijk ontwerp te vragen, “een discours in gebouwde vorm”, zoals zij zegt.

“Om geen problemen met de bouwvergunning te krijgen, hebben we dit omschreven als een tijdelijk kunstwerk,” vertelt Neshat, die zichtbaar plezier beleeft aan mijn verbazing over deze toverdoos. “Het was in november klaar, maar we waren er zo blij mee dat we ondanks het weer in het piepkleine kantoortje bivakkeerden om de gevel tot januari open te kunnen houden.” Het 'kunstwerk' van Holl en Acconci blijft tot juni volgend jaar; het is de bedoeling om voortaan om de twee jaar een kunstenaar en/of een architect voor een experimenteel bouwproject uit te nodigen.

Volgens Neshat is architectuur in New York over het algemeen een conservatieve corporate aangelegenheid. “Er is altijd al behoefte geweest aan een plek waar mensen die buiten dat circuit staan andersoortig werk kunnen laten zien, vaak conceptueel of met een sterk sociaal component. Wij streven ernaar hier een ander soort dialoog gaande te houden.” Naast de tentoonstellingen publiceert Storefront boeken ('Reports', bijvoorbeeld over de contemporaine stad en over 'Architecture Beyond Building'), documentatie ('Fronts') over de eigen projecten en organiseert het al drie jaar onder de naam Eco-Tec een forum op Corsica over ecologie, technologie en cultuur.

De openingstentoonstelling in de vernieuwde galerie was van de Oostenrijker Peter Noever, in het dagelijkse leven directeur van het Museum voor Toegepaste Kunst in Wenen, maar daarnaast ook ontwerper van drie ondergrondse woningen. Op het moment van mijn bezoek is werk te zien onder de titel You Are Here: Information Drift, de eerste solotentoonstelling van de 30-jarige Zuidafrikaanse kunstenares Laura Kurgan. Zij gebruikt het zogenaamde Global Positioning System (GPS), een netwerk van 24 satellieten, om het verschil te onderzoeken tussen ons eigen gevoel van ruimte en plaats en de objectieve gegevens daarover die het GPS verstrekt. “In deze elektronische informatiezone zonder schaal,” aldus de toelichting, “wordt je beloofd dat je je zult kunnen oriënteren, maar de mogelijkheden van desoriëntatie zijn net zo groot.” Op het dak staat een ontvanger die elke seconde informatie stuurt naar een computer in de galerie; de monitor binnen toont een grillig patroon van stippeltjes. Dit is een elektronisch antwoord op de vraag 'Waar ben ik?', een vraag die volgens Kurgan tot zowel paniek leidt als tot nieuwe ontdekkingen.

Na jarenlang met een miniem budget een marginaal bestaan te hebben geleid, heeft Neshat het gevoel dat Storefront een eigen nis voor zichzelf heeft geschapen in het Newyorkse culturele leven. Er is ook erkenning vanuit de kunstwereld: kunstenaar Dan Graham zit in het bestuur, en in de Board of Advisors zitten onder anderen de architect Toyo Ito, videokunstenaar Nam June Paik en directeur Chris Dercon van het Rotterdamse centrum Witte de With. Shirin Neshat: “We hebben nooit commercieel willen werken en het heeft lang geduurd, zeker in de opgefokte sfeer van de jaren tachtig, om aan de hand van onze artistieke ideeën ons bestaansrecht te bewijzen. De verbouwing van Holl en Acconci was het teken dat wij uit de marge zijn getreden en professioneler werken om een breder publiek te bereiken.” Als voorbeeld noemt ze een serie informele gesprekken tussen publiek en kunstenaars of architecten, die Storefront organiseert in samenwerking met Cafe Architettura om de hoek. Op de vouwbladen op kranteformaat die bij iedere tentoonstelling worden verspreid adverteert Cafe Architettura met een afbeelding van Ouds Café de Unie in Rotterdam.

Voor het eerst heeft de Storefront for Art and Architecture dit jaar een volwassen budget: 180 duizend dollar, voor de helft afkomstig van particuliere stichtingen als de Andy Warhol Foundation, voor de andere helft van institutionele subsidiegevers als de staat New York en van de National Endowment for the Arts. Maar overgelopen naar het grote geld is Storefront zeker niet: een bijdrage van dertig dollar is al genoeg om op het vouwblad als contribuant te worden vermeld.

    • Tracy Metz