De stemming onder 527 burgers in 30 dorpen en stadswijken; De vervreemding van Nederland

Op 3 mei kiest Nederland een nieuwe Tweede Kamer. De peilingen voorspellen op een aardverschuiving. VVD, CDA, D66 en PvdA zijn verwikkeld in een nek-aan-nek race. De coalitie staat op zwaar verlies. Het electoraat verlaat in hoog tempo de zuilen. Extreme partijen boeken winst.

Wat bezielt de kiezers? Dertig verslaggevers van NRC Handelsblad gingen afgelopen maandag naar even zovele dorpen en stadswijken om de stemming te peilen. De plaatsen zijn door het Centraal Bureau voor de Statistiek geselecteerd naar bevolkingsopbouw, welstandsklasse en verstedelijking. Bij elkaar vormen de bewoners een representatieve dwarsdoorsnede van het electoraat.

Ruim vijfhonderd kiezers waren bereid vragen te beantwoorden over politiek en verkiezingen. Wat gaat u stemmen? Wat stemde u bij de vorige Kamerverkiezingen? Wat vindt u 'de grote kwesties' in Nederland?

Een mega-reportage over het kloppend hart van Nederland - aan gene zijde van de kloof tussen burger en politiek.

Nederland houdt z'n hart vast. Dat sentiment tekent zich af uit 527 vraaggesprekken in dertig dorpen en stadswijken aan de vooravond van de Tweede-Kamerverkiezingen van 3 mei. Het electoraat voelt zich van zijn zekerheden beroofd. Het stelt zich angstige vragen. De problemen van de wereld klinken in alle straten van Nederland. Ze hebben een grootste gemene deler: 'de buitenlanders', die meestal voor asielzoekers worden gehouden.

'Vreemdelingen' zijn het nieuwe politieke bindmiddel. “Dan zie ik ze lopen en dan denk ik: voor hoeveel mensen moet ik werken?” En: “De zoon van m'n vriendin zit als soldaat in Joegoslavië. Het komt allemaal zo dichtbij.” Het zijn kenmerkende uitspraken voor de stemming in het land.

De verzuiling biedt weinig houvast meer. 'De politiek' geniet weinig vertrouwen. De gevestigde partijen worden met groot gemak aan de kant gezet of onderling ingeruild. Ouderenpartij, SP of CD zijn reele alternatieven geworden. D66 is een favoriet toevluchtsoord. Politieke partijen zijn er niet meer voor het ideologische houvast, het zijn consumentenbonden geworden.

Ongeveer de helft van de ondervraagden is 'zwevende kiezer' of gaat niet stemmen. Vooral jonge kiezers weten het nog niet en oudere kiezers weten het niet meer. J. Liefrink (18) in Valkenswaard, loodgieter, heeft geen flauw idee wat hij gaat stemmen. Het kan alles worden behalve de CD “want dat is een belachelijke partij.” P. Verstappen (71), gepensioneerd elektromonteur in Neerkant bij Deurne, heeft altijd KVP gestemd en later PvdA. Nu is hij zoekende. “Mijn vrouw en ik willen niet stemmen op een partij die de uitkeringen laat dalen.” Het zal waarschijnlijk “zo'n bejaardenpartij” worden, verwacht Verstappen.

De vaste aanhang van de partijen is zeer klein. De burgers blijken zich voor de 'issues' te interesseren, en veel minder voor politiek en politici. Vrijwel niemand spreekt over een 'paarse' coalitie. Van lijsttrekkers in opspraak wordt met ergernis kennis genomen. Wat de kiezer op het journaal ziet of in de krant leest, wordt voor 'ruziemaken' aangezien. “Wat wìllen ze nou eigenlijk?” is een veelgehoorde vraag.

De bezwaren tegen 'Den Haag' klinken luid en schel. Het is niet zomaar een enkeling die over 'dat zooitje daar' begint. Afkeer heerst in vele tientallen bezochte huiskamers. “Als ik genoeg courage had, zou ik dat hele zooitje Den Haag uit schoppen”, zegt niet-stemmer W.B.H. Wiechels (75), ex-kok op de grote vaart en ex-eigenaar van een praktijk voor sportmassage en pedicure. In zijn seniorenappartement in Almere regeert een exotisch verleden - met een geprepareerde alligator uit Jamaica op tafel, een pantervel uit Kenia bij de televisie en Tiroler landschappen aan de muur. “Het is een stelletje kinderen dat met spelletjes bezig is. Zo'n Brinkman die commissaris wil blijven terwijl zijn eigen partij daar tegen is, dat is toch ongelofelijk!”

M.B. Krijt (41) in Oegstgeest, partner in een bureau voor personeelswerving en -selectie, is sinds enkele jaren ex-lid van de VVD en “waarschijnlijk straks ook ex-stemmer”. Hij analyseert de kwestie als volgt: “Vroeger had je Kamerleden die eerst ervaring hadden opgedaan in het bedrijfsleven of elders in de samenleving. Tegenwoordig zijn het allemaal doctorandussen die eerst ambtenaar worden en daarna in de Kamer gaan zitten. Die weten volstrekt niet wat er speelt in het land, die blijven rondcirkelen in dat enge Haagse wereldje.”

Maar het zijn niet alleen de afvallige kiezers die een kloof zien tussen burger en politiek. Den Haag pikt te weinig signalen uit de samenleving op, meent meteorologe I.L. Wijnant (29) in Delft, zelf trouw GroenLinks-kiezer. “De onveiligheid neemt steeds grotere vormen aan en wat doet de politiek? Die trekt een hele hoop geld uit voor apparatuur en computers. Intussen zijn er steeds minder agenten op straat. Dat kan toch niet?”

De bereidheid over politiek te praten verschilt sterk van buurt tot buurt. Tussen 'Den Haag' en wijken als Kraaihoek in Papendrecht en Bentveld-Bultserve in Glanerbrug (gemeente Enschede) lijkt het nooit meer goed te kunnen komen. Bij verzoeken om een gesprek over de komende verkiezingen worden tientallen voordeuren letterlijk dichtgesmeten onder het uitroepen van diep doorvoelde verwensingen: “Sodemieter op met je politiek!” Elders, zoals in de 'bloemenbuurten' van Oegstgeest en Den Haag, zwaait de deur open en staan de thee, de stroopwafels en de jenever binnen de kortste keren op tafel. Men wil graag stoom afblazen bij het onaangekondigde bezoek.

Het verschil in toeschietelijkheid kan te maken hebben met de landstreek. In het Groningse Haren is praten over politiek niet taboe - maar alleen aan de deur of hooguit op de deurmat. In het centrum van Valkenswaard heerst vooral gêne om de partijkeuze bloot te geven. Het heeft ongetwijfeld ook te maken met de 'sociale kwesties' van de wijken. In Coevorden-De Heege, een splinternieuwe wijk sinds '92 en vol jonge gezinnen, is iedereen vooral druk, druk, druk: met de tuin, met de kinderen, te moe van het werk of op weg er naartoe. Vooroorlogse arbeiderswijken als de Indische Buurt in Amsterdam voelen zich vooral in de steek gelaten door de politiek. En Ridderkerk-Oost, een strak geplande buurt uit het grijze begin van de jaren zestig, wenst vooral met rust te worden gelaten.

De politiek leeft overal anders. Maar vrijwel niemand van de ruim vijfhonderd Nederlanders spreekt er met passie over. De breedste stromen van het electoraat bewegen zich tussen afkeer en desinteresse. Een 22-jarige vrouw van Surinaamse afkomst in Delfzijl, in opleiding voor schoonheidsspecialiste, aarzelt tussen D66 en PvdA: “Allemaal moeilijk hoor, die politiek.” Een 29-jarige verpleegkundige in Delfzijl, hoogzwanger van haar eerste kind, “houdt zich er niet mee bezig” maar denkt dat ze wel weer op GroenLinks gaat stemmen. Waarom? “Pff... ja, als een soort tegenhang of zo voor de andere partijen.” Ze kiest 'gevoelsmatig'. “O jeetje, het zweet breekt me uit.” J. de Lange-Reening (41), schoonmaakster te Coevorden, stemt straks misschien VVD, maar liever zou ze op de populaire zanger Koos Alberts stemmen: haar hele huis is gevuld met foto's en andere relikwieën van deze artiest. Een ander uitzonderlijk geval van politieke betrokkenheid troffen we in Muiden waar M. Breunesse (39, telefoniste, weifelend PvdA-stemmer) haar kat Ien Dales heeft genoemd omdat het dier “hetzelfde postuur en hetzelfde onverzettelijke karakter” heeft als de politica had. “Als ik niet precies doe wat die kat wil, krijg ik klappen.”

De echte 'politieke dieren' zijn vrijwel niet te vinden, de actieve leden die vurig pleiten voor hùn partij en geen vergadering overslaan. C. Errol (23), werkloos, van Turkse afkomst, is een van de zeer weinige ondervraagde kiezers die zeggen politiek actief te zijn. Hij brengt folders rond voor D66, bezoekt de vergaderingen van de plaatselijke afdeling en in het buurthuis Atatürk spreekt hij de bezoekers aan over de partij van zijn keuze. “D66 denkt met iedereen mee en dat is goed.”

De 527 gesprekken bevestigen het beeld uit de opiniepeilingen: het CDA en de PvdA staan forse verliezen te wachten, VVD en D66 zullen winst boeken, evenals Groen Links, de kleine christelijke partijen, de Centrumdemocraten en de ouderenpartijen.

Dat het land klaar is om 'ns stevig af te rekenen met het CDA wordt alleen al duidelijk bij een rondgang in het dorp Stokkum, in het Gelderse Montferland. Elektromonteur B. Aalders (38) is altijd een trouwe CDA-stemmer geweest. Maar nu heeft die partij het echt te bont gemaakt, vindt hij: met de AOW en 'dat gedoe' met Brinkman. Aalders is een zwevende kiezer, nu. En hij heeft geen idee waar hij op 3 mei zal landen, maar zeer beslist niet bij het CDA. Huisvrouw R. Aalbers (35) laat het CDA ook voor wat het is. Niet om Brinkman (“Die mag ik eigenlijk wel”) en ook “niet echt” om de ouderen. Ze kan niet goed zeggen waarom, maar het CDA heeft voor haar afgedaan: het is een gevoel. J.A.M. van Dooren (72), die onlangs zijn veertigjarig jubileum als priester vierde, gaat voor het eerst in zijn leven iets anders stemmen dan CDA (voorheen: KVP). “Het is de figuur van Elco Brinkman”, zegt de priester die ontvangt in trainingspak. “En het is dat geruzie van Lubbers die nu weer plotseling de PvdA in de steek laat. Dat zulke wijze mensen ruzie gaan maken.”

De Zeven Plagen van het CDA komen in talloze bezochte huiskamers uitvoerig aan bod: de uitstraling van Brinkman, het commissariaat van Brinkman, de solo-acties van Lubbers, het gehakketak tussen Lubbers en Brinkman, de ouderen en de AOW-kwestie, de boeren en het milieu, alsmede de afbladderende christelijkheid van de partij. De traditionele CDA-stem van een 57-jarige vrouw uit het Friese dorp Zwaagwesteinde gaat dit keer naar de RPF. “Het CDA is te soepel geweest met de abortus en de Wet Gelijke Behandeling.”

Diepe teleurstelling in de PvdA laat zich optekenen in de Indische Buurt in Amsterdam-Oost, die sinds een half jaar vooral de buurt is waar sigarenhandelaar André Hartman werd neergeschoten door een Marokkaanse gedetineerde met proefverlof. De weerzin tegen 'de politiek' is zo groot dat velen weigeren er ook maar één woord aan te spenderen. Fietsenmaker H. Huissen (66), vol wrok en gallige verhalen over buitenlanders, loopt er als een tijger door zijn winkel. “Noem mij één partij die iets doet voor de kleine ondernemer”, herhaalt hij keer op keer. Dan, verontwaardigd: “Ik heb recht op een antwoord!”

Het antwoord klinkt op straat. R. Oeloff (25), werkloos, stemde vier jaar geleden nog 'Partij van de Arrebeid'. En nu? Geen idee. Vier vrouwen staan met de fiets in de hand te wachten bij de Montessorischool in de Balistraat. De PvdA heeft het de afgelopen vier jaar niet zo best gedaan, zegt een van hen. Op die partij zal ze dit keer niet stemmen. De PvdA heeft immers de deuren wijd open gezet voor “die hele berg allochtone medemensen”. Een 56-jarige gepensioneerde stratenmaker, die door zijn hond langzaam naar huis wordt getrokken, zwaait om van de PvdA naar de VVD. “Met de WAO heeft de PvdA het verpest, hè.”

Wie straks PvdA stemt, doet dat min of meer traditiegetrouw. “De PvdA, da's mijn partij, altijd geweest. Want ik ben een werkman”, zegt een 46-jarige fabrieksarbeider in Valkenswaard. De aantrekkingskracht van de partij onder jonge kiezers is uiterst gering. De grote schoonmaak in de PvdA onder leiding van voorzitter Rottenberg lijkt in het land onopgemerkt gebleven. Het zorgvuldig opgebouwde imago van lijsttrekker Kok als de solide kassier wordt zelden geprezen.

Het zijn het imago-probleem en de 'vuile handen' van het regeren die de PvdA en het CDA straks zullen opbreken. Maar een rechtstreeks verband met de te verwachten winst voor de VVD kan hier niet zomaar worden gelegd. Afgaande op de buurtbezoeken lijkt de VVD vooral garen te spinnen bij de uitspraken die VVD-leider Bolkestein in de afgelopen jaren heeft gedaan over buitenlanders. Een 74-jarige man in Mijdrecht onderbreekt zijn avondwandeling om zijn steun aan de VVD te betuigen. Vorige keer stemde hij CDA. “Lieden in de politiek voor wie ik groot respect heb, gaan steeds klieriger doen. Neem Lubbers. Die zegt dat Nederland niet vol is. Maar Nederland is overvol! Nee, dan Bolkestein. Die stelt tenminste aan de orde wat niemand aan de orde durft te stellen.”

Veel kiezers constateren het met zekere opluchting: Bolkestein is een redelijk alternatief voor CD-leider Janmaat. “Ik heb erover gedacht Janmaat te stemmen”, zegt H. Netten (54), garagehouder in Best. “Maar die man heeft de laatste tijd te veel gekke dingen uitgehaald. Het kon echt niet door de beugel wat hij zei over Hirsch Ballin en Dales.” Het wordt VVD. “Bolkestein pakt tenminste de asielzoekers aan. Die zegt waar het op staat.”

In de oude mijnwerkersbuurt van het Limburgse Brunssum worden vergelijkbare afwegingen gemaakt, maar met een andere uitslag. “Deze keer wordt het CD”, belooft een werkloze draglinemachinist die “al dertien jaar vakantie” zegt te hebben. “Ik stem niet op Janmaat, maar op de CD. Jammer dat ze daar geen fatsoenlijke vent kunnen vinden.”

Winst voor D66 laat zich aan de hand van de gesprekken moeilijker verklaren. De stemmen komen van alle kanten: van VVD, CDA, PvdA, of GroenLinks. Echt gearticuleerd klinkt de keus voor D66 niet. Een gemiddelde stem voor de Democraten klinkt als volgt, uit de mond van R. Bruining (39), ijscoman in de Indische Buurt in Amsterdam-Oost: “Ze doen al zo lang hun best. Ze moeten nu maar 'ns een kansje krijgen.” Scholiere S. Turkenburg in Mijdrecht, sinds afgelopen maandag stemgerechtigd, verklaart: “Ik ga D66 stemmen omdat die partij elk onderwerp apart beoordeelt.” Mevrouw Ruitenberg (51), in een ruim, vrijstaand huis aan de rand van de Papendrechtse probleemwijk Kraaihoek: “Ik stem D66 om heel onduidelijke redenen.” Ze noemt: de gezichten van de mensen, het referendum, de manier van redeneren. G.J. Maters (69), gepensioneerd koster in het dorp Angeren, ten zuiden van Arnhem: “Ik vind die Terlouw wel een sympathieke vent.” En hij is niet de enige die de naam van de vroegere leider verwart met die van de huidige.

Overigens weten aanstormende D66-stemmers in Angeren de steun voor deze partij nog het helderst te motiveren: D66 heeft zich in de regio laten gelden als tegenstander van de Betuwelijn die langs dit kerkdorp zal denderen. B. Campman (49), proces-technoloog bij Akzo, keert het CDA om die reden de rug toe: “Het CDA neemt geen geluiden aan van de inspraakkant.” D66 wel. “Het is een stukje eigenlang.”

Veel kiezers zijn de bezuinigingen, de buitenlanders, de woningschaarste, de files, het volle openbaar vervoer en de criminaliteit beu. Dat willen ze 'Den Haag' op 3 mei flink duidelijk maken.

Ruim eenderde van de ondervraagden noemt de buitenlanders spontaan als een van de grote kwesties in het land. Als volgende worden werkloosheid en de toekomst van de AOW genoemd. De last van de criminaliteit wordt in de huiskamers gemiddeld genomen veel minder gevoeld dan politici wel eens doen voorkomen. Het milieu, een 'topic' bij de Kamerverkiezingen van 1989, bungelt nu onderaan de zorgenlijst. Kwesties als financieringstekort of hoge belastingdruk worden vrijwel niet genoemd.

Bij 'de buitenlanders' gaat het meestal om asielzoekers en illegalen, over wie hoofdzakelijk via krant of televisie onrust is ontstaan. Er wordt meestal in nuchtere, bezorgde bewoordingen gesproken. De buitenlanders die er zijn hoeven niet weg, maar we zitten 'vol' nu. Tegelijk is er veel afgunst merkbaar jegens asielzoekers. Echte rassenhaat kwam sporadisch voor.

Op 'de buitenlanders' worden vooral binnenlandse problemen geprojecteerd: werkloosheid, huizentekort, criminaliteit - de 'medelander' in de rol van zondebok. Daar staat tegenover dat velen zich ergeren aan de afnemende tolerantie. Dat wordt vaak gevoeld als een verlies aan beschaving. Zowel diegenen die buitenlanders bekritiseren als diegenen die de afnemende tolerantie verwerpen, zeggen zichzelf steeds minder in Nederland 'thuis' te voelen. Het trefwoord: vervreemding.

A.M. Detering (37) in Muiden verwoordt de worsteling van velen. Enerzijds zegt hij: “Nederland moet het land blijven waar de deur blijft openstaan. Er wordt te weinig gekeken waarom die vluchtelingen hier komen. Dat er mensen uit Bosnië komen, vind ik prima. Maar over een paar jaar wordt niet meer gekeken of ze nog terug kunnen.” Anderzijds: “Ook die kleurlingen halen ze maar hierheen. Die waren voor ons een belangrijke reden om uit Amsterdam te vertrekken. Veel van die mensen zouden dolgraag terug willen. Geef ze dan hun uitkering mee, dan hebben ze in hun eigen land een rijkelijk bestaan. We zijn hier oversociaal.”

De ergernis richt zich vaak tegen gebrekkige aanpassing van buitenlanders. Bouwtechnicus G.W. Smeenk (54) in Dronten heeft Turkse buren met wie hij het goed kan vinden. Hij vraagt zich alleen geërgerd af waarom zijn Turkse buurvrouw “na vijf jaar nog geen Nederlands spreekt”. En: “Waarom willen ze hun tuin niet op orde brengen? Het interesseert ze gewoon niet.” Een van de zoons van Smeenk is getrouwd met een Thaise. En die heeft in een jaar “beter Nederlands geleerd dan u en ik samen”. Het kan dus wel, meent hij.

Het bewijs wordt geleverd door H. Bajindir (38), eveneens uit Dronten, werkzaam op een tapijtfabriek. Hij is afkomstig uit Turkije. Zijn tuin is perfect gemaaid en voorzien van gele tulpen. Hij kan het goed vinden met zijn Nederlandse buren, die soms met zijn kinderen naar de dokter gaan als hij niet kan. “Nederland is vol”, zegt hij zijn Nederlandse buren instemmend na. “Het is maar een klein land.”

B.K. Bootsma (21) in Dronten bakt patat in snackbar Het Eiland. Zij heeft tegen buitenlanders die “gewoon leuk meedoen” geen enkel bezwaar. In Harlingen was ze goed bevriend met twee Afrikanen. “Die hadden binnen de kortste keren Fries geleerd. Kijk, dan is het gezellig.” Een 40-jarige PvdA-stemmer van Surinaamse afkomst in Diemen zegt “bang voor racisme” te zijn. Soms, als ze een groepje allochtonen op straat lawaai ziet maken, denkt ze wel eens: “Jezus, gedráág je nou een beetje als je in dit land bent.”

Vaak is het een dubbel sentiment, dit gevoel over buitenlanders in Nederland. De uitkering van een man van 66 jaar in Diemen, ooit arbeider in de klein-metaal, CDA-stemmer en zeventien jaar in de WAO na een bedrijfsongeval 'buiten mijn schuld', ontvangt sinds kort een lagere uitkering. Dat zorgt voor bitterheid. Het kabinet heeft het volgens hem te druk “met het binnenhalen van buitenlanders, het loopt de spuigaten uit”. Even later zegt hij: “Ik heb hele fijne buren hoor, een Marokkaans gezin met zes kinderen. Maar wat je nou allemaal in de krant leest...” Op 3 mei gaat hij 'dus' op de Centrumdemocraten stemmen.

Kritiek op buitenlanders komt onder alle politieke gezindten voor. J. Broekert (34), timmerman te Hellendoorn, aarzelt tussen GroenLinks en de PvdA, omdat hij van links meer verwacht voor 'Jan met de pet'. Als grootste probleem duidt hij asielzoekers aan: “Dat worden er een beetje te veel. Op een gegeven moment moeten we ze gewoon niet meer binnen laten.” In Deventer zegt een 36-jarige autospuiter “niets tegen buitenlanders” te hebben. “Maar ze moeten er nu een punt achter zetten. Wij hebben hier ook problemen. Bijvoorbeeld al die mensen uit Joegoslavië, dat gaat over de werkende ruggen heen.” Op de CD zou hij nooit stemmen. Deze partij wordt overigens door sommigen met passie gehaat. “Als ik ooit een donorhart krijg, hoop ik dat het van Janmaat is, want dan is-ie er tenminste niet meer”, zegt PvdA-stemmer H. Catsbroek (34, systeem-engineer) te Muiden.

In sommige wijken krijgen buitenlanders ook van de criminaliteit de schuld. Een 59-jarige voormalige PvdA-stemmer in Glanerbrug (gemeente Enschede): “Ik heb wel eens in een politie-fotoboek gebladerd. Daarin is 70 tot 80 procent van de mensen gekleurd.” Als hij over een paar maanden met pensioen gaat, gaat er vijf procent van zijn inkomen af. Dat geld gaat “naar huizen, eten en opvang voor asielzoekers”.

Bezuinigingen op uitkeringen in combinatie met hogere lasten door vluchtelingen. Veel ondervraagde Nederlanders hebben het gevoel dat het vluchtelingenprobleem letterlijk met hen wordt afgerekend. Bijvoorbeeld C.A. van Wijnen (47), timmerman, PvdA-stemmer te Aalburg. “Natuurlijk, die mensen moeten worden opgevangen, maar we hebben er onderdehand allemaal op één op onze rug. Eigenlijk werk ik voor twee. Ze komen tegenwoordig veel te gemakkelijk hierheen.”

Ook schaarste op de woningmarkt wordt de buitenlanders aangerekend. Een 35-jarige vrouw in Hellendoorn zegt jarenlang op een wachtlijst voor een woning te hebben gestaan en constateert verontwaardigd dat er “hier in de buurt laatst ook een asielzoeker is komen wonen, een gescheiden vrouw met een kind. Die kreeg zo maar een huis!” Een jonge vrouw in Deventer zegt CD te gaan stemmen. Want: “Mijn broer wacht al jaren op een huis hier in Deventer. Laatst kwam er een in de buurt van mijn schoonmoeder vrij. Maar wie krijgt het? Joegoslaven. En dan krijgen ze er nog inrichtingskosten, huursubsidie en een uitkering bij.”

Bij sommigen slaat afgunst om in afkeer. In Deventer zegt een vrouw van 41 ervan overtuigd te zijn dat er nu 'zóveel' buitenlanders zijn dat de Nederlanders zelf gediscrimineerd worden. Bijvoorbeeld: “Ze dringen voor in de winkel en op de markt.” Volgens D. van den Berg (62) in Papendrecht gaan buitenlanders op straat niet voor je opzij. “Ze praten ook zo luid. Daar zouden toch cursussen voor kunnen komen, dat ze dat afleren?” In Tilburg zegt VVD-stemmer en café-uitbater M. Zoontjes (42) dat “we zijn ingesloten door bruine mensen. Dat wordt niet meer geaccepteerd. Zelfs de winkeliers leggen geld opzij om die mensen door knokploegen de wijk uit te laten slaan”. Volgens hem zijn de mensen in zijn buurt “niet meer in staat om nuchter na te denken. De rassenhaat wordt ons opgelegd”.

Xenofobie ontkiemt tussen 'wij' en 'zij'. En dat niet alleen. Veel Nederlanders voelen zich door dergelijke discriminerende uitlatingen van hun autochtone medeburgers vervreemd raken. Een 70-jarige vrouw in Enschede noemt de manier waarop over buitenlanders wordt gepraat een 'schandelijke hetze'. Zij meent dat we in Nederland niets te klagen hebben. “Mensen die zeggen dat we geen buitenlanders meer moeten toelaten, zouden zelf een oorlog moeten meemaken. Dat Nederland vol is, vind ik grote onzin. Als je uit het Westen hier naartoe rijdt, zie je nauwelijks iets.”

Een 39-jarige vrouw in Diemen verzucht: “Soms herken ik dit land niet meer.” Ze gebruikt het woord criminaliteit liever niet, want “dat klinkt zo rechts”. Liever spreekt ze over “agressie op straat”. Maar feit is dat haar buurvrouw laatst in de bus door tieners is aangevallen. Zomaar. “Daar gaat je mooie mensbeeld”, zegt ze. Ze aarzelt tussen PvdA en Groen Links.

Velen zien met pijn in het hart de maatschappelijke verbanden verslappen. J. Visser (41) in Leeuwarden collecteert nog altijd voor de Nierstichting, Amnesty en het Astmafonds. Maar ze is in haar wijk nog de enige. Ze is teleurgesteld in de integratie van allochtonen, ze constateert een “steeds aggressievere” samenleving, ziet jongeren en junks stelen. “Er is iets grondig mis en ik geloof niet dat het met de politiek heeft te maken.” In Amsterdam-Buitenveldert maakt het echtpaar Schuurman (trouwe PvdA'ers, 76 en 79 jaar) zich zorgen over “de jongere generaties die geen sociaal gevoel meer hebben in hun donder. Wij deden aan teamsport. En als we verhinderd waren, meldden we dat op tijd”, zegt de heer Schuurman. Maar op de tennisclub waar het echtpaar nog wel eens een balletje slaat, belt tegenwoordig niemand meer af.

In het verlengde van 'de buitenlanders' maken de ondervraagde kiezers zich de meeste zorgen over werkloosheid en de AOW. “De laatste vier jaar waren toch verschrikkelijk. Niemand is erin geslaagd de relatieve neergang een halt toe te roepen”, zo geeft de gepensioneerde register-accountant Grieles (77) in Tilburg een vrij algemeen sentiment weer.

Veel mensen constateren dat het “nu nog wel goed gaat”. Maar zij vrezen de toekomst. Krijgen mijn kinderen het wel zo goed als wij het nu hebben? luidt een vraag die het land bezighoudt. Blijft de verzorgingsstaat wel bestaan? Is er straks nog AOW? Ik vind het wel moeilijk dat PvdA en GroenLinks daarin zo slap zijn, maar ik zal zeker niet op de CD stemmen. Dat zijn racisten.” In AOW?

W. Seltenthuis (60) te Emmen, gepensioneerd kwaliteitscontroleur en CDA-stemmer, meent dat de 'oude-dagsvoorzieningen' in ieder geval moeten blijven. “Er zijn wel andere dingen die ze kunnen bevriezen. Defensie of ontwikkelingshulp bijvoorbeeld.” Hij vindt het zorgelijk dat mensen “van hun zekerheden worden ontdaan. De werkgelegenheid, de pensioenen, asielzoekers die op je afkomen. De spoeling wordt te dun”. H.J. Ballast (54) uit Enschede gaat na een leven lang CDA stemmen straks voor het eerst PvdA stemmen. “Mensen van mijn generatie hebben het vage vermoeden dat we een arme oude dag krijgen. Wij begrijpen best dat er bezuinigd moet worden, maar ik denk dat de PvdA hiermee uiterst behoedzaam zal omgaan.”

De 40-jarige gemeente-ambtenaar Th. de Graaf in Muiden stemde altijd PvdA, maar gaat nu over naar de VVD of D66. “Ik vind een basisstelsel in de sociale zekerheid voldoende. De mensen moeten voor de rest maar zelf actie ondernemen.” Opvallend is dat maar weinigen alle uitkeringen over een kam scheren. Er wordt onderscheid gemaakt: van de AOW, de WAO en de Ziektewet moeten 'ze' afblijven - ziek zijn of oud worden, dat overkomt iedereen. Maar de WW en de bijstand kunnen best omlaag. Velen zien een eenvoudige oplossing voor de werkloosheid: als de uitkering maar laag genoeg is, accepteer je vanzelf wel een baan.

Voor P. Smolders (20) uit Tilburg is werkloosheid het grootste probleem. Hij kon na de middelbare detailhandelschool geen baan vinden. Gelukkig kan hij straks in militaire dienst. Hij zou CDA hebben gestemd als Brinkman niet dat commissariaat had gehad. Nu wordt het D66, “misschien de minst slechte”. Bij zijn plaatsgenote M. Kremers (20), eerstejaars studente sociologie, heeft het CDA het verbruid met de bevriezing van de AOW: “Ze moeten van de ouderen afblijven.” Ze aarzelt nu tussen PvdA en D66.

P.M. Bronnenberg in Heerlen maakt zich zorgen over de kansen van haar zoon. “Is er voor hem nog een toekomst als hij over vijf, zes jaar van school afkomt?” Zelf heeft ze jarenlang in de gezinszorg gewerkt. Ze tobt regelmatig over de bezuinigingen in de zorgsector. “Ik zie dat veel meisjes in de opleiding niet aan het werk komen, terwijl er toch genoeg werk te doen valt.” Ze aarzelt of ze zal overstappen van CDA naar D66: er is de afgelopen jaren te veel 'afgebroken' in Nederland.

De dreigende werkloosheid is voor I. Hansum (29) in Papendrecht reden om voor het eerst in acht jaar weer te gaan stemmen. Ze is moeder van drie kinderen. Haar man werkte bij Fokker, vluchtte voor een dreigende ontslaggolf maar is voor zijn nieuwe baan nu zeer vaak van huis. Een andere baan is erg moeilijk te vinden. Waarop ze gaat stemmen weet ze nog niet. “Kok mag ik niet, Brinkman hoef ik niet en Bolkestein evenmin, maar dat laatste is persoonlijk.” Alleen Lubbers vindt ze 'wel een goeie'.

Bij menigeen heerst het gevoel te worden 'geplukt'. Onder hen is A. Ouwens (55) in Ridderkerk-Oost. “Bij de PvdA zeggen ze altijd dat ze voor de arbeiders zijn, maar nu zit ook die partij aan ons te trekken. Kijk maar naar de Ziektewet en de WAO, het is allemaal inleveren geblazen. Het zijn moeilijke tijden, maar dit gaat te ver.” Ouwens is kraanmachinist en hij heeft negen jaar suikerziekte. Hij had in de WAO gekund, maar wilde werken. Nu heeft hij spijt. Hij zou nog maar 70 procent van zijn basisloon krijgen. “Dus sukkel ik naar de VUT toe. Maar is die er straks nog wel? Je hebt er jaren voor betaald, nu moet je afwachten of je er profijt van hebt.”

Lo-Wong (44) in Hellendoorn: “De regering heeft er geen weet van wat bijstandsmoeders te verduren hebben. Ze pakken je gewoon alles af. Een paar jaar geleden moest ik een lening afsluiten om mijn belasting te kunnen betalen.” Zij meent dat het 'de politici in Den Haag' vooral om het eigen salaris gaat.

H.J. van Zoeren-Stoutjesdijk (63) in Ridderkerk zegt van Kok 'niets te snappen'. Zij legt er even de jachthoorn voor opzij, waarop zij haar dagelijkse oefeningen speelde voor een concours. “Opeens was er een belastingvoordeeltje en dat zou dan onder de burgers worden verdeeld. Maar als je toch in de schulden zit, begin je die toch eerst af te lossen? Bolkestein was de eerste die mijn opvatting verwoordde.”

Een enkeling suggereert zelf een bezuiniging. Bijvoorbeeld een medisch specialist (41, PvdA) in Haren die vindt dat terminale patiënten in hun laatste maanden beter uitgelegd moet worden dat verder behandelen zinloos is. “Al die tests en proeven zijn nergens voor nodig. Met goede communicatie kan je dat duidelijk maken.” Of een grafisch ontwerper in Deventer, H. Nijland (49), VVD-stemmer. Hij stoort zich aan “het geld dat over de balk wordt gesmeten”, zoals bijvoorbeeld die 'voor geen meter werkende' carpoolstrook bij Muiden.

“Waar zijn ze toch mee bezig?” luidt een veel gehoorde verzuchting onder de ondervraagde Nederlanders. Te oordelen naar hun huizen, hun auto's en hun tuinen gaat het de overgrote meerderheid van de kiezers in de dertig bezochte dorpen en stadswijken voor de wind. Maar getob en geklaag domineert achter talloze voordeuren. Het hoog ontwikkelde gevoel voor rechten en plichten, voor fair play wordt danig op de proef gesteld. Nee, we hebben echt niets tegen buitenlanders. Alleen: we kunnen ze niet meer betalen. Want zie: de werkloosheid schiet omhoog, de uitkeringen omlaag, de oude-dagvoorziening staat onder druk en de misdaad loert om de hoek. Een burgeroorlog in Bosnië kunnen we er echt niet bij hebben, en zeker niet een in Afrika. Nederland bouwt een Muur - om z'n tuintje.

Interviews:

Bas Blokker in de Indische Buurt-West in Amsterdam, een wijk uit het begin van deze eeuw, met 30 procent werklozen en de helft van de bewoners van allochtone afkomst.

H.M. van den Brink in de Kern van Dronten, gebouwd in de vroege jaren zestig voor de arbeiders die werkten aan de inpoldering en/of de landbouw. Tientallen identieke straten met grasperkjes en dunne bomen.

Ward op den Brouw in Mijdrecht, een van oorsprong katholiek dorp nabij Schiphol en Aalsmeer.

Bert Determeijer in Muiderberg-Buitendijken, een nieuwbouwwijk, vooral bevolkt door tweeverdieners.

Birgit Donker in de vooroorlogse arbeiderswijk in Zandweerd in Deventer, een stadsvernieuwingsbuurt met weinig groen en veel auto's.

Gijsbert van Es in Oegstgeest-Noord, overwegend een midden-klassewijk met oudere en grotere huizen langs de rand. Een kwart van de bewoners is er boven de 65 jaar.

Koen Greven in de Hugo de Grootstraat en omgeving in Delft, een arbeiderswijk met vooroorlogse rijtjeshuizen en relatief veel mensen met een uitkering.

Frits Groeneveld in de Haagse Bloemenbuurt, een 'betere buurt' vlak achter de duinen met veel cricket- en hockeyvelden en nauwelijks allochtonen.

Jacques Herraets in Brunssum-Noord, voor de oorlog gebouwd voor mijnwerkers uit Groningen, Friesland, Italië en Polen die veelal hebben plaatsgemaakt voor Turkse en Marokkaanse gezinnen.

Sjoerd de Jong in Centrum-Oost in Diemen, een midden-klassebuurt uit de jaren vijftig en zestig.

Zeger Luyendijk in Haren-Oosterhaar, een nieuwbouwwijk met smalle straten en een gemêleerde bevolking.

Joke Mat in Emmerhout, een nieuwbouwwijk in Emmen met vooral laagbouw. Meer dan de helft wordt verhuurd door woningbouwcorporaties.

TomJan Meeus in Schieringen, een arbeidersbuurt n Leeuwarden gebouwd in de jaren zestig. Het hart van de buurt bestaat uit goedkope huurflats die enigszins verpauperen.

Harry Meijer in De Meenten, een 'gemiddelde' nieuwbouwwijk in Almere met veel jonge gezinnen.

Karin de Mik in het forenzendorp Zwaagwesteinde aan de spoorlijn Groningen-Leeuwarden. Een kwart van de inwoners in dit van origine rode dorp leeft van een uitkering.

Hans Moll in Angeren, gemeente Bemmel, een welvarend kerkdorp nabij de Rijn.

Gretha Pama in Kraaihoek, de 'probleemwijk' van Papendrecht met relatief veel drugsoverlast, prostitutie en criminaliteit.

Max Paumen in Wijk en Aalburg, een kerkdorp in het Land van Heusden en Altena, met veel neringdoenden in fruitteelt en kwekerijen.

Margot Poll in de nieuwbouwwijk De Heege in Coevorden met relatief goedkope koopwoningen. Alle inwoners zijn autochtoon en de meesten jong en werkend.

Frank Poorthuis in Stokkum, een van oorsprong katholiek kerkdorp met een vergrijzende bevolking in het Montferland.

F.G. de Ruiter in Ridderkerk-Oost, een vergrijzende arbeiderswijk met veel forenzen.

Rob Schoof in de wijk Bentveld-Bultserve in Glanerbrug, een overwegend christelijk dorp dat deel uitmaakt van Enschede. In de recent verrezen nieuwbouwwijken vooral jonge gezinnen uit Enschede.

Arjen Schreuder in Heerlerbaan-Oost in Heerlen waar de beter gesitueerden wonen. Het inkomen is modaal tot bovenmodaal en de bevolking jong.

Monique Snoeijen in Delfzijl-Noord, een arbeidersbuurt met vooral flats en rijtjeshuizen. De buurt heeft veel leegstand, uitkerings-gerechtigden en allochtonen.

Hendrik Spiering in Neerkant, een traditioneel Brabants dorp bij Deurne met een bescheiden winkelapparaat, een broodfabriek en veel landbouw.

Yaël Vinckx in het Buitenveldert-West, een 'betere buurt' in Amsterdam.

Anneke Visser in de Tilburgse wijk Broekhoven, een vooroorlogse arbeiderswijk met veel laagbouw.

Guido de Vries in het centrum van Valkenswaard, een bloeiende kern, met pas geopende terassen, weinig werklozen en nauwelijks allochtonen.

Masja Zwart in Hulsen-Zuid, een nieuwbouwbuurt in Hellendoorn met ruime, veelal vrijstaande huizen.

Coen van Zwol in het 'groeidorp' Best bij Eindhoven, voornamelijk bestaande uit buitenwijken en woonerven.