Schrijvers: meer inkomsten

AMSTERDAM, 22 APRIL. Schrijvers en vertalers hebben de afgelopen vijf jaar zo'n 50 procent meer geld ontvangen uit de subsidiepot van het Fonds voor de Letteren. Dat blijkt onder meer uit de evaluatienota 1989-1992 van het Fonds.

De toename van de subsidiegelden is het gevolg van het veel ruimere budget van het Fonds. Beschikte dat in 1989 nog over zo'n vier miljoen gulden, in 1992 was het opgelopen tot ruim zes miljoen. Het huidige budget bedraagt bijna acht miljoen.

Uit een interne enquête onder 44 beroepsschrijvers en -vertalers blijkt verder dat het inkomen dat buiten het Fonds om wordt vergaard, de afgelopen jaren is gestegen. Voor auteurs is het in vergelijking met de vertalers eenvoudiger op de vrije markt iets te verdienen.

De toename van het subsidiegeld heeft niet geleid tot een groei van het aantal schrijvers. Het aantal auteurs dat in 1988 een werkbeurs kreeg bedroeg 174. In 1993 waren het er 180, exclusief de Vlaamse schrijvers. De Vlamingen doen steeds meer een beroep op het Fonds, dat op grond van het EG-verdrag verplicht is alle Vlaamse aanvragen die aan de kwaliteitsnormen voldoen, te honoreren. In 1992 waren er nog maar 29 aanvragen, en keerde het Fonds voor het eerst geld (80.000 gulden) uit aan de Vlamingen. Dit jaar hebben al 90 Vlamingen een beroep gedaan op het Fonds.

Door die Vlaamse aanvragen is het budget voor aanvullende honoraria met een ton overschreden. Het Fonds voor de Letteren pleit daarom voor een geïntegreerd beleid met de Vlamingen.