Jef Geeraerts

Jef Geeraerts: De Cu Chi case. Uitg. Manteau, 293 blz. Prijs: ƒ 34,90

Op het bureau van Jef Geeraerts staat een bordje met de tekst 'Kill your darlings'. Doorgaans bedoelt hij daarmee dat alles wat weliswaar de moeite van het vertellen waard is maar de vaart uit verhaal neemt, geschrapt dient te worden. In De Cu Chi Case neemt hij de tekst letterlijk. Al op de eerste pagina's wordt duidelijk dat commissaris Eric Vincke het gekonkel binnen de Belgische magistratuur meer dan zat is; hij neemt ontslag en zal als romanfiguur niet terugkeren, zo liet Geeraerts weten in een interview.

Geeraerts walgt van de Belgische justitie, van de 'République des Camarades', zoals het systeem van politieke benoemingen in de overheidssector genoemd wordt. De verloedering van het gerecht als gevolg van de verwevenheid van de politieke macht en de magistratuur, is bij hem een terugkerend onderwerp. Over de schuldigen bestaat bij hem geen enkele twijfel: katholiek en rechts, vaak in combinatie. Zo ook in De Cu Chi case, zijn dertiende en, naar hij heeft laten doorschemeren, laatste misdaadroman.

Eric Vincke en Freddy Verstuyft onderzoeken de moord op een Amerikaans diplomaat, die in Vietnam bij de inlichtingendienst van het Amerikaanse leger werkte en zich toen schuldig heeft gemaakt aan folteringen en executies. In België gestationeerde CIA-agenten werken de beide rechercheurs tegen, daarbij gesteund door eerste advocaat-generaal Van Mieghem. “Aan die verloedering is niets te doen. Het is als een virus,” oordeelt Vincke.

In een ander opzicht heeft Geeraerts zich deze keer niet aan zijn lijfspreuk gehouden. De eerste helft van het boek is spannend, de tweede vooral informatief. Geeraerts stuurt Vincke naar Vietnam, waar deze door twee oorlogsveteranen wordt rondgeleid en geïnformeerd over de verschrikkingen door de Amerikanen aangericht. Een half boek alleen om uit te leggen waarom de handen van het slachtoffer zijn afgehakt, er een stuk bamboe uit zijn hals steekt, een giftige slang als wapen werd gehanteerd en ook zijn hond afgemaakt is. Alles zeer de moeite waard, maar van een verhaal is amper nog sprake, laat staan dat er enige vaart in zit.

Geeraerts is vaak paranoia verweten. Hij zou complotten zien waar die niet bestaan. Waarschijnlijker is dat Geeraerts het wel juist ziet, maar dat hij niet alles ziet of wil zien: hij is aan één oog blind, aan het linker. Misschien wordt het tijd voor een nieuw koppel agenten, die zich nu eens verdiept in de handel en wandel van de Luikse afdeling van de Parti Socialiste. Deze is, zoals bekend, verstrikt in allerlei affaires, van valsheid in geschrifte tot moord. In zo'n roman zouden nu eens niet de christen-democraten of hun liberale vriendjes de schuldigen moeten zijn maar de socialisten.

    • Eric Slot