Gaswinning op Noordzee goedkoper

DEN HAAG, 22 APRIL. De oliemaatschappijen die op het Nederlandse deel van de Noordzee aardgas zoeken en produceren, krijgen lastenverlichting. Daardoor worden ze in staat gesteld een aantal kleine gasvelden die nu niet rendabel kunnen worden geëxploiteerd, alsnog in produktie te nemen.

Dat heeft de directeur-generaal energiebeleid van het ministerie van economische zaken mr.drs. C. Dessens gisteren tegenover deze krant verklaard. Tegelijkertijd is Nogepa, de vereniging van oliemaatschappijen, ingelicht over het pakket maatregelen. “Wij zijn aangenaam verrast”, reageert ir. W. van der Have, plaatsvervangend secretaris-generaal van Nogepa. “De vooruitzichten voor de verdere ontwikkeling van kleine offshore-velden op Nederlands gebied worden hierdoor verbeterd. Ik verwacht een snel effect.

Volgend jaar kan het aantal boringen al toenemen en op termijn kan door deze maatregelen een aanzienlijke hoeveelheid extra aardgas worden geproduceerd'', aldus Van der Have.

Voor de maatregelen die directeur-generaal Dessens aankondigt, is ook de medewerking van het ministerie van financiën nodig. Daarnaast versoepelt de Gasunie de technische voorwaarden voor gaswinning uit kleine velden.

Gasunie heeft vorig jaar al aangekondigd dat de termijn waarbinnen een klein veld op zee mag worden leeggehaald wordt verlaagd van 14 naar 11 jaar. Intussen is de verkoopprijs van Gasunie aan zijn klanten in het binnenland met enige centen per kubieke meter gestegen en wordt er met de buitenlandse afnemers over prijsverhoging onderhandeld. Van elke prijsverhoging profiteren de oliemaatschappijen direct, zegt Dessens.

Ook werkt Gasunie aan een regeling die de oliemaatschappijen in staat stelt de capaciteit van hun produktie-installaties met een derde tot 50 procent te verkleinen, waardoor de exploitatie veel goedkoper wordt. Economische Zaken wil verder dat de staat, via de staatsonderneming Energie Beheer Nederland, voortaan gaat deelnemen in de kosten van exploratie van de nieuwe gasvelden in gebieden waarvoor een winningsvergunning is afgegeven. Daardoor wordt het risico van de oliemaatschappijen met een derde tot de helft teruggebracht. Tot nu toe participeerde EBN alleen in producerende velden. Voor deze verandering is een wetswijziging nodig.

Ook overweegt Economische Zaken voor de nieuwe wet Vermeend-Vreugdenhil op de exploratie en produktie van aardgas op zee toe te passen, waardoor de afschrijving van kosten op de belastbare winst zou worden vervroegd. Daarvoor moet echter nog financiële dekking worden gevonden.

Ten slotte “overweegt” EZ nog een mogelijke verlaging van het staatsaandeel in de winst op de gaswinning en/of een verlaging van de 'cijns' (royalties) in nieuw uit te geven opsporingsvergunningen (de zogenoemde negende ronde), maar op dit moment weet Dessens niet of dit haalbaar is.