Een voorbeeld voor Tokio; Japans boek over Nederlandse volkshuisvesting

Process: Architecture nr 112. Collective Housing in Holland: Traditions and Trends. Imp. Idea Books. Prijs ƒ 87,50.

Midden jaren zestig werkte de jonge Japanner Koji Yagi enige tijd bij een architectenbureau in Den Haag. Eind jaren tachtig kwam hij terug in Nederland, nu als een van de zes buitenlanders die door woningbouwvereniging Lieven de Key waren uitgenodigd een urban villa op het Oranje Nassau-terrein in Amsterdam te ontwerpen. Deze ervaring was voor Yagi aanleiding om in samenwerking met criticus Hans van Dijk en de Japanse architectuurhistoricus Masaki Yashiro een aflevering van het tweetalige boek/tijdschrift Process: Architecture te wijden aan heden en verleden van de Nederlandse volkshuisvesting.

Niet alleen bewondert Yagi de Nederlandse praktijk, hij hoopt ook dat die Japan tot voorbeeld zal strekken. “Ik hoop hiermee de heersende Japanse praktijk van sloop en nieuwbouw te kunnen keren. (-) In Tokio is er geen consistentie in de kleuren of de vorm van de gebouwen, terwijl bij het Oranje Nassau-project harmonie het motto leek.” Grappig om te lezen, na alle lofzangen van westerse architecten op de vruchtbare en inspirerende chaos van Tokio. Yagi komt tot de conclusie dat het voor de gemeente Amsterdam mogelijk is zich tot in detail met de volkshuisvesting bezig te houden omdat Amsterdam relatief klein is. Hij stelt daarom voor dat Tokio, dat achttien maal groter is, voor het huisvestingsbeleid kleinere administratieve eenheden invoert.

Het nummer vertoont veel eindredactionele gebreken, zoals veel foutieve of verwisselde bijschriften en verkeerd geschreven namen, en de teksten zijn vaak in onbeholpen Engels. Bovendien blijken veel van de toelichtingen door de architecten zelf geschreven te zijn, waardoor kritische kanttekeningen ontbreken. Als bij de toelichting op Carel Weebers Peperklip alleen wordt gerept van 'de gemeenschappelijke binnenplaats' en 'lengte als architectonisch middel', snakt de lezer die meer van dit problematische woongebouw weet, naar een onafhankelijk oordeel. Bij de beschrijving van de renovatie van De Kiefhoek van J.J.P. Oud had bijvoorbeeld ook moeten worden vermeld dat na een omstreden renovatie met lelijke kunststoffen kozijnen, die hele wijk nu, net als het Nagasaki Holland Village, als een replica van het origineel wordt opgetrokken.

Voor de Nederlandse lezer is een dergelijk eerbetoon natuurlijk vleiend, maar ook frustrerend. Je verwacht behalve bewondering ook een Japanse visie of oordeel. Maar zo ver gaat Process niet, het blijft bij een ruim geïllustreerde reeks voorbeelden uit heden en verleden, met deskundige maar verder puur feitelijke toelichtingen van Hans van Dijk en Masaki Yashiro. Op de bovengenoemde summiere aanbeveling na beperkt ook Yagi zich tot een samenvatting van zijn ervaringen bij het meewerken aan het Oranje Nassau-terrein. Bewondering uit het buitenland is fijn, maar om een dergelijk overzicht meer te laten zijn dan een niet eens zo keurig naslagwerk, is meer nodig.

    • Tracy Metz