Islamitische meisjes

De kop: 'Apart op een meisjesschool, anders zitten ze maar thuis' boven het artikel van M. Langelaan (W&O, 7 april) is illustratief voor de tendens etniciteit en religie te problematiseren. Meisjes die niet deelnemen aan het reguliere onderwijs zouden dat doen om 'culturele' dan wel religieuze redenen.

In het artikel is te lezen dat er over het aantal niet-schoolgaande leerplichtige migrantenmeisjes druk gespeculeerd wordt. Tegelijkertijd staat in dit stuk beschreven dat uit onderzoek van het Instituut voor Toegepaste Sociale Wetenschappen in Nijmegen geconcludeerd kan worden dat er tussen de overgang van het basisonderwijs naar het voortgezet onderwijs nauwelijks islamitische meisjes uitvallen.

Ook wij hebben een onderzoek uitgevoerd naar de schooluitval bij Turkse en Marokkaanse meisjes tijdens de overstap van basisonderwijs naar het voortgezet onderwijs. Dit onderzoek is uitgevoerd in opdracht van de welzijnsorganisatie Impuls die in het artikel aan het woord komt, en in samenwerking met de Wetenschapswinkel van de Universiteit van Amsterdam. Het resultaat was eveneens dat de uitval in deze groep nauwelijks bestaat. De 238 Turkse en Marokkaanse meisjes die wij in Amsterdam Nieuw-West gevolgd hebben in de schooljaren 91/92 en 92/93 (± 44% van het totaal), volgen allemaal voortgezet onderwijs. 6 meisjes zijn naar scholen buiten het onderzoeksgebied gegaan, en zijn verder buiten het onderzoek gelaten.

Wij kunnen niet anders concluderen dan dat het aantal leerplichtige Turkse en Marokkaanse meisjes die uitvallen tijdens de overstap van het basisonderwijs naar het voortgezet onderwijs in Amsterdam Nieuw West, eerder een ijsklontje is dan het topje van de ijsberg.

Vooronderstellingen over de grootte van de groep niet-schoolgaande Turkse en Marokkaanse meisjes zijn niet in overeenstemming met de realiteit. Dat vooronderstellingen over de groootte van dit 'probleem' hardnekkig zijn, blijkt uit het verzwijgen van ons onderzoek, dat werd uitgevoerd in opdracht van de in het artikel van M. Langelaan genoemde welzijnsorganisatie.