'Aan de grens moet een deur die naar één kant open kan'

Nederland moet op slot, dat vinden de nieuwe patriotten van het PDA. De zesde aflevering in een serie over nieuwkomers bij de Kamerverkiezing.

AMSTERDAM, 21 APRIL. Hij schrok “letterlijk” 's nachts wakker en dacht: 'nu is het genoeg geweest, ik begin een eigen partij'. Ondernemer Gijs Sablerolle had er genoeg van. Hij richtte het Patriottisch Democratisch Appèl op “vanuit een enorm ongenoegen om me heen”.

“Wij worden de eerste normale politici van Nederland”, zegt Sablerolle (58) in zijn moderne woonkamer in Amsterdam-Noord. Op tafel ligt een aansteker met de verkiezingsleus van zijn partij erop geplakt. De tekst 'Als ... u lief is' rondom een zwart silhouet van Nederland. “Die plaspoppen die nu in de Kamer zitten maken er toch een puinhoop van? Ze doen me denken aan van die jongens die vroeger niet mochten meespelen op straat. Of nooit een meisje konden krijgen. Ze gedragen zich alsof ze daar nu wraak voor zitten te nemen, alsof ze zichzelf willen bewijzen. Ik vind het een soort landverraders. Als ik een maand op vakantie ben geweest is het land alweer veranderd.”

Het grootste ongenoegen voor het PDA is duidelijk: de buitenlanders. “Voor wie is Nederland nu eigenlijk?”, vraagt Sablerolle retorisch. “Wij zeggen: voor de Nederlanders. Er moet een deur aan de grens komen die maar naar één kant open kan. Naar buiten.” En de asielzoekers die al in het land zijn moeten eigenlijk ook “eens goed tegen het licht worden gehouden”, aldus de lijsttrekker, wiens hugenoten-voorvaderen in de zeventiende eeuw naar Nederland kwamen uit het dorp Sablerolle in het Franse département Tarn. “Maar als we de bestaande inwoners van dit land gelukkig willen maken, kan er nu niemand meer bij”, zegt hij.

Niet dat hij een racist is, beslist niet “Ik heb geen xenofobie. Als ik mijn hond uitlaat om zes uur en een buitenlander naar de bus zie rennen op weg naar zijn werk, krijg ik een warm gevoel.” Op Janmaat stemmen? Nooit. “Ik hou er niet van om het over personen te hebben, maar hem vind ik echt een proleet.”

Maar het PDA wil meer. Sablerolle kijkt even mee op het veertien politieke doelen tellende verkiezingspamflet. “We hebben ook een meterslang filosofisch manifest, maar dit is kort en bondig wat we willen.” Een greep uit de bonte reeks: identificatieplicht, betere bescherming van slachtoffers van misdrijven, een algeheel jachtverbod, minder geweld op televisie, verbetering van de bejaardenzorg, een welvaartsvaste AOW, herziening van de bonus-malus regeling voor bedrijven inzake de WAO en afschaffing van positieve discriminatie.

Sablerolle stemde tot nu toe VVD. De lijsttrekker heeft nog ergens een wandtegeltje met de tekst 'Socialisme blijft zolang er wat te halen valt' - en zo denkt hij erover. “Ik heb iets tegen uitvreters, of het nou buitenlanders zijn of Nederlanders. Iemand die maatschappelijk in de hoek zit, is er bijna nooit in getrapt, die is er zelf in gaan zitten. Het is net als met roken: je roept het over jezelf af.” Een uitzondering wil hij maken voor gehandicapten en bejaarden, dat wel.

Sinds de oprichting van de partij in januari is Sablerolle “tien jaar ouder geworden” door alle geregel en gedoe. Het kader telt, behalve de lijstrekker, drie mensen: in Sliedrecht, Krimpen aan den IJssel en Loosdrecht. Twee mannen en een vrouw, allen afkomstig uit het zakenleven, die reageerden op de krante-advertentie waarin Sablerolle mensen opriep voor de nieuwe partij. Hoeveel leden de nieuwe patriotten inmiddels hebben geworven wil hij niet kwijt. “Een generaal zegt ook niet hoeveel soldaten hij heeft.”

Maar zijn vertrouwen in de verkiezingsuitslag wil de PDA-aanvoerder graag onderstrepen. “Als we er niet in geloofden, zouden we niet meedoen. Wij zijn terriërs, we houden vast. Ik sta te popelen, hoor. Als ik in de Kamer kom word ik daar de fatsoensbewaker. Daar draait het bij ons allemaal om. Fatsoen.”