Verhalen over verdwijningen meer voor tv dan bioscoop

De vermisten. Regie: Trix Betlem. Met: de Moeders van het Plaza de Mayo e.v.a. Amsterdam, Rialto.

In tweeënzestig landen ter wereld, zo rapporteerde de werkgroep Verdwijningen van de Verenigde Naties, worden politieke tegenstanders onschadelijk gemaakt door ze te ontvoeren en vervolgens als het ware van de aarde weg te gommen. Niemand hoort meer van ze. Vooral de vraag of ze in leven zijn of dood wordt, ter intimidatie van familie en gelijkgezinden, zorgvuldig in het midden gelaten. In veel van die landen loochenen de autoriteiten deze verdwijningen, in Argentinië maakten ze tussen 1976 en 1983 deel uit van het beleid van de militaire junta.

Dit zijn geen onbekende feiten. Amnesty International blijft er hardnekkig ruchtbaarheid aan geven, talloze journalisten deden en doen er verslag van en er werden heel wat films over gemaakt.

De Nederlandse documentaire cineaste Trix Betlem voegde er haar versie aan toe. Zij ging in Buenos Aires praten met de inmiddels wereldberoemde 'Dwaze Moeders', de vrouwen die jaren lang in een wekelijkse demonstratie informatie eisen over hun verdwenen kinderen. Gesprekken met deze indrukwekkende vrouwen over de geschiedenis van hun actie, wat zij nu doen en wat ze verwachten voor de toekomst, zijn in Betlems film het uitgangspunt en verder maakt ze de stand van zaken op in Sri Lanka en Marokko. Ook daar registreerde zij hartverscheurende verhalen, wat samen met een aantal overkoepelende gesprekken met specialisten op het gebied van mensenrechten een informatief en tot daden opwekkend geheel opleverde.

Maar film werd het niet. De vermisten is een reportage die goed werk zal doen op het televisiescherm, waar de NCRV hem dan ook te zijner tijd zal laten zien. Om serieus te worden genomen als film ontbreekt het De vermisten alleen al aan lengte (hij duurt 62 minuten), aan structuur en aan een eigen vorm. Het grootste manco is echter dat de maakster naliet zichzelf in het geding te brengen. Ze vindt het allemaal heel erg wat ze hoort, zoveel maakt ze duidelijk. Maar dat is niet genoeg, want dat vindt haar publiek vanzelf ook. Kijkt het televisie dan zal het tevreden zijn dat het wordt bijgepraat en op de hoogte gebracht. Kocht het een kaartje voor de bioscoop en gaat het zitten in een zaal, dan heeft het recht op iets anders. Het wil delen in ideeën, gevoelens, gedachten - alleen die inzet en een artistiek doordachte aanpak zijn een basis voor een bioscoopfilm.

Waarom wordt De vermisten dan toch in een filmhuis vertoond? Aandacht voor verdwenen mensen en voor de acties van hen die zij achterlieten mobiliseert Trix Betlem al ruimschoots dankzij de televisieuitzending, daar zal een handjevol bioscoopgangers weinig aan toevoegen. Door de puur verslaggevende vorm maakt haar film weinig kans op een eventuele, door een groot scherm toegevoegde ontroering. Er blijft maar een argument over voor de uitbreng van deze reportage in een filmtheater: de ijdelheid van de maakster en haar medewerkers.