Felliniaanse Nabucco vol zangers 'met strot'

Voorstelling: Nabucco van G. Verdi door de Opera van Krakow o.l.v. Ewa Michnik. Decors, kostuums en regie: Waldemar Zawodzinski. Gezien: 16/4 Kon. Schouwburg Den Haag. Tournee door het hele land met wisselende bezettingen t/m 3/5.

Wat zou opera buiten Amsterdam dit seizoen zijn geweest zonder de in Amsterdam wonende Poolse impresario Supierz? Hij importeerde voor de Nederlandse schouwburgen bijna honderd operavoorstellingen uit Polen en Rusland omdat er anders - behalve Opera Zuid - buiten het Muziektheater bijna geen opera was geweest. Het is nog steeds verbijsterend dat WVC Opera Forum ophief voordat er vervanging was georganiseerd in de vorm van de nieuwe Nationale Reisopera.

De kwaliteit van Forum was niet steeds geweldig, maar Oosteuropese opera is evenmin altijd fantastisch - Supierz is de eerste om het toe te geven. En hij voegt eraan toe dat het wel merkwaardig is dat Oosteuropa zo het Nederlandse muziekleven 'sponsort'. Zijn probleem is dat een tournee met koor, orkest, dubbele cast en een technische ploeg een kostbare affaire is, terwijl de kwaliteit in Oosteuropa zelf onder druk staat wegens de economische situatie.

Terwijl de nieuwe Reisopera het volgende seizoen begint, gaat Supierz door met zijn import, zij het op wat kleinere schaal. Volgend seizoen brengt hij Die Fledermaus, Les contes d'Hoffmann, Die Zauberflöte, Boris Godoenov, Un ballo in maschera en Carmen, een dit seizoen al zeer succesvolle voorstelling van de Opera van Krakow. Supierz heeft een gat in de markt ontdekt bij een publiek dat alleen afkomt op het geliefde repertoire en zangers met 'strotten' en dat niet is geïnteresseerd in vernieuwende 'westerse' regie-opvattingen.

Verdi's Nabucco, die nu gaat in een tournee van de Opera van Krakow met achttien voorstellingen, is daarvan een goed voorbeeld. Het decor is simpel maar de kostumering is uitbundig en zelfs Felliniaans. Al dat textiel lijkt afkomstig uit wel vijf andere operaprodukties, behalve dan een 'authentieke' Nabucco. Vlak voor het geliefde Slavenkoor verbazen drie Poolse jongens het publiek: ze zijn geheel bloot, op een wit slipje en zilveren laarsjes na. Twee van hen zien we ook nog in een rood slipje, waaraan met jarretelles kousachtige broekspijpen zijn bevestigd.

Er wordt door de wisselende cast op respectabele wijze met verve en inzet gezongen. Artistiek leidster Ewa Michnik leidt vanuit de orkestbak haar gezelschap met vaste hand. Verder levert de koorbeweging een aantal visueel en auditief expressieve momenten op. Het optreden van wat dansers en een mimespeler is toch nog een ietsje 'modern'.

    • Kasper Jansen