Wie komt er in mijn hokje?

De strijd om de (noodzakelijke) besparingen van particulieren duurt onverdroten voort. Aanbieders en bemiddelaars proberen schichtige klanten met allerlei fraaie produkten in hun hokje te lokken. In deze tijd draait het bijna altijd om aandelen en hoge rendementen in een verre toekomst.

Weleens gehoord van unit linked/universal life verzekeringen? Nee? Dat hindert niet. Aanbieders van deze polissen zullen die duistere termen, waar nog geen duidelijk Nederlands woord voor bestaat, niet gebruiken in het bijzijn van hun consumenten. Ze bedenken liever een fraaie naam.

Verzekeraar Generali, dochter van de gelijknamige Italiaanse groep en voortzetting van de Nederlanden van 1870 en de Eerste Algemene, komt deze maand met de ul/ul-polis het Toekomstplan op de markt. Geen gewoon produkt gebaseerd op aandelen, zoals er twintig in een dozijn gaan, maar een nieuwe filosofie, een uiterst flexibel concept, oplossing voor financiële problemen, maatwerk waarmee kundige bemiddelaars de boer op kunnen om te adviseren en zo wat aan persoonlijke financiële planning doen. Mooi hè. Wie wil dit?

De maatschappij zegt: De markt voor levensverzekeringen is in beweging. Steeds meer consumenten verwachten van verzekeraars flexibiliteit, openheid en duidelijkheid rond hun produkten, zonder dat dit ten koste van het rendement gaat. Vandaar een nieuwe generatie constructies: flexibel zowel aan de verzekeringskant als aan de beleggingskant.

De basis is een levensverzekering met spaardeel: de premies worden belegd in een of meer van de volgende fondsen: een aandelenfonds, een combinatiefonds met aandelen, obligaties en vastgoed of een obligatiefonds. Daarmee loopt de verzekerde persoonlijk het risico van een lager dan verwachte opbrengst. Wie dat niet wil, kan zijn geld in een garantiefonds stoppen dat op de (beoogde) einddatum een kapitaal uitkeert gebaseerd op 4 procent gemiddeld per jaar, iets minder dan 4 procent cumulatief en eigenlijk een traditionele verzekering.

Waarom zou je zo'n contract aangaan? De verzekeraar meldt deze oogmerken: individuele (lijfrenten) en werkgeverspensioenen, fiscaal-vriendelijk sparen, bedrijfsspaarregelingen en als aflossingsverzekeringen van een hypotheek. Die punten drijven vooral op bekende, beperkte fiscale kurken als belastingaftrek en onbelaste uitkeringen en zijn daarom beperkt flexibel, de fiscus stelt immers enkele duidelijke eisen, anders gaan de voordelen verloren.

Dan de belegging in genoemde vier fondsen. De hoogte van een pensioen (en je toekomst) hangt mede af van de prestaties van de beheerders en de aantrekkingskracht van de fondsen. Waarom zullen die het beter doen dan de honderden andere stallingen voor geld?

Een alternatief voor het unit linked/beleggingsdeel van een plan (dat geldt tevens voor vergelijkbare plannen) is een van de vele beleggingsfondsen met beursnotering, beschikbaar in alle kleuren, maten en modellen. Waarom jezelf beperken tot het beschikbare aanbod van een verzekeraar, waar je niet uit kan, wanneer er zoveel rechtstreekse keus buiten de deur is?

Bovendien zullen beheerders van beursfondsen door de sterke concurrentie en voortdurende prestatievergelijkingen goed hun best moeten doen, anders stappen deelnemers over naar andere fondsen. Beheerders van verzekeringsfondsen daarentegen missen die prikkel, hun verzekerden kunnen nauwelijks weglopen.

Het wezenlijke verschil tussen contractuele plannen en vrije fondsen betreft de fiscale bevoordeling van de eerste. Daar staat tegenover dat koerswinst van fondsen, meestal, onbelast is en niet gebonden aan een maximum of duur. De uitkeringen aan deelnemers, zoals dividenden, zijn wel belast. Deelname aan een fonds is uiterst flexibel: je mag betalen wanneer het uitkomt, op ieder gewenst erin of eruit, enzovoort. En die punten propageert een ul/ul-polis als sterke voordelen.

Als extra biedt Generali de koersval-beveiliging, een variatie op de stop-loss-order in de effectenhandel. Daarmee kan een verzekerde zijn risico's enigszins afdekken. Indien op een dag de koers tot minder dan 80 procent daalt van een voorgaand hoogste punt, worden de participaties automatisch overgeheveld naar het garantiefonds. Tot zover de beleggingskant.

Het verzekeringsdeel van het Toekomstplan bestaat uit vele overlijdensrisico-verzekeringen, dekkingen tegen arbeidsongeschiktheid en verzekeringen voor ongevallen en een uitkering bij het overlijden van kinderen.

Voor verzekeraars en tussenpersonen is het een manier om zich te onderscheiden van banken en direct writers, maatschappijen die zonder tussenpersonen werken. Gezien vanuit de consument en zijn financiële planning bieden deze plannen/pakketverzekeringen mogelijkheden die elders ook te vinden zijn en al door hem geregeld zijn en waarschijnlijk flexibeler.

    • Adriaan Hiele