Millingerwaard

Je hoeft niet op de Hollandse kade geweest te zijn om te weten hoe het eruit ziet. Het is een karakteristiek stukje Holland. Tegen een horizon van nieuwbouwwijken groeit niet veel meer dan één soort gras in de weilanden en één soort alg in de sloten. Het 'grutto-grut' is er niet van de lucht en als je nog andere dieren wil zien, doe je er goed aan een loslopende hond mee te nemen.

De Millingerwaard is een stuk minder overzichtelijk. Sinds de boeren er weg zijn, stuiven de akkers op tot rivierduinen. Ooibossen woekeren over de weg. Er vestigen zich honderden planten en diersoorten en als je er niet geweest bent, kun je je geen voorstelling maken van de veerkracht van de Nederlandse natuur.

Gebieden als de Millingerwaard werpen ook een nieuw licht op de aard van de natuurbescherming, die vaak nog Hollandser bleek te zijn dan bovengenoemde kade. De spectaculaire wijze, waarop de natuur reageert op de door ons geboden vrijheid zet desalniettemin velen aan het denken. De vanzelfsprekendheid van menselijk ingrijpen in de natuur, komt grondig ter discussie te staan.

De Millingerwaard is geen zuivere natuur, en het streven daarnaar is ook nooit een drijfveer geweest voor de initiatiefnemers. Het gebied levert wel stof voor zuiverder discussies over de inhoud van het begrip natuur en de relatie mens-natuur in dicht bevolkt Nederland.

Dat is een andere zuiverheid, dan die Koos van Zomeren in NRC Handelsblad van 5 april suggereerde toen hij natuurontwikkeling in de Millingerwaard associeerde met het insinuerende begrip zuivere mensen, biologen zelfs, die het uitroeien van de grutto zouden aanmoedigen. Die opmerking is pas misselijkmakend. Laten we ons nog meer inzetten voor het behoud van de grutto, maar laat ook de Millingerwaard een aanklacht zijn. Niet tegen de grutto, wel tegen de devaluatie van het begrip natuur.