Duizenden Palestijnse arbeiders mogen naar Israel

TEL-AVIV, 19 APRIL. De Israelische regering heeft gisteren besloten 4.500 Palestijnse arbeiders boven de 35 jaar toestemming te geven naar hun werk in de Israelische landbouw terug te keren. Ook zullen 16.000 Palestijnen uit de bezette gebieden voor “humanitaire werkzaamheden” (artsen, verplegers, personeel bij internationale instellingen etc.) weer tot Israel, in feite Jeruzalem, worden toegelaten. Tevens zal Israel bijna 20 miljoen gulden steken in openbare werken in de bezette gebieden om er de werkloosheid te bestrijden.

Als gevolg van de afsluiting van de Gazastrook en de Westelijke Jordaanoever van Israel in reactie op de Hamas-bomaanslagen in Afula en Hadera hebben tegen de 70.000 Palestijnen hun werk in Israel verloren. Het enigszins verlichten van de als “absoluut” aangekondigde afsluiting betekent niet dat de regeringspolitiek dienaangaande is gewijzigd. Regeringswoordvoerders zeiden gisteren nadrukkelijk dat de afsluiting voor onbepaalde tijd is.

Vooral de Israelische landbouw en bouwnijverheid zijn door het gedwongen wegblijven van de Palestijnse arbeiders zwaar getroffen. Boeren en aannemers maken melding van zware verliezen. De afsluitingspolitiek is een zware klap voor de op zichzelf reeds zwakke Palestijnse economie in de bezette gebieden. Tegen de honderdduizend Palestijnen zijn als gevolg van de Israelische veiligheidspolitiek werkloos geworden. Ahmed Tibi, de Israelische Arabische raadgever van Yasser Arafat, zei zaterdag dat deze situatie in de kaart speelt van de moslim-fundamentalistische organisatie Hamas die met een net van sociale ondersteuning de Palestijnse werklozen opvangt en daardoor de kans krijgt hen ook te indoctrineren. In de Palestijnse pers verschijnen vrijwel dagelijks hoofdartikelen waarin de Israelische politiek als “een onmenselijke collectieve straf” wordt gehekeld. Vooral de afsluiting van het door Israel ingelijfde deel van Oost-Jeruzalem van de bezette gebieden brengt voor de Palestijnen grote problemen met zich mee. Velen werken er en Jeruzalem is een verbindende schakel tussen het zuidelijke en noordelijke deel van de Westelijke Jordaanoever. De afsluiting van Oost-Jeruzalem splijt de Palestijnse gemeenschap op de Westelijke Jordaanoever, terwijl dat niet het geval is met de Palestijnse gemeenschap in de Gazastrook, die geen kant uit kan.

Ahmed Tibi zei te hopen dat de onderhandelingen tussen Israel en de PLO in Kairo en economische onderhandelingen in Parijs tot een herziening van de Israelische politiek ten aaanzien van de afsluiting zal leiden. Israel stelt zich echter ondanks de daarmee verbonden problemen duidelijk in op buitenlandse arbeid.

Volgens de minister van financiën bevinden zich reeds 30.000 legale buitenlandse arbeiders in Israel, terwijl volgens schattingen van zijn ministerie er 15.000 illegaal werken. De regering-Rabin besloot na de afkondiging van de laatste strikte afsluiting na de zelfmoordaanslagen door Hamas in Afula en Hadera de bouw- en landbouwsectoren toe te staan op grote schaal arbeiders uit het buitenland (Thailand, Oost-Europa) aan te trekken.

De Palestijnen zien dat als een indicatie dat Israel ook op de langere duur de Israelische economie wil ontkoppelen van Palestijnse arbeid die sedert 1967 zo'n belangrijke rol heeft gespeeld in de economische groei van de joodse staat en de Palestijnse levenstandaard, ondanks de lage lonen, omhoog heeft gestoten.

    • Salomon Bouman