Bijeenkomst Oost-Europabank; Moskou wil veel meer geld van de EBRD

ST. PETERSBURG, 19 APRIL. De Russische premier Viktor Tsjernomyrdin heeft gisteren de Oost-Europabank opgeroepen meer geld uit te trekken voor Rusland. Het Westen zou veel meer in de Russische economie moeten investeren.

Tsjernomyrdin sprak op de eerste dag voor afgevaardigden tijdens de jaarvergadering van de Bank voor reconstructie en ontwikkeling (EBRD) in St. Petersburg.

De Russische premier beloofde dat zijn regering de economische hervormingen zal voortzetten. Maar hij hekelde het feit dat de bijdrage van de EBRD nog te gering is. De tien miljoen dollar die de bank in zogenoemde pilot-projecten heeft gestoken staan volgens hem “in geen verhouding” tot de behoeften van het land. Functionarissen van de EBRD zeiden bereid te zijn volledige projecten te starten. Tsjernomyrdin beloofde op zijn beurt “bureaucratische barrières” die het werk bemoeilijken, weg te nemen.

Tsjernomyrdin zei ook “concrete projecten” van de zeven rijke industrielanden (G7) te verwachten. Volgens Tsjernomyrdin, die zondag een ontmoeting had met functionarissen van de G7, begint het financiële stabisatiebeleid in zijn land vruchten af te werpen. De inflatie was in februari minder dan 10 procent en kan eind dit jaar volgens hem dalen tot 5 à 6 procent. De Amerikaanse onderminister van financiën Lawrence Summers prees gisteren in St. Petersburg de Russische premier. “Ik ben bemoedigd door wat er de laatste maanden is gebeurd.”

Minister Kok (financiën), die voor Nederland als aandeelhouder de functie van EBRD-gouverneur vervult, zei dat de bank haar aanwezigheid in de landen waar zij actief is flink moet uitbreiden. “De bank kan daar beter inspelen op de behoeften en daardoor haar resultaten verhogen”, aldus de bewindsman in zijn toespraak. Hij sloot daarmee aan bij Jacques de Larosière, de president EBRD. De Fransman liet in zijn openingstoespraak weten dat de EBRD in alle landen van Oost-Europa en de voormalige Sovjet-Unie present wil zijn. Daaraan koppelde hij meteen de doelstelling, in elk land dit jaar minstens één transactie af te sluiten.

Kok onderstreepte het belang van de aandacht die de EBRD moet besteden aan de particuliere sector. Volgens Kok moet de bank zich houden aan de opzet niet meer dan 40 procent aan de staatssector te lenen. De EBRD mag zich evenwel niet vastpinnen op dit percentage, omdat in de landen die nog maar weinig vorderingen hebben gemaakt in de overgang van planeconomie naar markteconomie kansrijke projecten in de privésector nauwelijks te vinden zijn. Kok waarschuwde in de marge van de vergadering, in een reactie op de aandrang vanuit Oost-Europa meer krediet te verstrekken, dat de kwaliteit voorop moet staan. Anders zou de EBRD “ongeloofwaardig en onbekwaam” worden.

De Westduitse minister van financiën, Theo Waigel, pleitte gisteren voor een eerlijker lastenverdeling tussen de donorlanden. Duitsland heeft 130 miljard D-mark besteed aan hervormingen in Oost-Europa, meer dan de helft van wat het Westen heeft betaald. “De lasten moeten eerlijk verdeeld, wij hebben de grens van ons vermogen bereikt.” (Reuter, AP, ANP)