Verwarring na uitspraken van Lubbers

PAG.9 COALITIE MET D66; PAG.9 HOOFDARTIKEL

DEN HAAG, 18 APRIL. In het CDA is verwarring ontstaan over de uitspraak van minister-president Lubbers dat lijsttrekker Brinkman niet automatisch de kandidaat-premier is. Brinkman heeft daarop dit weekeinde geïrriteerd gereageerd. Het partijbestuur op zijn beurt vindt dat Brinkman zijn ergernis niet meteen publiekelijk had mogen uiten.

Tijdens een televisie-interview, afgelopen vrijdag, zei Lubbers onder meer dat PvdA-lijsttrekker Kok 'niet slechter' is dan Brinkman en dat hij Brinkman wél als opvolger, maar nooit als de volgende premier had genoemd.

Volgens Brinkman heeft Lubbers moeite met het afscheid nemen van de macht. “Hij is aan het afkicken,” zo zei de lijsttrekker zaterdag tijdens een tocht van Harlingen naar Terschelling. Brinkman houdt onverkort vast aan zijn kandidatuur voor het premierschap.

Minister Hirsch Ballin (justitie), de nummer 3 op de kandidatenlijst van het CDA, steunt Brinkmans kandidatuur voor het premierschap. Ook waarnemend partijvoorzitter T. Lodders verklaarde vanmorgen - na overleg met Brinkman en Lubbers - dat het CDA vasthoudt aan Brinkmans kandidatuur.

Maar Lodders plaatste kanttekeningen bij het optreden van de lijsttrekker. Zij vindt diens reactie voorbarig, omdat hij op Lubbers reageerde nog voor hij kennis had kunnen nemen van de televisie-uitzending, waarin lubbers zijn omstreden uitspraken deed. Ook zou Lodders “andere woorden hebben gekozen” dan Brinkman in zijn reactie deed. Volgens de waarnemend partijvoorzitter was Lubbers verbaasd over de betekenis die aan zijn uitlatingen in Nova werd gegeven. “Hij had ze slechts als een relativerende terugblik bedoeld”, meende ze.

In het dagblad Trouw van vanochtend noemde Lubbers de interpretatie dat hij Brinkman zou hebben laten vallen “malicieus”.

De lijsttrekkers van de andere grote partijen reageerden verbaasd op de uitlatingen van Lubbers. Bolkestein (VVD) sprak van “een onverhoedse aanval” waarmee Lubbers de positie van Brinkman aan het wankelen zou brengen.

Brinkman zei zaterdag te hopen dat Lubbers' rol tijdens de verkiezingscampagne “een pietsje anders zal worden”. Volgens Brinkman blijven hij en Lubbers “vrienden”: “Ik heb veel aan Lubbers te danken. Hij heeft mij gevraagd als minister en hij heeft bevorderd dat ik lijsttrekker werd. Ik heb dus goede hoop dat die vriendschap voortgezet wordt.”

Kamervoorziter Deetman heeft dit weekeinde laten weten dat als de partij een beroep op hem doet voor het vervullen van het fractievoorzitterschap in de volgende kabinetsperiode, “ik niet wegloop voor mijn verantwoordelijkheid”.