Russen en Serviërs op elkaar aangewezen

In de week tussen 9 februari, de dag waarop de NAVO de Bosnische Serviërs in een ultimatum met luchtaanvallen bij Sarajevo dreigde, en 17 februari, toen de Serviërs na een afspraak met de Russen inbonden, heeft het - blijkens uitlatingen van Lord Owen in The Times van 18 maart - maar een haar gescheeld of de Russen hadden het vredesproces in Bosnië de rug toegekeerd: ze waren des duivels omdat ze niet bij het ultimatum van de NAVO waren betrokken.

Nu, weinig meer dan twee maanden later, zijn het duidelijk de Russen die de regie van het vredesproces in handen hebben. De Amerikanen, de Verenigde Naties, de Europese Unie, de hele internationale gemeenschap lijkt er niet meer aan te pas te komen. Er gebeurt niets in Bosnië zonder bemiddelaar Vitali Tsjoerkin en zijn chef, minister van buitenlandse zaken Andrej Kozyrev.

Sterker, het is speculatief, maar soms lijkt het wel alsof alles wat sinds 17 februari door de Bosnische Serviërs is ondernomen, is afgesproken en gecoördineerd met de Russen. De manier waarop de Bosnische Serviërs sinds begin vorige week de VN-vredesmacht UNPROFOR en het korps van militaire VN-waarnemers en de moslim-enclave Gorazde in de tang hebben genomen en de wijze waarop de Russen de zaak op dit moment mogen rechtbreien - Tsjoerkin pendelend tussen de Servische leiders Milosevic en Karadzic en VN-gezant Akashi; Kozyrev als deus ex machina met de verlossende vredesformule - wekken bijna het vermoeden dat de aanval op de moslim-enclave en de Servische actie tegen blauwhelmen en VN-waarnemers een door de Russen en de Serviërs uitgedacht spel is.

Pag.5: Serviërs en Russen: veel baat bij samenwerking

De samenwerking tussen de Bosnische Serviërs en de Russen is een tweesnijdend zwaard. Beide partijen hebben veel te winnen met de samenwerking waarvan sinds februari sprake is. Toen, na het NAVO-bombardement, konden de Russen de Serviërs uit een penibele situatie redden. Zij boden de Serviërs de formule waarmee ze hun gezicht konden redden, door luchtaanvallen te voorkomen zonder formeel te zwichten voor het NAVO-ultimatum. Het werd het begin van een unieke samenwerking.

Er is veel geschreven over de achtergrond van de samenwerking. De Russen, zo heet het, zijn de traditionele bondgenoten van de Serviërs, er is een slavische broederschap, gebaseerd op etnische, taalkundige, religieuze en historische verwantschap.

Die veronderstelde broederschap is grotendeels mythe. Niemand in Moskou ligt werkelijk wakker van het lot van de Serviërs. Die zogenaamde verwantschap speelde ook geen enkele rol toen Rusland voor de sancties tegen Joegoslavië, de berechting van oorlogsmisdadigers en legio andere voor de Serviërs nadelige resoluties stemde of toen Rusland - in 1992 - vergeefs van de Serviërs de heropening van het vliegveld van Sarajevo eiste.

Waarom dat nu wel die samenwerking? Waarom nu wel die zogenaamde Russische invloed op de Serviërs?

Het antwoord ligt in de ontdekking, door Rusland en door de Serviërs, van de voordelen die samenwerking wederzijds oplevert, en door de toegenomen behoefte bij de Russen om internationaal weer serieus te worden genomen - een behoefte die vooral het resultaat is van de toegenomen invloed van de nationalisten in Rusland zelf.

Die wederzijdse voordelen zijn groot. Voor de Bosnische Serviërs vormen de Russen een unieke vriend en een unieke bondgenoot. De wereld ziet de Republika Sprska als een roofstaat aan de Drina, zonder andere vrienden dan het Servië van Slobodan Milosevic. Rusland heeft een stem in de Veiligheidsraad en speelt een rol in het vredesproces die gelijkwaardig is aan die van de Amerikanen, de beschermers van de moslims. Het is voor de Serviërs goed en veilig schuilen onder de Russische paraplu. Hoe ver de Russische partijdigheid langzamerhand gaat, blijkt wel uit het gemak waarmee Kozyrev dit weekeinde de moslims de schuld gaf van de strijd in en rond Gorazde. Met Rusland als prominent co-dirigent van het vredesproces aan hun zijde kan de Serviërs geen groot diplomatiek malheur overkomen.

Omgekeerd profiteren de Russen van de Serviërs. Sterker: ze hebben de Serviërs hard nodig. Bosnië is vooralsnog het enige theater in de wereld waarop Rusland zijn grootmachtpretenties kan waarmaken en de erkenning van die pretenties kan afdwingen, waarbij een confrontatie met het Westen belangrijke politieke winst kan opleveren en waar Rusland zijn onmisbaarheid bij het vinden van een regeling kan aantonen.

Het is daarbij ook nog een conflictgebied waarop Rusland een minimum aan risico loopt. Er liggen geen Russische troepen (afgezien van een paar blauwhelmen) , er dreigt geen kernoorlog, en zelfs als de poging om die onmisbaarheid aan te tonen mislukt, is de schade aan het Russische prestige mimimaal, al was het maar omdat de VS, de VN, de EU, de NAVO en alle andere Westerse instellingen aan de kwestie-Bosnië een veel beschadigder imago overhouden. Kortom: voor Moskou zijn de kosten en de risico's klein, de potentiële winst echter enorm.

In Bosnië is sprake van een Russisch-Servische belangensynthese: de twee partijen hebben elkaar nodig en kunnen zelfs niet zonder elkaar. Sinds februari fungeert de Russisch-Servische tandem optimaal. In februari redden de Russen de Bosnische Serviërs van ernstig gezichtsverlies in Sarajevo. Opeens speelde Tsjoerkin een sleutelrol in de crisis in ex-Joegoslavië en sindsdien regent het 'bewijzen' dat de Russen onmisbaar zijn omdat ze 'zoveel invloed hebben op de Serviërs'. Het waren de Russen die de Kroatische Serviërs aan de onderhandelingstafel over de Krajina brachten; het waren de Russen die de Serviërs tot de opening van het vliegveld van Tuzla brachten; het waren de Russen die de Serviërs dit weekeinde tot hun bestand in en hun gedeeltelijke terugtrekking uit Gorazde brachten.

Veel van die 'bewijzen' zijn betrekkelijk en veel van de 'onmisbaarheid' van de Russen is toneel, waarvoor de Serviërs - in ruil voor de Russische paraplu - de requisieten leveren. Immers, de concessies zijn minder ingrijpend dan ze lijken. In Sarajevo hebben de Serviërs het schieten gestaakt, maar ze kunnen de stad nog altijd beschieten, ze kunnen zich zonder veel moeite weer meester maken van de ingeleverde wapens en ze hebben de belegering van de stad niet opgeheven. In Tuzla werd eveneens een halve concessie gedaan, want de Serviërs hebben nog eind vorige week aangetoond dat ze dat vliegveld elk gewenst moment weer tot sluiting kunnen dwingen. En van inname van Tuzla is aan Servische kant nooit sprake geweest, dus veel hebben ze er niet prijsgegeven.

En Gorazde? Er was geen militaire reden om Gorazde op dit moment aan te vallen. Gorazde is een enclave, die de Serviërs in de toekomstige besprekingen over territoriale concessies sowieso zal toevallen. De stad ligt in Servisch gebied en maakt zo goed als geen kans aan de moslims te worden toegewezen.

Toch hebben de Serviërs de stad aangevallen, en wel op een moment waarop de aanwezigheid van de VN minimaal was: er waren nog geen blauwhelmen en slechts weinige VN-waarnemers. De Serviërs hebben hun aanval vorige week vergezeld doen gaan door vernederende prikacties tegen VN-personeel elders in Bosnië. Het doel van de gecombineerde, goed voorbereide en uitgevoerde en volledig geslaagde actie lijkt tweeledig te zijn geweest: ten eerste hebben de Serviërs aangetoond dat ze zich niet laten dwingen en dat het Westen geen tanden, geen durf en geen concept heeft; en ten tweede hebben ze de Russen opnieuw de gelegenheid gegeven aan te tonen hoe onmisbaar ze zijn. Kozyrev heeft gisteren het schamele restje eer van de VN gered door de Serviërs ertoe te brengen in te stemmen met een bestand.

De belangrijkste kink in de Russisch-Servische kabel lijkt Karadzic' eigenzinnige bevelhebber Mladic te zijn: hij houdt zich tot begrijpelijke woede van de Russen niet aan het bestand.

De VN en de NAVO mogen Kozyrev echter voorlopig dankbaar zijn. Er is wellicht iets te zeggen voor de veronderstelling dat de crisis, inclusief deze afloop, tevoren door Kozyrev, Tsjoerkin en Karadzic zou kunnen zijn gepland: een scenario waarin de Russen en de Serviërs alleen maar konden winnen, omdat ze wisten dat NAVO en VN papieren tijgers zouden blijken. En dat blijven ze, tenzij Mladic zijn hand overspeelt en de Russen in hun hemd zet door de NAVO alsnog tot ingrijpen te dwingen.

Het tandem Pale-Moskou is tot nu toe een succeskoppel. Binnen twee maanden is Rusland dankzij zijn optreden in Bosnië opgeklommen van een internationale bedelaar met chronische en zo goed als onoplosbare interne problemen tot een supermacht die bij ingewikkelde regelingen niet aan de kant mag blijven staan, maar die integendeel op het eerste plan meespeelt.

Muhamed Sacirbey, de Bosnische VN-ambassadeur, kon vrijdag in Den Haag zijn verbittering niet verbijten toen hij het Westen verweet Rusland tot die klim op de prestigeladder in staat te hebben gesteld. “In Bosnië verloopt nu de breuklijn van de nieuwe confrontatie tussen Oost en West. Bosnië is een pion geworden in het spel tussen Oost en West. Het Westen zou Rusland moeten vertellen dat het geen strategische belangen heeft in Bosnië. Als het dat niet doet bevestigt het Rusland als een supermacht die belangen heeft in een voormalige cliëntenstaat. Daarmee bevestigt het de terugval in het oude stramien.”

Maar daarvoor lijkt het te laat.

    • Peter Michielsen