Nog vijf finales scheiden hockeyers Amsterdam van titel

AMSTELVEEN, 18 APRIL. Amsterdam stond eerste in de hockeyhoofdklasse, Pinoké zesde. Liefst vijftien punten scheidden beide ploegen. Maar als buren tegen elkaar spelen dan telt de stand op de ranglijst niet. Dan kunnen er rare dingen gebeuren. Dus bleef het gisteren in de derby in het Amsterdamse Bos tot het eindsignaal spannend en won koploper Amsterdam slechts met grote moeite met 2-1.

De hockeyers van Pinoké vochten als leeuwen tegen hun buurmannen. En ze hadden Hans Reuver achter zich staan. De robuuste aanvoerder is een uitstekende keeper. Hij heerst voor zijn doel en wacht de tegenstanders vaak al aan de rand van de cirkel op. Hij werd dit seizoen pas 21 keer gepasseerd. Amsterdam maakte deze competitie al 54 doelpunten, maar wist Reuver in twee wedstrijden slechts drie keer te verslaan. De doelman hoort in de nationale selectie van Roelant Oltmans thuis, maar heeft daar helaas geen tijd voor.

Reuver was gistermiddag alleen kansloos bij twee van zes strafcorners van Taco van den Honert. Met name de tweede was onhoudbaar. De bal verdween in de kruising. “Het is opmerkelijk dat de corner goed loopt als we slecht spelen en als we goed spelen gaat de corner weer minder”, constateerde Amsterdam-coach Joep Brenninkmeijer na afloop.

Dat is geen slechte ontwikkeling. Zo heeft Amsterdam altijd meerdere ijzers in het vuur. De ploeg is de grootste kanshebber voor het kampioenschap. Titelhouder Bloemendaal heeft twee verliespunten meer, HGC vier en beide achtervolgers moeten nog twee wedstrijden inhalen. Als Amsterdam zo speelt als verleden week tegen HDM dan is het team niet te stoppen. Het werd 5-0. Maar tegen Pinoké deed weinig herinneren aan dat klasseduel in Den Haag. Als het bij Amsterdam niet lekker draait dan heeft de tegenstander alle kans op een goed resultaat. De koploper speelt zeer aanvallend, stoort de opponent al op eigen helft en dat geeft het risico dat bij balverlies de eigen verdediging open ligt. Met wat meer overleg en inzicht had Pinoké ook meer kunnen scoren dan één keer.

De derby tegen de buurman is altijd een extra beladen wedstrijd, maar Brenninkmeijer en trainer Maurits Hendriks verwachten in de resterende duels zeker niet minder gemotiveerde tegenstanders. Ze bereiden hun spelers voor op “vijf finales”. Het potje tegen Amsterdam motiveert elke ploeg, weet Hendriks. “Wat is voor een hockeyer nou mooier om Van den Honert uit de wedstrijd te spelen? Of Graham Reid? Of Erwin Peters? We hebben zo veel aansprekende namen.”

Spits Peters ondervond tegen Pinoké hoe het slot van de competitie voor hem zal gaan verlopen. Hij zal steeds een bewaker op zijn lip krijgen. Want Peters is topscorer in de hoofdklasse met zestien velddoelpunten. Hij had in de eerste helft een verdediger, Job Kummer, van het taaiste soort tegenover zich die voortdurend ballen voor zijn stick wegdook en geen moment verzwakte. Na rust verhuisde Peters van links naar rechts en kreeg toen een beetje ruimte. Na afloop zei hij geen moeite met de straffe dekking te hebben. “We moeten winnen. Hoe dat gebeurt is niet belangrijk.”

Amsterdam werd voor het laatst negentien jaar geleden kampioen. Het is Joep Brenninkmeijer aan te zien dat het spannende tijden zijn. Hij hield het in de tweede helft geen minuut op dezelfde plek uit. Dan weer zat hij zijn stoel, dan weer liep hij langs de lijn heen en weer of hing tegen een reclamebord aan. Brenninkmeijer ontkende dat hij nerveus was. “Het is de betrokkenheid met mijn ploeg. Dit is zo'n fijn seizoen.”

De coach had centrale verdediger Walter Drenth graag nog een hele wedstrijd rust gegund om diens enkelblessure te laten genezen. Bij een 1-0 achterstand (doelpunt Ottevanger) bracht Brenninkmeijer de routinier toch in het veld. Eigenlijk had hij toen aanvoerder Rogier van der Wal juist naar de kant moeten halen, bekende de coach later. De laatste man was niet in zijn normale doen. Hij had minder getraind dan anders. Van der Wal was aan vervanging toe, maar Brenninkmeijer vond het uit menselijk oogpunt beter om de speler te laten staan. Uiteindelijk viel Van der Wal in de tweede helft met een vervelende hamstringblessure uit en dat verweet Brenninkmeijer zichzelf. “Ik had meer mijn coach-hart moeten laten spreken.”

Amsterdam heeft een selectie die de afwezigheid van belangrijke spelers kan opvangen. Zelfs toen én Van den Honert én Reid dit seizoen tegelijkertijd ontbraken kon de schade beperkt worden gehouden. “Daar heeft het team een kick van gekregen”, aldus Brenninkmeijer. Collega Bert Bunnik van Pinoké stelde al voor de wedstrijd dat hij met het spelersmateriaal van Amsterdam kampioen zou worden. Onzin, noemde Brenninkmeijer die opmerking. Hij wees op een rondvraag langs de hoofdklasse- coaches van voor het seizoen waarin Bunnik, tevens assistent-bondscoach, Amsterdam slechts op de derde plaats voorspelde. “Dus dit is allemaal bluf”, wist Brenninkmeijer.

“Ik denk ook dat Bloemendaal kampioen wordt”, aldus Bunnik. “Die ploeg heeft de betere papieren.” Waarom Amsterdam niet? “Ik ken de spelers. En ik ken de coach...”