Verenigde Staten; Baby in de subway: het is lente in New York

NEW YORK, 16 APRIL. De stad heeft haar winterjas uitgetrokken en de grauwheid maakt plaats voor kleur. Op het perron van de subway-halte Times Square beviel een Mexicaanse afgelopen dinsdagochtend van een gezonde baby - het is lente in New York. De tabloids stonden er vol van. De stationmanager vertelde dat het zijn eerste bevalling was en er ontstond het gebruikelijke oploopje. Het was niet de bedoeling dat de kreet 'Welcome to the subway, baby', een campagneleus van het vervoersbedrijf, zo letterlijk werd genomen, meldde New York Newsday. Alle treinen reden echter gewoon door.

“Het was de eerste baby dit jaar”, zegt een woordvoerder van de Transit Authority laconiek. “We hebben er in de regel elk jaar wel een paar.” Mensen worden geboren in de subway, nog meer sterven er elk jaar en geliefden ontmoetten elkaar in de subway. Natuurlijk worden er ook huwelijken gesloten. Dat kan in de treinen, maar ook in het Transit Authority Museum, het omgebouwde subwaystation Court Street in Brooklyn.

New York heeft het grootste ondergrondse treinensysteem ter wereld en het rijdt dag en nacht, zeven dagen per week. Het is een spiegel van de bovengrondse stad, want iedereen gebruikt de subway. Kinderen gaan ermee naar school, Wall-Streettypes gebruiken de trein om naar hun werk te gaan. Per dag worden ongeveer 700.000 reizigers door de slurven gesleurd en per jaar twintig miljoen toeristen. Op een traject van in totaal 1155 kilometer zijn 469 stations. De New-Yorkse subway, die begon in 1904, heeft zesduizend rijtuigen. Voor $1.25 kan je, als het moet, van de Bronx naar de zuidoostpunt van Brooklyn, dat is 25 mijl.

Een jaar of twintig geleden was er iemand die het volledige subwaynet achter elkaar heeft afgelegd. Dat duurde precies 26 uur, dus dat ging met een zeer acceptabele gemiddelde snelheid van 44 kilometer per uur. Er zullen wel fanaten zijn die dat proberen te verbeteren want er zijn een tiental clubs van subwayspotters in de stad. Ze kennen alle details over de systemen, de elektriciteitsleidingen, de treinen, de stations en natuurlijk ook de excessen.

Ken Kafsolwitz is vice-president van zo'n organisatie, de Electric Railroad Association, een club van vijfduizend treinliefhebbers. Hij is zo verliefd op de subway dat hij zijn vrije tijd besteedt aan het onbetaald rondleiden van bezoekers in het Transit Authority Museum. Zijn levensonderhoud verdient hij als computertechnicus. Arthur, een gepensioneerde werknemer van de Pennsylvania Railroad, is ook gids in het museum. “Ik doe dit twee dagen per week”, zegt Arthur. “Daarnaast werk ik ook drie dagen per week als bewakingsbeambte op Wall Street.”

Als ik hem vraag of hij wel eens een subway heeft bestuurd, valt hij bijna om van verbazing. “Een subway kun je niet besturen! Iemand die een subway rijdt heet een operator.” De operator bepaalt alleen de snelheid van de trein en wanneer hij stopt maar iemand anders verzet de wissels. Soms gaat er wel eens wat mis. “Door menselijke fouten zitten treinen soms op het verkeerde spoor”, zegt Arthur, die een heilig ontzag heeft voor het systeem. Waarom eigenlijk? “Het is een uniek systeem in de wereld. Het rijdt altijd, ook op Kerstavond. Het gaat altijd maar door.”

De afgelopen winter viel er op een dag dertig centimeter sneeuw. De eeuwige New-Yorkse taxi's waren vleugellam en de forensen bleven thuis. De subway reed gewoon op tijd door. Wel bleek weer eens hoe slecht de vervuilde stations eraan toe zijn. Uit elke gat in muur en plafond sijpelde water en ook de bielzen stonden in het water. De ratten in het Canal-Streetstation, dat permanent onder water staat, verdronken.

New-Yorkers zijn trots op hun subway maar het is natuurlijk steevast de pispaal van de stad. Er wordt wat afgescholden op de perrons en tegen de tokenverkopers. Die zitten veilig achter glas maar daar staan regelmatig mensen met hun vuisten op te bonken: Ik ben mijn token kwijt en de tourniquet geeft niet mee. Of gewoon om de bekende redenen: de trein is te laat, de trein is net weg, het omroepsysteem is onverstaanbaar, de bedelaars stinken, de airconditioning werkt niet of de raampjes staan open. Een reden voor gebruik van het f-woord is gauw gevonden. Die gemeenschappelijke ergernissen zijn goed voor de onderlinge communicatie in de subway.

Doorgaans echter vermijden straphangers (lushangers) elkaars blik want voor je het weet begint er iemand te foeteren. You got a problem, sir? Hè, wat? Ik? Nee, sorry, ik niet. In plaats daarvan kijkt men liever naar boven en leest een enkel subwaygedicht of een van de vele advertenties. Ze prijzen vooral alle mogelijke middelen voor lichamelijke kwalen aan. Te grote borsten kunnen worden verholpen, maar ook aambeien, wratten, haaruitval, sproeten en ongewenste zwangerschappen. Welcome to the subway, baby.

    • Lucas Ligtenberg