Tegen de muur praten (2)

Je kunt je op het ogenblik niet voorstellen dat het seizoen weer voor de deur staat, met de vakanties, de festivals, de Tour de France, de zon.

Maar het gebeurt. We hebben onze gespletenheid tot een graad van ontwikkeling gebracht, ongekend in de westerse beschaving. Men zal erop wijzen dat in de Tweede Wereldoorlog de voetbalcompetitie toch ook is doorgegaan tot de Hongerwinter er een eind aan maakte; maar dat was gezond escapisme, en Fussball muss sein, voetbal was toen nog geen oorlog, de grasmat was de laatste enclave van vrede. Nu heeft de televisie ons alle enclaves afgenomen, en toch houden we vol waar we mee bezig zijn. De ministers blijven minister, de commissarissen blijven commissaris, een psychiater-filosoof met een reclamekuif laat onder toezicht van de wereldorganisatie al een paar jaar met mortieren op kinderen schieten. Er is niets aan de hand. Alleen een gek blijft muggen ziften.

Een paar maanden geleden heb ik zo'n mug gezift. Het ging om een schijnheilige reclamecampagne waarin geprobeerd werd, de mensen wijs te maken dat 'alles bespreekbaar' is zolang er sigaretten kunnen worden gerookt. Alles bespreekbaar: in die formule kunnen we de hele postmoderne tijd vangen. Minister Van Thijn glimlacht tegen commissaris Nordholt: 'Alles is bespreekbaar Erik.' Het was al bewezen in het kamerdebat waarvan men niet kan ontkennen dat alles er besproken is. Ik schrijf overpeinzingen, geen politieke hoofdartikelen, maar de lezer zal toegeven dat de bespreekbaarheid boven de politiek is uitgestegen.

Mijn muggezifterige stukje van toen heet 'Tegen de muur praten.' Ja, een mens kan wel aan de gang blijven. Vaak heb ik me afgevraagd waarom jongeren die op affiches jeans en jeks aanprijzen, zo dreigend naar de aanstaande klant kijken. Dat komt natuurlijk omdat de fotograaf dat wil, en die doet weer wat de campagnemaker hem heeft gezegd en de campagnemaker gaat af op de wensen van de fabrikant die denkt dat jongeren vlugger kopen als ze geloven dat ze dreigend gaan kijken zodra ze die broek hebben aangetrokken. Dat is de vicieuze cirkel. Ik nam me voor om niets meer tegen de muur te zeggen.

Deze week is het er toch weer van gekomen. In de Publex-vitrines hing het portret van een man die was gehuurd om een psychopaat te verbeelden: griezelig over zijn schouder kijkend met in het Engels de mededeling dat hij, als het donker was, zijn slachtoffer in de rug zou aanvallen. Hoezo, waarom? You're about to be tango'd. Er kwam nog zo'n affiche, weer een psychopatenkop maar nu ook daadwerkelijk met de schaar verknipt en met de toelichting dat deze man zelfs naakt zou aanvallen en met dezelfde tango-formule. Allemaal uit het spookhuis van de kermis, maar toch, er zat iets onhebbelijks in; voor de muggenzifter - ik verontschuldig me - een begin van een laagheid waarmee je in het spookhuis niet wordt verrast.

Misschien had ik mezelf op die manier een beetje geconditioneerd. Ik liep een krantenwinkel binnen om een letterkundig tijdschrift te kopen dat me door verscheidene bevoegde kritici als vernieuwd en interessant was aanbevolen. Ik keek rond en plotseling leek het daar wel een slagerij annex schiettent. Als er geen vlees op de omslagen stond, karrevrachten mensenvlees (m/v), werd er wel een pistool op de klant gericht, of hij werd weer dreigend aangekeken door een ontevreden jongere. De overweldigende meerderheid daar bestond uit tweedimensionale halve garen.

Toen vond ik het vernieuwde tijdschrift; tenminste, de naam klopte, maar op het omslag: weer zo'n jongere. Omdat ik niet het gevaar wil lopen, in elkaar te worden getremd zeg ik dat deze in kwestie de aanstaande lezer vriendelijk en verstandig in de ogen kijkt. Goed geknipt en geschoren, niet zomaar beschaafd maar iemand van wie je graag eens een essay zou willen lezen. Een verfrissing na al die eigentijdse types in de Publex-vitrines. Ook tussen al dat vlees en geboefte in de krantenwinkel sprong het eruit. Vandaar dat ik graag mijn achttien gulden heb neergeteld.

Ik las het credo van de vernieuwers: 'Daarom wil De Revisor een denkend tijdschrift zijn, dat de hele cultuur tot domein verklaart, als een veelvoudig geheel, van hoog tot laag, inclusief de marges, het liefst vanuit de marges. (-) We kunnen zeggen: tussen ethiek en esthetiek een gebied ontginnen van betrokkenheden, standpunten, terugblikken, perspectieven. De nadruk op onze positie nu.' Nog meer van dat opgeblazen hompelproza.

Wat voor marges zouden ze bedoelen, vanuit? Er is vrijwel geen ander 'domein' meer dan dat van de 'marges' die je dwingen tot bespreekbaarheid van alles. Probeer daar maar eens antwoord op te geven. You're about to be tango'd.

    • S. Montag