Record

De 24e editie van het Interpolis bridgetoernooi is net achter de rug. Het open parenkampioenschap van Nederland is populair; dit jaar deed een record aantal van 10.500 paren mee. Via een netwerk van voor- en tussenrondes moest de felbegeerde finale van 64 paren bereikt zien te worden. Naast internationals en meesterklassers blijkt dat een aantal gezelligheidsspelers ook altijd te lukken. Dat maakt het evenement extra charmant. Wat te denken van dit tafereeltje bijvoorbeeld?

Een ouder echtpaar doet voor het eerst mee, maar het allereerste spel geeft wat aanpassingsproblemen. De tegenstander opent 1Klaver, mevrouw zegt doublet, de andere tegenstander antwoordt 1Schoppen en nu zegt mijnheer doublet. Na een korte stilte neemt mijnheer het heft in handen:

“Partner je moet alerteren; mijn doublet is conventioneel....” Schattig, maar absoluut verboden zo'n opmerking aan tafel. Hoewel het duister bleef of mevrouw de betekenis van het als negatief bedoelde doublet vergeten was, liep het allemaal met een sisser af. De tegenpartij eindigde in 2Schoppen contract, voor een zeer goede score. Het echtpaar eindigde op een eervolle 41ste plaats. Van de 10.500, niet slecht.

De titel ging naar Vincent Kroes en Jean Harings, twee gerenommeerde meesterklassers uit Nijmegen. “Echt fraaie spellen deden zich bij ons niet voor. Het was meer een combinatie van degelijkheid en af en toe een vleugje geluk.”

De laatste jaren is er een interessante ontwikkeling te bespeuren ten aanzien van jumps. Vroeger was je sterk als je sprong (als volgbod of in het antwoord). Tegenwoordig worden aan sprongbiedingen liever andere betekenissen toegekend. Verleden week zag u een prachtig voorbeeld van de inviterende jump uit het EK mixed in Barcelona. De kampioenen Tammens-Van der Pas boden in twee biedronden een lay-down 6Klaver uit, dat op de andere tafel in vijf biedronden door de Fransen was gemist. Dit spel uit de Interpolis-finale is illustratief voor de waarde van de zwakke jump in de antwoordhand:

Oost geverNoord

NZ kw.Schoppen H108

Harten V104

Ruiten V92

Klaver VB102

WestOost

Schoppen B76532Schoppen A9

Harten AHarten H9852

Ruiten 753Ruiten AHB10

Klaver 653Klaver H7

Zuid

Schoppen V4

Harten B763

Ruiten 864

Klaver A984

De meeste paren eindigden in 4Schoppen. Het bieden ging bijna altijd: 1Harten - 1Schoppen - 3Ruiten - 3Schoppen - 4Schoppen. Toegegeven, op een goede dag maak je zo'n contract heus wel eens. Maar voor een parentoernooi is het eigenlijk te scherp. Na de logische start van KlaverV viel in de praktijk aan het verlies van twee klaveren- en twee troefslagen niet te ontkomen. Een paar paren wisten wel uit deze dubieuze manche te blijven. Zij bedienden zich van de zwakke jump: 1Harten - 2Schoppen (3-5 pt., zeskaart schoppen) - pas en noteerden tevreden +140, wat 54 wedstrijdpunten opleverde bij een top van 64.

Over jumps gesproken. Wat dacht u van deze serie, eveneens uit de Interpolis-finale?

Noord geverNoord

NZ kw.Schoppen AHV3

Harten 7

Ruiten 73

Klaver AV8742

WestOost

Schoppen 74Schoppen B102

Harten AHV6Harten 1082

Ruiten A642Ruiten VB1098

Klaver 1063Klaver B9

Zuid

Schoppen 9865

Harten B9543

Ruiten H5

Klaver H5

West Noord Oost Zuid

pas 1Klaver 2Ruiten dbl

3Harten 3Schoppen pas pas

4Ruiten 4Schoppen pas pas

5Ruiten 5Schoppen pas pas

pas

2Ruiten was een zwak sprongvolgbod. Bij gunstige kwetsbaarheid mag zoiets tegenwoordig al op een vijfkaart. Het doublet gaf hartens en schoppens aan. 3Harten was een picture jump: ruitenfit en goede hartens. Hierna probeerde een vertraagd biedende noord geslepen OW uit de goede 5Ruiten redding te praten. Die kwam toch, waarna noord nog maar eens 5Schoppen probeerde. Toen oost de enige downstart vond (RuitenV), ging het eindcontract min één: een volle top voor OW. Overigens zou 5Ruiten gedoubleerd min twee al een 90 procent score voor OW hebben betekend.