'Kolenvergassing kan Derde Wereld helpen'

BUGGENUM, 16 APRIL. De Westerse industrielanden kunnen door overdracht van de nieuwe techniek voor kolenvergassing aan ontwikkelingslanden een belangrijke bijdrage leveren aan verbetering van het milieu in de Derde Wereld. Dat zei directeur N. Ketting van de Samenwerkende elektriciteitsproducenten (SEP) gistermiddag bij de opening door prins Claus van de nieuwe elektriciteitscentrale voor kolenvergassing in het Noordlimburgse Buggenum, de 'Willem-Alexander centrale'.

Buggenum heeft de eerste commerciële centrale ter wereld, en met een elektrisch vermogen van 253 megawatt tevens de grootste, die stroom produceert met kolengas als brandstof. De eerste drie jaar wordt de centrale vooral gebruikt om ervaring met kolensoorten en de techniek op te doen, om op basis daarvan een keuze te kunnen maken voor het ontwerp van een nieuwe generatie kolencentrales. De nieuwe techniek zorgt ervoor dat met dezelfde hoeveelheid kolen meer stroom wordt opgewekt, bij minimale emissies. Restprodukten kunnen voor het overgrote deel weer zonder schade in het milieu worden teruggebracht.

Ir. Ketting noemde het absoluut noodzakelijk dat het Westen zich inspant om 'schone' technologie ook aan de groeiende economieën in de wereld beschikbaar te stellen, omdat deze landen anders geneigd zullen zijn te kiezen voor relatief eenvoudige en goedkope centrales die een grote milieuvervuiling veroorzaken. Hij wees erop dat op basis van de huidige ramingen over de ontwikkeling van het energieverbruik de elektriciteitsproduktie over de hele wereld in de komende 50 jaar moet worden verdrievoudigd. Afgezien van vervanging van verouderde stroomfabrieken betekent dit dat er gemiddeld elke dag een nieuwe centrale met hetzelfde vermogen als de 'Willem-Alexander' bij moet komen.

Minister Andriessen (economische zaken) noemde de nieuwe centrale een “uniek project, een revolutie in de elektriciteitsopwekking met kolen” waardoor steenkool nog lang de belangrijkste fossiele brandstof voor dit doel zal zijn.