Bosnië-akkoorden bedreigen Tudjman

In de Kroatische regeringspartij HDZ (Kroatische Democratische Gemeenschap) tekent zich een drastische scheiding der geesten af, die president en partijleider Franjo Tudjman op termijn een belangrijk deel van zijn macht zou kunnen kosten.

Aanleiding tot de partijtwisten waren vorige maand de akkoorden van Washington, waarbij Bosnische Kroaten en moslims tot de vorming van een federatie besloten en waarbij dit nieuwe Bosnië en Kroatië afspraken om een confederatie aan te gaan. Die doorbraak leidde binnen de HDZ tot opleving van de kritiek op de autoritaire Tudjman. Zijn critici zagen in het akkoord een uitstekende aanleiding om aan te dringen op het ontslag van minister van defensie Susak, de radicale leider van de 'Herzogovijnse lobby', die algemeen verantwoordelijk wordt gehouden voor het Bosnië-beleid van Kroatië. Susak, aldus de critici, is de drijvende kracht geweest achter de oorlog die in Bosnië een jaar lang tegen de moslims is gevoerd en achter het streven naar een opdeling van Bosnië in een Servisch en een Kroatisch deel, dat zich vervolgens bij Kroatië zou moeten aansluiten. De akkoorden van Washington, aldus de critici, vormen het faillissement van dat beleid en Susak kan dus maar beter vertrekken.

Die kritiek was niet nieuw. Nieuw was wel dat ze openlijk en onomwonden werd geuit door een van de mede-oprichters van de HDZ, Josip Manolic, voorzitter van een van de kamers van het Kroatische parlement, lid van het partijbestuur en voormalig premier. Dat Manolic zijn kritiek uitte in uitgerekend het blad Globus, dat geen gelegenheid voorbij laat gaan om Tudjman op de hak te nemen, was een duidelijke teken dat het Manolic ernst was.

Tudjman zette Manolic op 23 maart prompt uit het bestuur van de HDZ wegens zijn “herhaaldelijk en openlijk geuite bezwaren” tegen het beleid van de president en drong er bij het parlement op aan Manolic als voorzitter te ontslaan. Een voorstel daartoe werd door Manolic als agendapunt afgewezen. De parlementsvoorzitter kondigde aan een eigen partij te gaan vormen en breidde zijn aanval uit naar andere aspecten van het beleid van Tudjman, zoals de discriminatie van de Serviërs in Kroatië: “We moeten ophouden met de gedwongen uitzettingen, het opblazen van huizen en het discrimineren op nationale criteria.”

Manolic werd bijgevallen door een andere mede-oprichter van de HDZ, Stipe Mesic, de voorzitter van de andere kamer van het Kroatische parlement en de laatste president van het voormalige Joegoslavië. Ook hij koos voor zijn aanval een oppositieblad, Feral Tribune, waarin hij de wijze waarop Manolic aan de dijk was gezet aan de kaak steld: “De manier waarop een groep van hardliners Manolic' kritiek exploiteert lijkt op de bolsjewistische vervolgingen in Stalins tijd.” Een derde HDZ-oprichter, Tomislav Duka, trad uit het partijbestuur, “geschokt en beledigd door de schendingen van de democratische principes” bij het ontslag van Manolic.

Achter de ruzie gaat meer schuil dan onenigheid over het gevoerde Bosnië-beleid. Manolic en Mesic leiden de 'liberale' vleugel binnen de HDZ, die zich tegen 'rechts' wil afzetten nu die met de akkoorden van Washington ene forse nederlaag heeft geleden en die zich ergeren aan het autoritaire beleid van de grillige, ijdele en eigenzinnige Tudjman. Tudjman van zijn kant neemt die handschoen gaarne op: hij heeft geen behoefte aan kritiek uit de eigen achterban. Bovendien zit hij na de koerswijziging in het Bosnië-beleid dringend verlegen om nieuwe, loyale medewerkers. De afgelopen weken zijn diverse naaste medewerkers van Tudjman aan de dijk gezet. Het weekblad Globus wist vorige week te melden dat ook premier Valentic zou willen opstappen, maar dat Tudjman hem heeft overtuigd nog enkele maanden aan te blijven.

De breuk kan Tudjman nog lelijk opbreken, als Manolic en Mesic inderdaad een nieuwe partij stichten en in de oppositie gaan. Manolic heeft gezegd te worden gesteund door zeven HDZ-leden van het Huis der Provincies, de 'eerste kamer' van het Kroatische parlement. Dat zou betekenen dat Tudjman nog maar kan rekenen op 31 van de 68 leden van de senaat. Als de steun voor Manolic en Mesic in het Huis van Afgevaardigden evenredig is, zou de HDZ ook in deze kamer van de Sabor haar huidige absolute meerderheid (85 van de 138 zetels) kunnen verliezen. De Kroatische oppositie heeft alvast op vervroegde verkiezingen aangedrongen. Volgens opiniepeilingen ligt de HDZ nog slechts twee procent voor op de belangrijkste oppositiepartij, de sociaal-liberalen.

    • Peter Michielsen