Tegen het gevibreer; De nuchtere schilderstijl van Henri Evenepoel

De schilderijen van de Belg Henri Evenepoel (1872-1899) eisen geen aandacht voor een 'eigen visie' op, maar laten de kijker van nu over de schouders van een negentiende-eeuwer meekijken. In Brussel is een overzicht van zijn buiten Belgie nauwelijks bekende werk te zien.

Tentoonstelling: Henri Evenepoel. T/m 11 juni Museum voor Moderne Kunst, Koningsplein 1-2, Brussel Di t/m zo 10-17u. Monografie: 1.350 BF.

Henri Evenepoel schilderde zijn eigen bed zowel in opgemaakte als in onopgemaakte toestand. Het beddegoed in de opgemaakte versie ligt er niet alleen ordentelijk bij, de hele inrichting van de slaapkamer is, ondanks het kleine formaat van het doek, precies en vakkundig geschilderd. Jassen aan een knaapje, po op de grond bij het hoofdeinde, schoenen onder het bed en een wandelstok er bovenop. Boven de witte lakens hangt aan de wand een twee jaar oud affiche; 'La Revue Blanche', in 1894 ontworpen door Bonnard.

Het onopgemaakte bed is geschilderd in een veel lossere toets. De nacht was woelig, het bed ver doorgezakt. Hier ontbreken po, schoenen en wandelstok. De Bonnard is teruggebracht tot een paar witte streepjes. Zonder zich nadrukkelijk de kunstgeschiedenis in te schilderen heeft de op jonge leeftijd aan tyfus overleden Brusselaar Henri Evenepoel (1872-1899), die als een 'traditionalist met een realistisch intimisme' te boek staat, een opmerkelijk en buiten Belgie vrijwel onbekend oeuvre achtergelaten. Het bestaat uit 350 schilderijen, een enorme hoeveelheid potloodschetsen, gravures, ontwerpen voor affiches en duizend met een Pocket Kodak boxcamera gemaakte foto's. De 400 brieven die hij schreef aan zijn vader Edmond, een topambtenaar die als musicoloog boeken schreef als 'Le Wagnerisme hors d'Allemagne', zijn onlangs in twee kloeke delen uitgegeven door de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van Belgie.

Door zijn vrij nuchtere, anonieme, vaak wat weifelende schilderstijl eist Henri Evenepoel - en hierin doet hij denken aan zijn tijdgenoot Felix Vallotton - niet de aandacht voor een 'eigen' visie op, maar laat hij de kijker van nu over de schouders van een negentiende-eeuwer meekijken die, zoals zovelen in die tijd, in spanning beleefde hoe de nieuwe tijd doorbrak.

Het Museum voor Moderne Kunst in Brussel heeft nu een grote overzichtstentoonstelling van zijn werk georganiseerd in zijn tijdelijke tentoonstellingruimten aan het Koningsplein. Daarin blijkt dat Evenepoel een scherp oog had voor het Parijse dagelijkse leven tijdens de Belle Epoque. Ook zijn deftige familie in Brussel moest op het doek en de gevoelige plaat worden vastgelegd, evenals zijn reis naar Algerije. Maar boven alles staat zijn zoon Charles, het kind van zijn grote liefde, zijn drie jaar oudere nicht Louise bij wie hij aanvankelijk in Parijs ging logeren. De verhouding met haar, die voor het thuisfront in Brussel geheim moest worden gehouden en tegenover vrienden verdedigd, stelde hem in staat te scheppen.

Melancholiek

Evenepoel arriveert in Parijs op het moment dat de belangstelling voor het impressionisme op een hoogtepunt is. Hij ziet echter niet veel in deze stroming, gekant als hij is tegen al dat 'gevibreer'. Maar ook met de schilders aan de Ecole des Beaux-Arts had hij niet veel op. Hij vond ze ouderwets en pompeus. Alleen Manet kon niet stuk; zijn fluitspeler vond hij 'een juweeltje' en natuurlijk de Olympia...

Hij kreeg les van Gustave Moreau, een bijzondere leraar die ook medestudenten als Matisse, Rouault en Marquet op weg hielp. Moreau vond dat Evenepoel al het mogelijke talent, inlevingsvermogen, zin voor kleur en compositie had, maar dat hij te veel bezig was van het schilderen een beroep te maken. “Dit jaar hebt u grote vorderingen gemaakt, tot het laatste moment bent u aan het werk, prachtig, men ziet dat u werkt! Maar druk u om de liefde Gods wat zachter uit. Uw harde stijl is vreemd, ze verraadt zich niet op uw gezicht, noch in uw manier van doen, integendeel!”

Door zichzelf via Moreau af te schilderen als een grote belofte wist Evenepoel telkens opnieuw geld los te peuteren van zijn vader: “Beste vader, je arme zoon was niet weinig in de war! En zelfs erg ontroerd. Ik stond naast mijn dierbare baas, die zijn blikken van tevredenheid niet onder stoelen of banken stak en achter mij hoorde ik hoe het atelier enthousiast instemde... Hij zei ook tegen me 'Ga nu maar in je eentje aan het werk, je hebt het gevonden, je bent jezelf!' ” Zo'n opmerking is vooral aardig als je de academische naakten bekijkt waar hij op dat moment, omstreeks 1894, mee bezig moet zijn geweest: vermoedelijk had hij ook graag zoiets van zijn vader te horen gekregen.

Het grote geheim dat Henri voor zijn vader verborgen hield, was zijn zoon Charles. Henri Evenepoel schilderde van Charles vlak voor zijn dood een meesterwerk waarin hij toont een eigen stijl gevonden te hebben. Kinderportretten zijn gauw sentimenteel maar deze 'Charles in gestreepte jersey' en profil neergezet tegen een sterk vereenvoudigde achtergrond van gedempte kleurvlakken heeft een ongekende kwaliteit. De kleuter - hij zal zo'n vijf jaar oud zijn geweest - staat op gele sloffen die hij verkeerd om aan lijkt te hebben gedaan. Zijn broek staat een beetje bol, zijn dikke buikje krijgt nog wat extra aandacht door de zwart-wit gestreepte trui en de zwarte strakke broek. Charles poseert met z'n handen in de zakken en kijkt melancholiek, alsof hij zich bewust is van de problematische omstandigheid waarin hij verkeert. Henri moet zijn zoon bekeken hebben op gelijke ooghoogte.

Evenepoel maakte in zijn stervensjaar 1899 ook nog een indrukwekkende foto van een slapende Charles. Ook dit keer kiest hij voor een gelijke ooghoogte. Door de rond gekrulde tralies van het bed zien we de jongen liggen in een onbeschrijfelijke chaos van gehaakte beddespreien dekens, kussens, knuffels en zelfs een hobbelpaard. Vader zit hier met z'n Kodak gehurkt op de rand van de twintigste eeuw.