Preventie-actie voorloper van keurmerk aan sportverenigingen; Landelijke campagne tegen blessures

ARNHEM, 15 APRIL. De strijd tegen het blessureleed in de sport gaat door. Deze maand wordt begonnen met de campagne 'Topteams zetten blessures buitenspel', waarbij trainers van jeugdteams worden ingeschakeld om de risicofactoren bij sportbeoefening terug te dringen. Ter motivatie van de trainers is aan de campagne een wedstrijd verbonden, waarbij de hoofdprijs een reis naar de Olympische Spelen in Atlanta is.

De campagne is een vervolg op de actie 'Blessures blijf ze de baas', die eerder door NOC*NSF in samenwerking met het NISG (Nederlands Instinstuut voor Sport en Gezondheid) en het SCV (Stichting Consument en Veiligheid) werd georganiseerd. Tijdens die campagne kwam aan het licht dat sporters moeilijk te doordringen zijn van het nut van oefeningen die blessurepreventie bevorderen. Daarom worden bij de vervolgactie de jeugdtrainers van verenigingen betrokken. Onder het motto: 'Wie de jeugd informeert, investeert in de toekomst'.

Belangrijk onderdeel van de actie is het begeleiden van trainers bij blessurepreventie. Uit de evaluatie van 'Blessures blijf ze de baas' (1989-1991) en uit verschillende onderzoeken is gebleken dat het ontbreken van praktische instrumenten een van de belangrijkste oorzaken is dat blessurepreventie nog onvoldoende in de praktijk wordt toegepast. Doel van de campagne is het ontwikkelen vam materialen waarmee trainers blessurepreventie binnen hun trainingen kunnen inpassen.

De actie is gebaseerd op drie thema's. Ten eerste een evenwichtige trainingsopbouw. Daarin is een conditietest opgenomen met instructiekaarten voor de trainers. Deze test is gericht op het voorkomen van blessures. Er wordt een speciaal telefoonnumer ingesteld waar de trainers informatie over de test kunnen krijgen.

Het tweede thema geldt eerste hulp bij blessures en begeleiden van herstel. De trainers krijgen een EHBO-doos met instructies en een lijst met revalidatie-oefeningen. Bij het derde thema wordt aandacht besteed aan de veiligheid van accommodaties en sportuitrusting. Daarvoor krijgen de trainers een speelveld op A4-formaat waarop getekend kan worden, en een map met foto's van beschermingsmaterialen, kleding en schoeisel.

Voor het seizoen 1994-'95 is de actie gericht op de sporten volleybal, hockey, korfbal, handbal, basketbal en rugby. Later zullen sporten als voetbal, tennis, atletiek en schaatsen aan bod komen. Trainers van de eerste zes sporten die geïnteresseerd zijn kunnen zich aanmelden bij het NISG. Zij worden ingeschreven voor een wedstrijd. Voor deze vorm is gekozen om de trainers tenminste een half jaar (het komende najaar) intensief bezig te houden met het terugdringen van blessures.

De deelnemende trainers (maximaal tweeduizend) krijgen de bijbehorende materialen. Van hen wordt verwacht dat ze met hun jeugdteam hun aanpak tijdens de trainingen op een video zetten. Daarvoor wordt hun in eerste aanleg geleerd hoe ze die moeten maken. Een voorbeeld-video is opgenomen met medewerking van de sport-entertainers Henk Spaan en Harry Vermeegen. Dit duo, dat als het gezicht van de campagne wordt gebruikt, fungeert uiteindelijk als jury.

De campagne wordt gevoerd in overleg met de respectieve medische commissie van de sportbonden en de verzekeraars die door het grote aantal blessures op steeds hogere kosten worden gejaagd. De voetbalbond blijkt sterk geinteresseerd in het terugdringen van blessures en bereidt een intensieve preventie-actie voor. Het is niet uitgesloten dat in de toekomst een keurmerk wordt verstrekt aan verenigingen die zich gewetensvol met blessurepreventie bezighouden. Deze actie kan gezien worden als een voorloper.