Patenten bolkop-machine altijd al bron van conflict

ROTTERDAM, 15 APRIL. Even is de elektrische bolkop-schrijfmachine weer terug in de belangstelling. Gisteren bepaalde een Amerikaanse rechter dat ABN Amro en dochter Mees Pierson een schadevergoeding van 425 miljoen gulden moeten betalen wegens haar betrokkenheid bij de overname van een failliete Remington-fabriek in Den Bosch.

Toen de Nederlandse Remington-fabriek, na een jarenlange verwaarlozing door moeder Remington Rand in de VS, ten slotte in 1981 failliet ging werd het bedrijf overgenomen door een groep Arabische beleggers die de werkzaamheden onder de naam BSI, Business Systems Inc., voortzetten.

Produktie en verkoop van de elektrische Remington bolkop-schrijfmachine SR-101 werd onder dezelfde naam en ook overigens zonder inhoudelijke wijzigingen voortgezet. Daarbij zou inbreuk zijn gemaakt op nog geldende octrooien van Remington Rand. In de opinie van de Killbar Corporation, rechtsopvolger van Remington dat later zelf bankroet ging, hebben de toenmalige banken Amro en Pierson daarin een laakbare rol gespeeld.

In 1983 ging ook BSI failliet. Dat was het definitieve einde van de produktie van bolkop-schrijfmachines in Nederland, dat een opvallende rol heeft gespeeld in de geschiedenis van de machines. Niet alleen Remington had een deel van de produktie naar Nederland gebracht, ook IBM liet hier bolkop-machines maken. “Nederland had een erg goede naam in de fabricage van fijn-mechnanische apparatuur”, zegt IBM. In de hoogtijdagen had de Amsterdamse IBM-fabriek 2.200 werknemers in dienst. (Remington had er 850.) In 1980 stopte IBM met de bolkop, in 1986 kwam aan alle activiteiten een einde.

Het principe van de typemachine met een verwisselbare bolkop stamt uit 1896 maar was pas in 1961 door IBM marktrijp gemaakt. IBM geldt daarom algemeen als de uitvinder van het systeem, maar ze heeft, zegt de Amsterdamse kantoormachinehandel Wilson (die ze nog levert), bij de ontwikkeling zwaar gesteund op de inspanningen van Remington die niet tot een commerciële produktie leidden. IBM en Remington hebben bij de marketing van hun bolkop-machines steeds in felle concurrentie geleefd. Toen de IBM-octrooien verliepen en Remington op de markt kwam met haar eigen bolkop verwierf IBM opnieuw een goed gepatenteerde voorsprong met de introductie van de correctie-toets. Opmerkelijk genoeg zijn de bolkoppen van IBM en Remington steeds uitwisselbaar geweest.

De elektrische bolkop-machine had als aantrekkelijkste eigenschap dat hij een snelle verwisseling van het lettertype mogelijk maakte. Bovendien kon ook de afstand tussen de letters worden gevarieerd, naar behoefte tikte men 10 of 12 letters per inch. Dankzij de gelijkmatige aanslag, kenmerk van alle elektrische schrijfmachines, was het verkregen typewerk bijna niet meer van echt drukwerk te onderscheiden.

Het hoogtepunt in elektro-mechanische techniek is door de komst van de chip de das omgedaan. In 1978 introduceerde Exxon, op de voet gevolgd door IBM, de 'elektronische' schrijfmachine waarin veel mechanica was vervangen door chips en printplaten. De nieuwe machines waren lichter en kleiner en bleken ook meer betrouwbaar. Het gebruik van een geheugen voor de opslag van de laatste zin of zinnen was bijzonder aantrekkelijk.

Maar ook de elektronische machines zijn door de halfgeleidertechniek zeldzaam geworden. Weldra verschenen de eerste wordprocessors (pure tekstverwerkers), daarna de breder inzetbare personal computers waarmee ook bestandsverwerking mogelijk was.