Partij schijnboksen tussen Mandela en De Klerk

JOHANNESBURG, 15 APRIL. Ze deden hun best, de Zuidafrikaanse president van vandaag en de president van volgende maand. Soms vertoonde het televisiedebat tussen Frederik Willem de Klerk en Nelson Mandela, twee weken voor de verkiezingen, zelfs trekken van een politiek gevecht - een beschuldiging hier, een steek onder water daar, een linkse directe die niet kon worden ontweken.

Maar hun politieke lot is zo vervlochten dat het eerste en enige debat tussen de lijsttrekkers van de Nationale Partij en het Afrikaans Nationaal Congres gisteravond niet kòn ontaarden in een echte confrontatie. In zijn slotwoord reikte Mandela De Klerk in een gebaar van verzoening zelfs de hand, en zei: “Laten we samen verder gaan, laten we samenwerken om een eind te maken aan verdeeldheid en achterdocht.” Dan zijn de scherpe kantjes van 72 minuten schijnboksen snel vergeten.

De 'zwevende kiezers' in Zuid-Afrika - volgens peilingen zo'n twintig procent van het electoraat, vooral onder blanken, kleurlingen en Indiërs - hebben het niet gemakkelijk. De twee belangrijkste partijen beloven niet alleen hetzelfde (huizen, banen, vrede), ze hebben ook afgesproken dat ze na de verkiezingen samen gaan regeren omwille van de 'nationale eenheid'.

Die ingebouwde coalitievorming maakt de Zuidafrikaanse verkiezingen tot een diffuse strijd tussen twee regeringspartijen, die onderling de oppositie moeten regelen. Kleinere partijen als de Democratische Partij, het Panafrikaans Congres of het Vrijheidsfront scoren zo laag in de peilingen dat vanuit het nieuwe parlement weinig weerstand tegen het nieuwe centrum te verwachten valt.

Wat dan overblijft, is presentatie en perceptie. De Klerk zette zichzelf neer als de ervaren staatsman, die het land ten goede heeft veranderd en zijn partij heeft ontdaan van haar besmette verleden. “De Nieuwe Nationale Partij”, zoals hij haar consequent noemt, moet het CDA van Zuid-Afrika worden: een christelijke middenpartij voor gematigde Zuidafrikanen, de schutspatroon van het gezinsleven, die het radicalisme van het ANC in toom zal houden. “Ik ben niet meer de leider van een blanke partij. Ik vertegenwoordig niet de blanken in Zuid-Afrika, maar een waardensysteem.”

Mandela presenteerde zich als de woordvoerder van het morele gelijk. Het ANC, zo zei hij, streeft in tegenstelling tot de recentelijk bekeerde NP al tachtig jaar naar een non-raciaal Zuid-Afrika. “Wij hebben de meeste ervaring in het bevorderen van nationale eenheid. Geen partij heeft zoveel verdeeldheid gezaaid als de zogenaamd nieuwe Nationale Partij.”

Maar beiden gaven openlijk toe dat ze na de verkiezingen met elkaar verder moeten om het land te helen. “Hulle is soos sout en peper. Suid-Afrika heeft albei nodig”, kopte het Afrikaner dagblad Beeld vanmorgen over zes kolommen op de voorpagina, onder drie foto's van 'de handdruk'.

Pag.8: Toon van verzoening bij Mandela en De Klerk

Als levende legende van de strijd voor mensenrechten heeft Mandela een voorsprong op De Klerk. De leider van de NP heeft een betere televisie-presentatie: hij kent het effect van de glimlach, kan in goed monteerbare soundbites spreken en weet wanneer hij de huiskamer van de kiezer moet binnenstappen.

Mandela is voor de camera vaak een houten onderwijzer, die in laag tempo meer declameert dan spreekt en liefst elk antwoord in context plaatst, te beginnen in 1913. Zijn media-trainers hebben hem de dagen voorafgaande aan het debat stevig aangepakt om dat verschil in presentatie te overbruggen. In eerste oefeningen wist Mandela zelden binnen de voorgeschreven drie minuten spreektijd te blijven. Pas op woensdag doorgrondde hij de kunst van het compacte antwoord.

Mandela ging in het debat pittiger te werk dan gewoonlijk. Hij viel De Klerk enkele keren aggressief aan, en schroomde niet op de man te spelen. De onderwerpen waren de voor de hand liggende, meestal uit de oude doos: de betrokkenheid van de staat bij het geweld, De Klerks onvermogen om de politie aan te pakken, en de achterstanden van zwarten in onderwijs, werkgelegenheid en huisvesting. Een paar keer beschuldigde Mandela De Klerk ervan “minder dan eerlijk” te antwoorden. Hij zwaaide zo vaak met de vinger in de lucht, dat Zuidafrikaanse kijkers af en toe hebben moeten terugdenken aan oud-president P.W. Botha, wiens handelsmerk hier werd ontvreemd.

In zijn hardste aanval haalde Mandela het omstreden verkiezingsmateriaal van de NP uit de Westkaap tevoorschijn. In het stripboek, 'Winde van Verandering' worden de kleurlingen, die in de Kaap in de meerderheid zijn, gewaarschuwd voor het ANC. “Kill the Boer, kill the coloured”, roept een ANC-jongere in de tekst. De NP heeft de strip na een veroordeling door een onafhankelijk verkiezingstribunaal inmiddels teruggetrokken, maar dat deed er voor Mandela niet toe. “Dit bewijst dat de zogenaamd nieuwe Nationale Partij nog steeds raciale haat aansteekt.”

De Klerk zei dat hij openlijk zijn verontschuldigingen voor het boekwerk heeft aangeboden. “De steun van kleurlingen voor mijn partij is warm en spontaan. Ik heb niet zoals u moeten inspringen om een kleurling gekozen te krijgen als voorzitter van mijn partij, omdat uw lokale mensen hem niet wilden kiezen”, sneerde De Klerk in een verwijzing naar Mandela's persoonlijke interventie die leidde tot de benoeming van dominee Allan Boesak als ANC-regiovoorzitter.

Zo hielden de twee elkaar in evenwicht: Mandela viel aan, De Klerk pareerde met goed gemikte tegenstoten. Mandela verwees naar de lijken in de kast van de NP, De Klerk verwees naar de kandidaten op de ANC-lijst die beschuldigd zijn van martelingen in ANC-detentiekampen. Mandela haalde uit naar de corruptie onder de NP-regering (en beloofde zijn eigen salaris als president te zullen verlagen), De Klerk wees fijntjes op de leiders van de door corruptieschandalen geplaagde thuislanden KwaNdebele en Lebowa, die op de ANC-lijst staan. Uiteindelijk viel Mandela terug op de toon van verzoening. “Ondanks al mijn kritiek op meneer De Klerk: u bent een van de mensen op wie ik vertrouw om de problemen van het land aan te pakken.”

De meeste waarnemers spraken na afloop van een gelijkspel, al leek De Klerk aan de winnende hand door zijn beheersing van het medium en de rol van de man die niet aanviel, maar zich bekwaam verdedigde. Voor de uitslag van de verkiezingen zal het weinig uitmaken. Mandela is de bevrijder, daar gaat het de overgrote meerderheid van Zuidafrikanen bij de verkiezingen om. Dat hij die bevrijding niet zonder De Klerk had kunnen bereiken, is over twee weken geschiedenis.

    • Peter ter Horst