'Om bedrijf Arie V. hing tot '85 kwalijke geur'

Met het textielbedrijf van Arie V. ging het in de jaren tachtig 'crescendo'. Tegelijkertijd werd er volgens ex-werknemers op grote schaal gesjoemeld met de belastingen.

ROTTERDAM, 15 APRIL. Wat had Elco Brinkman kunnen weten van het zwarte geld in het bedrijf van zijn oom Arie V.? De 'boeken' zwegen in alle talen; uit de jaarstukken viel niets onoirbaars te destilleren. “Het ging altijd crescendo met het bedrijf”, zegt een familielid van Arie V., Dirk, die veertien jaar commissaris was bij Arscop in Scherpenzeel, de beheersmaatschappij van textielbedrijf Hevatex.

“Eén keer per jaar kreeg je als commissaris de cijfers onder ogen die door de registeraccountant waren goedgekeurd. Dan is het toch in orde?” Brinkman volgde Dirk, een verre achterneef van Hevatex-directeur Arie V., in 1992 op, jaren na de zwart-geldaffaire. “Elco valt niets te verwijten”, zegt hij.

Andere ingewijden delen deze mening niet. Het was vooral de “kwalijke geur” rondom het textielbedrijf Hevatex die Brinkman had moeten ruiken. “Het is zeer vreemd dat zijn schoonvader, die commissaris was bij Hevatex, hem niet heeft gewaarschuwd”, zegt een vroegere staffunctionaris die in de jaren tachtig bij Hevatex werkte. “Want in de textielwereld heeft hij een dubieuze reputatie. Brinkman is op z'n minst wel heel erg naïef geweest.” De man vindt het “onvoorstelbaar” dat Brinkman commissaris werd van Arscop.

Het vroegere staflid was enkele jaren verantwoordelijk voor de financiën bij Hevatex en beheerde tevens de 'zwart-geldpot'. “Jaarlijks ging het om tussen de 2O0.000 en 240.000 gulden zwart geld. Negentig procent daarvan kwam bij Arie terecht, de rest mochten wij met vier stafleden verdelen ”, zegt hij. Hij heeft op 28 maart in een getuigenverhoor tegenover de FIOD verklaard dat Hevatex tot en met 1985 op grote schaal de belasting ontdook. “Het geld ging in een zwart kistje. Als het vol zat met honderdjes, wisselde ik de biljetten bij de bank om. Met twintig groene flappen stapte ik dan naar Arie.”

De vroegere stafmedewerker heeft “altijd met plezier” bij Hevatex gewerkt, maar vertrok eind jaren tachtig na een meningsverschil over het personeelsbeleid. Hij zette zijn carrière elders voort. Tegenover de FIOD heeft de man bevestigd dat het bedrijf Hevatex zelf naar de belasting was gestapt om schoon schip te maken. “De aangifte betrof de periode van 1980 tot en met 1985. Het bedrag dat Hevatex opgaf was slechts een beperkt deel van wat er werkelijk aan zwart geld in omloop was.” De FIOD toonde zich tijdens het verhoor zeer geïnteresseerd in wat zich in de eerste helft van de jaren tachtig bij Hevatex heeft afgespeeld.

De vroegere staffunctionaris heeft geen dubieuze praktijken meer kunnen waarnemen nadat Hevatex in 1985 de schikking met de belasting had getroffen. “Over de periode na 1985 heb ik geen verklaring kunnen afleggen.” Brinkmans schoonvader was als commissaris in elk geval op de hoogte van de schikking. “Op zichzelf is dat een correcte man die de onderneming een socialer en fatsoenlijker aanzien wilde geven. Van de omvang van het zwarte-geldcircuit zal hij waarschijnlijk niets hebben geweten”, zegt de vroegere stafmedewerker.

Volgens de vroegere Arscop-commissaris en achterneef van Arie V. is Hevatex naar de fiscus gestapt, nadat commissarissen “bij gerucht” hadden vernomen dat er zwart geld in omloop was en zij directeur Arie om opheldering hadden gevraagd. “Ik dacht: Arie, nu zul je op de mat moeten. Je bent zo kwetsbaar als wat en je maakt mij ook kwetsbaar. Ik was directeur van een gerenommeerd expertisebedrijf en kon dat gedoe helemaal niet hebben. Zijn reactie was: 'Ach: Ik heb wel eens wat uit de winkella moeten halen'. Arie zag onmiddellijk in hij daarmee moest stoppen.” Hij zegt het zich niet te kunnen voorstellen dat daarna nog is gesjoemeld. “Technisch blijft dat natuurlijk altijd mogelijk.” Ingewijden die anoniem willen blijven beweren dat de schikking met de fiscus een andere achtergrond had. De stap was noodzakelijk om van een vroegere chef boekhouding af te komen die slecht functioneerde, “maar niet viel te ontslaan omdat hij te veel wist”. De man werd in 1986, direct na de regeling met de belastingdienst, op straat gezet nadat hij eerder al naar de afdeling export was weggepromoveerd.

Arie V. zou volgens het vroegere staflid de commissarissen “in zijn zak hebben gehad”. Het bedrijf maakte in de jaren tachtig een grote bloei door. “Op een omzet van veertien miljoen gulden werd drie miljoen winst gemaakt.” Hevatex had een permanente voorraad met een waarde van tussen de vier à vijf miljoen gulden. De fiscale waardering lag echter aanmerkelijk lager: één à twee miljoen gulden. “Je kon jaarlijks zo voor 2,5 ton aan de voorraad onttrekken, zonder dat iemand het merkte.”

Elco Brinkman kwam regelmatig bij Arie V. - de oom van zijn echtgenote - over de vloer. Bij jachtpartijen trad Brinkman als 'drijver' op. “Elco is een man die niet rookt en niet drinkt. Hij ziet dat drijven als joggen”, licht achterneef Dirk toe, die vaak met Arie op jacht gaat. “Arie jaagt op grof wild, ik op fijn wild. Hij schiet als een scheermes.” Over het pistool dat justitie bij Arie aangetrof, zegt hij: “Veel jagers op grofwild hebben voor het genadeschot nu eenmaal een vuistvuurwapen.”

Ondanks de problemen in de textielindustrie bouwde Arie V. een florerende fourniturenzaak op. Behalve in broekband doet Hevatex onder andere ook in klittenband en Heva Light, de fluorescerende strip waarmee joggers en politiemensen in het donker zijn uitgerust. De wijd vertakte familie zit al jaren in de textiel; tussen Arie en de andere verwanten botert het niet best. Zijn verre neef Ton nam onlangs demonstratief het bedrijf Ubino in Den Bosch over, ooit opgericht door ontevreden personeel van Arie V. De naam Ubino staat voor: 'Uit Bittere Noodzaak'.

In juni 1989 werd Hevatex voor 80 procent verkocht aan het Britse conglomeraat Whitecroft voor een bedrag van 4,5 miljoen pond (toen ruim 15 miljoen gulden). Dat bedrag belandde in de vorm van deposito's in de boeken van Arscop, dat in feite veranderde in een beleggingsmaatschappijtje met Arie V. als directeur. Per 31 maart 1992 nam Whitecroft de resterende 20 procent in Hevatex over voor tegen de miljoen pond (toen 3,15 miljoen gulden).

Arie wilde, zo zeggen ingewijden, Elco Brinkman altijd graag als commissaris van Arscop hebben. “Hij maakte zich steeds drukker om wat er met het geld zou gebeuren als hij er niet meer zou zijn”. Voor het vermogensbeheer stelde hij ABN Amro manager Leo Schenk als commissaris aan. Familielid Brinkman zou vooral voor het gezin optreden. Een vriend van de textielfamilie: “Elco heeft terecht die verantwoordelijkheid op zich genomen. De twee zoons van Arie zijn door persoonlijke omstandigheden niet in staat hun vader zakelijk bij te staan en zijn dochter is daar nog te jong voor.”

    • Harry Meijer