Kind krijgt inzage gegevens over afstamming

DEN HAAG, 15 APRL. Het recht van het kind om te weten wie zijn natuurlijke vader is prevaleert boven het recht van de moeder dit geheim te houden.

Dit heeft de Hoge Raad vanmorgen uitgesproken in een beroep in cassatie dat was aangespannen door vijf vrouwen, die werden geboren in het tehuis voor ongehuwde moeders Moederheil in Breda, het tegenwoordige Valkenhorst.

De Hoge Raad besliste eveneens dat Valkenhorst aan een van de vrouwen binnen vijf dagen afschriften moet geven van het dossier waaruit kan worden opgemaakt wie haar vader is. Valkenhorst is ook veroordeeld tot betaling van de proceskosten.

Met deze uitspraak van het hoogste rechtscollege is, zegt een van de vrouwen, de 50-jarige Riet Monteyne uit Eindhoven, een einde gekomen aan vijf jaar strijd om een algemeen geldend inzagerecht in de afstammingsgegevens. Monteyne had al eerder bij rechterlijke uitspraak het volledig inzagerecht in het dossier van Valkenhorst gekregen, maar wachtte met de gebruikmaking ervan totdat de Hoge Raad een voor alle kinderen geldende uitspraak zou doen.

Monteyne ging vijf jaar geleden gedurende 31 dagen in een tentje bij de ingang van Valkenhorst in hongerstaking om het inzagerecht af te dwingen. De rechtbank in Breda oordeelde in eerste instantie dat Valkenhorst alleen inzage hoefde te geven aan kinderen om er achter te komen wie hun moeder was. In hoger beroep besliste het gerechtshof in Den Bosch dat het inzagerecht om òòk te weten wie de vader was alleen mocht worden gegeven als de moeders dat wilden of als ze inmiddels waren overleden.

De Hoge Raad heeft nu beide vonnissen nietig verklaard. Daarmee is het rechtscollege tegemoetgekomen aan de inzichten van zowel de advocaat van de vijf vrouwen, mr. J.C. van Oven, als aan die van advocaat-generaal mr. T. Koopmans. Koopmans had in zijn schriftelijke toelichting onder meer geschreven: “Het recht op eigen indentiteit maakt deel uit van het persoonlijkheidsrecht en de kennis over de afstamming is onontbeerlijk voor de kennis van die identiteit. Het kind dat kennis over zijn afstamming eist, oefent derhalve een grondrecht uit, ook al wordt het persoonlijkheidsrecht noch in de Europese verklaring van de rechten van de mens noch in de Nederlandse grondwet met zoveel woorden erkend.” Het afstammingsrecht is wel neergelegd in het Europese verdrag van het kind.