Aandacht zonder wellust

Een bloedstollende afdaling van een wiebelige ladder uit de nok van het theater. Drie kwartier naakt lopen met alleen schoenen aan of de hele voorstelling lang met als enige vorm van outfit wat oranje gel op het kortgeknipte hoofd. Een scheldkannonade waaruit blijkt hoe fysiek een stem kan zijn. Een rondje ondubbelzinnige telefoonseks. Allemaal op het toneel, allemaal uitgevoerd door acteurs. En wij moeten daar naar kijken?

Ja, dat moeten we. En dat willen we, want juist deze spelers maken waar dat er op dit moment, in deze voorstelling, in deze zaal niets anders kan bestaan. Dat is hun macht.

Die macht manifesteert zich niet in maniertjes, niet in aandachttrekkerij. Deze acteurs verlaten zich op vakmanschap, op inzet, op het bijna tastbare geloof in wat ze staan te doen. En op hun bereidheid de macht op het podium te delen met medespelers, met de regisseur, met de schrijver van het stuk. Niet voor niets spreken de acteurs in deze serie van een hechte band met een regisseur. Voorstelling na voorstelling werd er samengewerkt, ontstond een uniek vertrouwen, dat hen in staat stelt nu alles te durven, zonder schaamte, zonder de angst misbruikt te worden.

Ze zijn sterren, maar sterren waren ze juist niet. Anti-sterren - dat was het niet-bestaande woord dat we intuitief kozen. Diva en idool, zonder de traditionele allures, doelwitten van de aandacht, zonder de wellust om zich in die aandacht te wentelen. Opvallend onopvallend namen ze hun plaatsen in. Hoewel ze jong zijn, gemiddeld een jaar of 33, bevolken ze al seizoenen lang de podia, bepalen ze inmiddels het gezicht van het Nederlandse toneel. Ze winnen terrein in de filmkunst, die schoorvoetend begint in te zien dat doorsnee sterren zich opdringen en anti-sterren zich overgeven.

Het bleek het moeilijkst de anti-ster te begrenzen en precies te definieren. Wie vroeg naar de betekenis van ons zelfgefabriekte begrip, kreeg hakkelend antwoord. Toch begon de serie die vandaag eindigt. De foto's die Rineke Dijkstra ter illustratie maakte, zijn een sprekend onderdeel. Als anti-sterren al bestaan, dan zien ze er zo uit. Tussen de vermaarde belichting waarmee Josef von Sternberg dramatische schaduwen toverde op het gezicht van Marlene Dietrich en Dijkstra's kale portrettering van zomaar tien, ietwat sjofel ogende jonge mensen, ligt een wereld van verschil. Sterren poseren, zeker op foto's. In het geval van deze anti-sterren bestond de pose uit de afwezigheid daarvan.

Dat ze geen sterren zijn, komt niet doordat het ze aan allure ontbreekt, maar omdat een glamoureus imago hun vrijheid zou stelen en hen zou beletten hinderlagen te leggen. Niet om het publiek gevangen te nemen of zelfs maar te choqueren, wel om het te verhinderen zich af te wenden van de inhoud.

Anti-sterren zijn sterren voor de duur van een voorstelling. Daarna verdwijnen ze. Tot een volgend stuk.

    • Joyce Roodnat
    • Pieter Kottman