Van Thijn: korpsen moeten meer politie op straat brengen

DEN HAAG, 14 APRIL. Minister Van Thijn (binnenlandse zaken) wil politiekorpsen verplichten meer agenten op straat te brengen. In overleg met de korpsen komen er streefcijfers voor de uitbreiding van de sterkte, waaraan de korpsen zich moeten houden.

De politieministers Van Thijn en Hirsch Ballin (justitie) overlegden gisteren met de Kamer over een rapport dat de Algemene Rekenkamer onlangs uitbracht over de besteding van de financiele middelen door de politie. Daarin werd geconcludeerd dat in de jaren 1986-1993 nauwelijks extra politiemensen op straat zijn gekomen, ondanks een toename van het budget met ruim een miljard gulden. De politiekorpsen bleken veel geld te hebben besteed aan apparatuur, huisvesting en materieel. Het politiepersoneel dat er in die jaren bijkwam was overwegend voor administratief werk aangetrokken. De 1.900 man extra personeel waarin het politiebudget voorzag kwam er niet. Volgens Van Thijn is dat te verklaren omdat een aanzienlijk deel van die 'kwijtgeraakte' groep politieagenten op dit moment nog in opleiding is.

De Kamer had na een voorstel van het Kamerlid Dijkstal (VVD) vorige zomer om het onderzoek door de Rekenkamer gevraagd toen bij de partijen het vermoeden was gerezen dat de politiesterkte nauwelijks was toegenomen. De Kamer verweet de bewindslieden van binnenlandse zaken en justitie toen dat zij daarover geen duidelijkheid konden verschaffen. Het vermoeden van de Kamer werd onlangs bevestigd in het rapport van de Rekenkamer. “De oren en ogen van de Kamer hebben meer opengestaan dan die van de politieministers”, zei D66'er Kohnstamm gistermiddag. Zijn collega in de oppositie Wiebenga (VVD) herinnerde de bewindslieden aan “het primaat van de politiek”. Als de Kamer vindt dat het geld moet worden besteed aan politiemensen op straat, dan moet dat ook gebeuren, aldus Wiebenga. Minister Van Thijn sloot zich daarbij aan en beloofde erop toe te zullen zien.

De Kamerfracties zijn verontrust over het feit dat de Rekenkamer ondanks grote inspanningen geen exacte cijfers kon geven over de feitelijke sterkte van de korpsen. Op de departementen, maar ook bij de korpsen bleken hierover onvoldoende gegevens te bestaan. Volgens minister Van Thijn worden met de korpsen afspraken gemaakt om sneller gegevens te leveren. Die zullen in een databank worden opgeslagen zodat het ministerie beter inzicht in de ontwikkeling van de totale politiesterkte krijgt.

Van Thijn wees erop dat het aantal opleidingsplaatsen op de politiescholen moet worden uitgebreid als de Kamer extra agenten wil. Nu varieren de wensen van de Kamerfracties van 6.000 tot 10.000 extra politiemensen, bovenop het huidige totaal van 41.000. Op de politiescholen is op dit moment plaats voor ruim duizend leerlingen. Van Thijn heeft met de scholen gesproken over een verdubbeling van dat aantal.