ROB VAN GENNEP 1937 - 1994; Geëngageerd uitgever

Wie regelmatig langs het moderne antiquariaat van Van Gennep aan de Amsterdamse Nieuwezijds Voorburgwal kwam kent het tafereel. Daar stond Rob van Gennep, 'uitgever en boekverkoper van faam' energiek en overmoeibaar als een volleerde verhuizer de boeken te verslepen die hij kort tevoren tegen een hoogst aantrekkelijke prijs voor zijn winkel en die van andere gegadigden had weten binnen te praten.

Het tekende de man die gisteren aan de gevolgen van een zeldzame ongeneeslijke spierziekte in zijn huis in Amsterdam is overleden, bijna 57 jaar oud. Robert Onslow van Gennep was niet alleen een gedreven boekenman in de intellectuele zin van het woord maar ook een zakenman in hart en nieren, vitaal, charmant, vol vernieuwende ideeën. De oudste uitgever heeft hij niet mogen worden maar ooit was hij de jongste van die dagen toen hij in 1962 met de inmiddels overleden classicus J.B.W. Polak een eigen zaak begon na een leertijd als vertegenwoordiger bij uitgeverij Moussault. Eerder richtte hij met onder meer Johan Polak Cartons voor letterkunde op. Een literair tijdschrift waarin vele nu nog bekende schrijvers en dichters debuteerden. Polak & Van Gennep werd in de bewogen tweede helft van de jaren zestig al snel een begrip in (links) intellectuele kring. Polak leefde zijn grote passie uit door het uitgeven van dichters als Gorter en Bloem, in bijkans perfecte vorm, Van Gennep stuurde deze verliesgevende liefhebberij bij door de lezers samen met zijn rechterhand J.H. Jansen te voorzien van de quality paperback met moderne binnen- en buitenlandse literatuur en later ook met boeken van een meer politiek geladen inhoud. Zo stond de uitgeverij met Tien over rood aan de weg van nieuw links in de Partij van de Arbeid. Van Gennep begon met de Kritiese Biblioteek, een reeks waarin auteurs als André Gorz en Ernest Mandèl hun socialistische theorieën ontvouwden. In 1991 zei Van Gennep in deze krant: “Ik was begonnen met de Kritische Biblioteek, waar Johan niet zoveel mee ophad. En terwijl het Dagboek van Che Guevara - dat we met z'n achten in drie dagen tijd hebben vertaald - met duizenden werd verkocht, ging de opbrengst zitten in het verzameld werk van P.C. Boutens, waarmee ik als vertegenwoordiger van onze uitgeverij langs de boekhandels moest.”

Zakelijke verschillen van inzicht, naast politieke, veroorzaakten in 1968 een breuk tussen de twee compagnons. Op 1 januari 1969 richtte Van Gennep met Jaap Jansen een eigen bv op, mogelijk gemaakt door de ruimhartige financiële ruggesteun van Polak en met de hulp van vijfhonderd aandeelhouders. Uitgeverij en boekhandel Van Gennep, waarvan de medewerkers in naam nog steeds een collectief vormen en die veel minder verdienen dan gebruikelijk in de branche, maakte de eerste jaren vooral naam met 'linkse' boeken onafhankelijk van enige politieke stroming en emanciperend van aard. Van Genneps streven was er altijd op gericht winst te maken, hoe marginaal ook. De bv overleefde een staking tengevolge van een conflict over de zeggenschap in het collectief, een jarenlange brouille met een aantal belangrijke feministische auteurs en tenslotte ook de tanende belangstelling voor het politieke boek.

Vanaf het begin van de jaren tachtig sloeg de uitgeverij weer een literaire richting in. Van Gennep introduceerde hier onder meer de Zuidafrikaan Breyten Breytenbach en de Hongaarse schrijvers Györgi Konrad en Peter Nadas. De huidige fondslijst vertoont in die zin geen breuk met het verleden en is nog altijd 'geëngageerd'.

In zijn laatste vraaggesprek met de Volkskrant van 4 maart zei Van Gennep, toen al ernstig ziek, dat er tegenwoordig onder druk van de harde concurrentie nog maar weinig 'nette' uitgevers zijn. Zelf hoorde hij bij die kleine groep. Uitgevers en schrijvers uit de hele wereld overlaadden hem de laatste maanden met blijken van hun genegenheid. In de Nederlandse boekenwereld stond Van Gennep bekend als altijd integer en loyaal. Al was het maar vanwege zijn jarenlange inzet voor het behoud van de vaste boekenprijs.

In hetzelfde gesprek meldde hij zich te hebben neergelegd bij de gedachte “dat ik dood ga voor mijn tijd”. Voor zijn naasten en voor allen die hem lief hadden en met hem werkten is zijn dood te vroeg gekomen, veel te vroeg.

    • Ite Rümke