Kamer: asielzoekers uit 'veilige landen' moeten sneller land uit

DEN HAAG, 14 APRIL. De Tweede Kamer is gisteravond akkoord gegaan met een wijziging van de Vreemdelingenwet die bepaalt dat vluchtelingen uit nog nader te benoemen veilige landen sneller het land kunnen worden uitgezet. Meer kansloze asielzoekers kunnen hiermee uit de schaarse opvang worden gehouden, aldus staatssecretaris Kosto (justitie).

Veilige landen zijn landen waar volgens het wetsvoorstel 'geen vervolging is te duchten'. Een uitzondering wordt gemaakt voor de vluchteling uit een veilig land die een asielaanvraag doet op grond van “bijzondere omstandigheden die, in afwijking van de algehele situatie aldaar, het vermoeden kunnen wekken dat hij niettemin gegronde reden voor vervolging te vrezen heeft”.

Deze vluchtelingen uit veilige landen - volgens Justitie ongeveer vijf procent van alle asielzoekers - moeten wel zelf aannemelijk maken dat in het land van herkomst vervolging dreigt. Als Justitie hun verzoek afwijst, kunnen ze bij de rechter tegen die beslissing in beroep. De overheid zorgt tot die uitspraak niet voor onderdak, volgens Kosto om te voorkomen dat in het buitenland het beeld ontstaat “dat je in Nederland altijd wel opgevangen wordt. Dat is dus niet zo”.

Hoewel Kosto niet kon aangeven wanneer een land precies als veilig kan worden bestempeld, zullen op de lijst van veilige landen van herkomst in elk geval de landen voorkomen die Duitsland op een soortgelijke lijst hanteert. Voor asielzoekers uit veilige landen die uit Duitsland wegmoeten heeft het daarom geen zin een asielverzoek in Nederland in te dienen.

De Tweede Kamer wil niet dat het ministerie van justitie op eigen houtje beslist welke landen als veilig moeten worden aangemerkt. Daarover moet de Kamer voluit kunnen meepraten, aldus een vrijwel Kamerbreed gesteunde motie. Kosto legde zich erbij neer dat de Kamer vooraf toestemming moet geven.

Hoewel een meerderheid van de Kamer instemde met de wetswijziging, wezen enkele fracties er op dat er niet al te veel heil van moet worden verwacht, temeer omdat asielzoekers uit veilige landen, zoals Polen, nu al vrijwel geen kans maken in Nederland te blijven.

Het Tweede-Kamerlid Wiebenga (VVD) noemde het wetsvoorstel om die reden “niet zo belangrijk”. Leerling (RPF) zei dat “niets zich tegen het aannemen van dit wetsvoorstel verzet, maar nuttig lijkt het ook niet”. Het Tweede-Kamerlid Wolffensperger (D66) constateerde dat deze nieuwe aanscherping van de Vreemdelingenwet, al is die volgens hem nog zo gering, haaks staat op de voorgenomen harmonisering van het Europese asielbeleid. “We zijn bezig met een psychologische oorlogvoering. We proberen het beeld van Nederland naar buiten toe te vergrimmigen.”