Fietsen op de snelweg

Informatie en informatiebeleid. 12e jaargang nr 1, voorjaar 1994. Kwartaaltijdschrift van uitgeverij Otto Cramwinckel, Herengracht 416, 1017 BZ Amsterdam, tel. 020-6276609. Jaarabonnement ƒ 140,- (ƒ 90,- voor leden van enkele verenigingen). ISSN 0167-9740.

Net als je aardig op dreef bent met schrijven van een verhaal, boven op een ladder staat te verven of pizzadeeg aan het kneden bent - Trriinnngggg....!!!! De terreur van de telefoon. Soms zou het best handig zijn om van te voren even te weten wie dat nou weer is en of het echt zo dringend is.

De oplossing, zeggen de telecommunicatiefabrikanten, heet Calling Line Identification. Op een beeldschermpje aan je rinkelende telefoon verschijnt het telefoonnummer van degene die belt en vaak weet je dan meteen wel wie het is. Deze methode heeft een aantal voor- en nadelen, die in het jongste nummer van het kwartaalblad Informatie en Informatiebeleid tegen elkaar worden afgewogen.

Kiezen om al of niet op te nemen geldt als voordeel, en dit systeem oogt minder omslachtig en onsympathiek dan een antwoordapparaat dat net doet alsof je niet thuis bent. Hijgers en schelders kunnen met Calling Line Identification snel worden opgespoord. Alarmdiensten zoals 06-11 kunnen iemands adres snel achterhalen als de beller dat in paniek is vergeten door te geven. In het zakelijk gebruik kan Calling Line Identification prettig zijn voor de pizzabezorgdienst om snel na te gaan of het telefoonnummer klopt met het opgegeven bezorgadres. En als het het binnenkomende nummer wordt gekoppeld aan een databank heeft men meteen het complete dossier van de beller bij de hand. Ook kan het nummer worden opgeslagen en later weer voor telemarketing-doeleinden gebruikt.

Dat brengt ons meteen op de nadelen. Introductie van Calling Line Identification vormt een inbreuk op de privacy van de beller en kan leiden tot een stortvloed van telemarketing en aanverwante junk-calls. Ook kan het een drempel vormen om anonieme hulplijnen zoals de kindertelefoon of de Aidslijn te bellen, of een anonieme tip aan de politie door te geven.

Volgens de ontwerpers van het systeem zijn er drie varianten denkbaar. Bij No Blocking wordt het bellende nummer altijd doorgegeven. Bij Per Call Block wordt het nummer doorgegeven, tenzij de beller bij het telefoontje een extra code intoetst om zijn nummer ditmaal niet te tonen. Per Line Block houdt in, dat het nummer van die telefoonlijn nooit wordt doorgegeven, met als eventuele extra variant de Per Call Unblock waarbij je een extra code gebruikt voor een telefoontje waarbij je nummer wél in beeld mag verschijnen.

Op dit moment buigt het ministerie van verkeer en waterstaat zich over een voorstel van de PTT om het nieuwe systeem in ons land in te voeren, met de mogelijkheid om per telefoontje of per lijn het doorgeven van je nummer te blokkeren. Volgens de PTT zou dat blokkeren gratis moeten zijn.

Ook in Engeland is het systeem in discussie. British Telecom deed een "veldproef' rond het Noordschotse plaatsje Elgin, waar 480 huishoudens het systeem een tijdje op proef kregen, alleen voor lokaal gebruik. 95 procent van de deelnemers, zo meldt het verslag, vond het idee erg nuttig en wilde het ingevoerd zien, tegen 85 procent van de dorpsgenoten die zelf niet in de proef zaten. Voordat de proef begon dacht 55 procent van de blokkeermogelijkheid gebruik te maken, uiteindelijk bleek minder dan 1 procent dat ook echt te doen.

Of zo'n onderzoek in een dorp, waar iedereen elkaar kent, veel zegt blijft de vraag. Zakelijk telefoonverkeer viel buiten de proef, en over kosten werd niet gerept.

Bij een andere Britse enquète, uitgevoerd door het Office of Telecommunications, bleek de animo meteen flink te dalen als men bijvoorbeeld zo'n vijftien gulden per kwartaal zou moeten bijbetalen. Dan bleek nog maar 22 procent van de mensen geïnteresseerd te zijn. Het Britse ministerie heeft nu voorgesteld om het nieuwe syseem in te voeren, met voor particulieren de mogelijkheid om per gesprek gratis het doorgeven van hun telefoonnummer te blokkeren, en alleen voor specifieke lijnen een mogelijkheid om het doorgeven van het nummer standaard te blokkeren.

Is dat de keus waarmee de consument het meest gebaat is? Je telefoonnummer geef je niet zomaar aan iedereen, dat is een bewuste keuze, waarvoor je zelf actie moet ondernemen, zo betoogt student communicatiewetenschappen Alexander Blanc in het blad Informatie en Informatiebeleid. Vanuit die gedachte lijkt het logischer dat je nummer niet automatisch wordt doorgegeven tenzij je actie onderneemt, maar juist alleen wanneer je daar als beller speciaal opdracht toe geeft.

Het systeem zou dus standaard met per line block en per call unblock moeten worden geleverd. Gevreesd mag worden dat het dan geen commercieel succes wordt. Overigens bestaan er al alternatieven, waarbij de privacy van de beller niet wordt aangetast. Het is technisch mogelijk om ongewenste telefoontjes van een bepaald nummer automatisch te weigeren (call reject) of na een ongewenst telefoontje, zoals vals alarm bij de alarmcentrale, het nummer van de beller via de centrale automatisch op te sporen (call trace).

Informatie en informatiebeleid is een sjiek, gedegen en ietwat droog vakblad, waaruit je met enig geduld heel wat opsteekt over mobitex, adhocratie (zo noemen ze een netwerkorganisatie) en plug and play pakketten. In het voorwoord wordt de overheid aangemoedigd om ervoor te zorgen dat je straks, als de elektronische snelweg thuis tot je voordeur komt, daar als burger gewoon rustig en goedkoop over kunt fietsen. Het geheel wordt stijlvol omlijst met zwart-wit-tekeningetjes van klassieke ballonvaarten en zeppelins. Ook de vier adelaars waarmee de Perzische koning Cyxares volgens de legende kon vliegen ontbreken niet.

    • Marion de Boo