Zoveel gemeenten, zoveel nieuwe colleges; Amsterdam: Tegen tweedeling

PvdA, D66 en de VVD hadden in Amsterdam weinig bedenktijd nodig om elkaar te vinden als collegepartners.

Ze waren het er voor de verkiezingen eigenlijk al over eens dat ze niet nog eens vier jaar met GroenLinks in het college wilden zitten. Die fractie werd wel “de beste opppositiepartij” genoemd. En na de verkiezingen bleek de VVD voldoende gegroeid om GroenLinks ook officieel naar de oppositie te verbannen.

De ene wethouder van GroenLinks, Saris (die overigens louter lof werd toegezwaaid als loyaal college-lid) werd verruild voor een van de VVD. Drie-twee-twee is de verhouding nu in Amsterdam, waarbij de PvdA de zwaarste portefeuilles heeft gekregen en, zoals gisteren bekend werd, ook de burgemeester levert.

De collegepartijen streven naar 'een stad zonder tweedeling', zo staat in de preambule op het programakkoord. En die tweedeling dreigt te ontstaan door de werkloosheid van 80.000 Amsterdammers. De belangrijkste taak die dit college zich stelt is de bevordering van werkgelegenheid. Enerzijds wordt de bestaande bedrijvigheid ondersteund, anderzijds wordt dienstverlenende arbeid gestimuleerd, onder het motto 'het werk ligt op straat'.

Tweede programpunt, daarmee samenhangend, is de verbetering van het onderwijs en met name het terugdringen van de schooluitval. Als die programpunten inderdaad de belangrijkste worden in de komende periode, is J. van der Aa de belangrijkste wethouder van Amsterdam. Van der Aa, rector van het Calandlyceum,is een van de nieuwe gezichten die de PvdA voor de verkiezingen had beloofd.

De twee andere PvdA-wethouders zijn D. Stadig (volkshuisvesting en ruimtelijke ordening) en G. ter Horst (personeel en organisatie, grondbedrijf en stedelijk beheer). Waarnemend burgemeester F. de Grave (VVD) blijft loco-burgemeester en wethouder van financiën.

    • Monique Snoeijen
    • Arjen Schreuder
    • Rob Schoof
    • Bas Blokker
    • Bert Determeijer
    • Jacques Herraets
    • Karin de Mik
    • Frank Poorthuis